Nieuw plan fotocentrum Amsterdam

Amsterdam krijgt een nieuw, particulier centrum voor hedendaagse fotografie. De officiele naam zal zijn `Huis Marseille, stichting voor hedendaagse fotografie', genoemd naar het 17de-eeuwse pand op de Keizersgracht 401 waar het gevestigd zal worden. Initiatiefnemer en financierder is de familie De Pont, die eerder in Tilburg een centrum voor eigentijdse beeldende kunst oprichtte. Eerdere contacten van Huis Marseille met het Prins Bernhard Fonds, dat de vele `foto-miljoenen' uit het Wertheimer-legaat beheert, hebben tot niets geleid.

Tot directeur van het nieuwe fotocentrum, dat nu al verbouwd wordt is Els Barents benoemd, oud-conservator fotografie van het Stedelijk Museum in Amsterdam. Zij is vorige week aangesteld. Barents, nog werkzaam op het ministerie van Buitenlandse Zaken, zal begin volgend jaar met haar werkzaamheden beginnen. Naar verwachting wordt het centrum najaar 1999 geopend.

De oprichting van het nieuwe fotocentrum wordt bevestigd door Hendrik Driessen, directeur van centrum De Pont in Tilburg. Driessen als bestuurslid van Huis Marseille betrokken bij de planontwikkeling weigert evenals Barents details over opzet en budget bekend te maken. “We zullen binnenkort officieel naar buiten treden', aldus Driessen

De stichting De Pont is vernoemd naar de in 1987 overleden advocaat auto-importeur (Mercedes-Benz) en kunstverzamelaar mr. J.H. De Pont. Het kapitaal van de stichting is geheim, maar insiders schatten het op ten minste dertig miljoen gulden.

Driessen onderstreept dat het fotocentrum evenals het centrum De Pont in Tilburg particuliere initiatieven zijn, opgezet zonder enige vorm van overheidssteun. “De gemeente Amsterdam is op de hoogte, maar is er financieel niet bij betrokken.'

Enthousiaste reacties op nieuw fotocentrum in Amsterdam

De plannen staan eveneens los van het in juni door het bestuur van het Prins Bernhard Fonds (PBF) genomen besluit om het uit het legaat van Hein Wertheimer (25 miljoen gulden) te financieren fotomuseum in Amsterdam te vestigen. Driessen: “Het initiatief voor dit fotocentrum is afkomstig uit de familie De Pont zelf en is al genomen voordat het bestaan van het Wertheimer-legaat bekend werd gemaakt.'

De stichting heeft wel vooraf contact gezocht met het PBF-bestuur om eventuele mogelijkheden tot samenwerking te onderzoeken.

Dat contact heeft tot niets geleid aldus Driessen. Het stichtingsbestuur heeft verder gesproken met het Instituut Collectie Nederland (ICN) dat eerder dit jaar in opdracht van het PBF onderzoek verrichtte naar de mogelijke besteding van het Wertheimer-legaat. Volgens het ICN-rapport (waarin op verzoek van De Pont slechts sprake is van `een particuliere Stichting') zou het bij Huis Marseille gaan om een presentatiepodium van circa 800 tot 1.000 vierkante meter, waarbij `de fotografie sterk vanuit de optiek van de beeldende kunst zal worden benaderd'.

Huis Marseille streeft verder naar samenwerking met het Stedelijk Museum in Amsterdam. Volgens Hripsime Visser, conservator fotografie van het Stedelijk Museum, is over mogelijke samenwerking reeds gesproken met de directie van het Stedelijk Museum. Visser zegt het initiatief toe te juichen. Het exposeren van werk uit de fotocollectie van het museum zegt zij niet uit te sluiten.

Het PBF weigert elk commentaar op de voornemens van de stichting Huis Marseille evenals op de vraag of de plannen van invloed zullen zijn op de besluitvorming rond het Wertheimer-legaat.

Over dit legaat en het daaruit te financieren fotomuseum is nog altijd strijd gevoerd tussen Amsterdam en Rotterdam. Het bestuur van het PBF koos jongstleden juni mede vanwege het ontbreken van voldoende expositieruimte voor fotografie in Rotterdam, voor vestiging van het museum in Amsterdam.

Voorwaarde daarbij was dat ook de in Rotterdam gevestigde nationale fotoinstellingen (Nederlands Foto Instituut en Nederlands Fotoarchief) erin opgenomen zouden worden. Rotterdam weigert evenals het ministerie van OCW (medefinancier van de fotoinstellingen) vooralsnog echter iedere medewerking aan dit plan.

Over de mogelijke verbinding van het Wertheimerlegaat aan het centrum van De Pont schrijft het ICN in zijn rapport: `Het is de vraag of de Stichting een bijdrage - en de ongetwijfeld daaraan gekoppelde resultaatafspraken - accepteert'. Wel merkt het tevens op: `De schaal van het podium is bescheiden waardoor een eventuele bijdrage uit de Wertheimer-erfenis zichtbaar blijft.'

Loek van der Molen, directeur van het Nederlands Foto Instituut in Rotterdam, zegt enkele maanden geleden `in de wandelgangen' iets over de plannen te hebben vernomen. Hij reageert zeer positief op het initiatief van de familie De Pont. Hij zegt te hopen dat het beleid van het centrum in het verlengde zal liggen van dat in Tilburg. Van der Molen: “Uitdagend en inhoudelijk ambitieus dus. Zoiets is een welkome aanvulling op het Nederlandse fototentoonstellinsbeleid.'

Flip Bool, directeur van het Nederlands Fotoarchief in Rotterdam, reageert eveneens enthousiast, hoewel hij evenals Van der Molen nog niet op de hoogte is van de exacte plannen van Huis Marseille. Bool: “De plannen komen tegemoet aan het tekort aan expositieruimte in Amsterdam.'