Onevenwichtige hulde

D.A. Pennebaker heeft een grote reputatie als filmer van documentaires over uiteenlopende onderwerpen als een tournee van Bob Dylan, begin jaren zestig (Don't Look Back), tot en met de verkiezingscampagne van Bill Clinton (The War Room). Vanavond zendt het Uur van de Wolf een van zijn meest recente producties uit, Searching for Jimi Hendrix. Het is een voorbeeld van Pennebakers minder geslaagde werkstukken.

Het oorspronkelijke plan was ongetwijfeld zinvol: in plaats van een film over het leven van Jimi Hendrix, wilde hij een beeld geven van de manier waarop hedendaagse muzikanten tegen Hendrix' muzikale erfenis aankijken. De vorm die hij daarvoor koos was die van het `tribute' vergelijkbaar met de hulde-cd's die de laatste jaren zijn verschenen waarbij allerlei muzikanten een cd vullen met hun versie van nummers van een bepaalde artiest. Dus spelen muzikanten als Laurie Anderson, Los Lobos, Cassandra Wilson, Chuck D en anderen hun favoriete Hendrix-song.

Pennebakers motivatie om juist deze muzikanten te kiezen blijft onduidelijk en laat zich ook niet zomaar raden. Want de invloed van Hendrix is bij geen van deze mensen in het oog springend. Zijn invloed zo moeten we maar aannemen, ligt vooral op het emotionele vlak. “Ik was nooit meer dezelfde, nadat ik Hendrix had zien spelen in de Hollywood Bowl', zegt een lid van Los Lobos. “Zijn wereld sloot precies aan bij die van mij', zegt bluesgitarist Charlie Musslewhite. “Ik had altijd meer met seksueel ingehouden artiesten, totdat ik Jimi zag. Het seksuele en het spirituele, het was er allemaal - beangstigend', zegt Roseanne Cash.

Ook over zijn muziek zeggen ze het een en ander, maar de meesten komen niet verder dan cliches als dat hij `zijn tijd ver vooruit was'. Alleen Laurie Anderson zegt iets aardigs over zijn manier van spelen: `landscaping' noemt ze het en imiteert zijn knarsende gitaarspel. Ondertussen zien we de verschillende muzikanten aan het werk, in de studio, thuis of live op het podium. De resultaten zijn nauwelijks interessant te noemen.

Uit haar versie van Angel blijkt vooral dat jazz-zangeres Cassandra Wilson een mooie stem heeft.

Discodiva Taylor Dane daarentegen kweelt er op los in The Wind Cries Mary, en maakt daarbij geen moment aannemelijk wat ze nou met Hendrix `heeft' behalve dat ze hem een geile beer vindt. Het onbekende gezelschap The Illegals neemt een mooie versie op van Little Wing en The Blind Boys of Alabama doen iets a capella's met Drifting. Verrassend is de Engelse bijdrage van Neville Staple die vroeger bij The Specials zat. Hij heeft nog altijd een opruiende ruigheid in zijn stem.

Maar de muzikaal mooie momenten staan los van Hendrix. Neville Staple's stem was ook opgevallen als hij een eigen compositie had gezongen, Cassandra Wilson had ongetwijfeld ook geimponeerd met een liedje van Billie Holiday. Dit allegaartje van mensen en hun muzikale stijlen is te onevenwichtig om iets te verduidelijken over die hoegenaamd imposante muzikale erfenis van Jimi Hendrix. En opnieuw is het Laurie Anderson die lachend de spijker op zijn kop slaat: “Ik zou degene vermoorden die dit mijn liedjes aandeed.'

Het Uur van de Wolf: Waar is Jimi Hendrix?, Ned.3, 23.23-0.23u.