...DREES LEKTE OOK, DUS WAAROM KOK NIET?...

Premiers als bron van lekkages moeten zeker niet over het hoofd worden gezien, meent ook de Leidse bestuurskundige Mark Bovens. Hij schreef een van de weinige wetenschappelijke artikelen die over lekken en kwekken zijn verschenen. (Beleid & Maatschappij, 1993/2). Zelfs iemand als de toch als degelijk en integer bekend staande premier Willem Drees was er volgens Bovens niet vies van, al dienden zijn lekkages een honorabel doel.

“Het verhaal gaat', schrijft Bovens, “dat Willem Drees in de tijd dat hij premier was altijd de namen voor burgemeestersbenoemingen liet uitlekken, omdat er in die tijd nogal wat kandidaten rondliepen met een dubieus oorlogsverleden. Als er na een tijdje niets boven water kwam, kon hij die persoon veilig benoemen.'

Bovens vestigde de aandacht op de verschillende achtergronden en motieven achter lekkages. Er kan een strategie aan ten grond slag liggen, zoals bij het bovenstaande voorbeeld. Maar toeval kan even goed een rol spelen. Zo wijst Bovens erop dat zeker na de explosie van (elektronische) communicatietechnieken (e-mail, fax, mobiele telefoon) de toevalsfactor serieus moet worden genomen.

En was de beroemdste lekkage, die leidde tot de Watergate-zaak, oorspronkelijk geen kwestie van toeval? Toen de twee Washington Post-journalisten Woodward en Bernstein een bezoekje brachten aan een hoofdofficier van justitie in Washington, bleek diens bureau helemaal bedekt te zijn met documenten die betrekking hadden op het onderzoek naar de inbraak in het Watergate-hotel. Links vooraan op het bureau van de officier lag een brief van de firma die vermoedelijk betrokken was geweest bij de levering van de afluisterapparatuur van de inbrekers. Nadat de twee journalisten de firma hadden gebeld, kwam de zaak aan het rollen. Overigens werden zij later via heimelijke gesprekken verder geholpen door de beroemde deep throat, een medewerker van het Witte Huis.