De crisis is voorbij, lang leve de crisis

Op de valreep heeft Saddam Hussein met een concessie Amerikaans-Britse luchtaanvallen voorkomen. De wapeninspecteurs van de VN mogen weer aan het werk. Het grote kiekeboe-spel van Irak met UNSCOM kan verder.

De crisis is voorbij, lang leve de crisis. Treiterend traag maakte de Iraakse leider Saddam Hussein dit weekeinde alsnog een knieval voor Washington, zijn allerlaatste kans om een al in gang in gezette Amerikaans-Britse militaire aanval te vermijden. Liefst vier Iraakse brieven - waarvan drie desgevraagd ter toelichting - waren er voor nodig om de Amerikaanse president Clinton de luchtaanvallen te laten afblazen en te laten bevestigen dat de Iraks medewerking met de VN-wapeninspecteurs “onvoorwaardelijk' was.

Daarmee is Saddam er opnieuw in geslaagd de wereldgemeenschap op het hoogste niveau te tarten, in verwarring te brengen en uiteen te spelen: de internationale eensgezindheid over de Iraakse ongehoorzaamheid - zowel binnen de VN-Veiligheidsraad als de Arabische wereld - brokkelde dit weekeinde in ijltempo af toen Saddam schriftelijk meldde weer mee te werken met de wapeninspecteurs van UNSCOM. Westerse diplomaten waren geirriteerd door de haast waarmee VN-secretaris-generaal Kofi Annan zaterdag Iraks eerste brief onmiddellijk en op eigen houtje als een “positieve ontwikkeling' verwelkomde, terwijl Clintons veiligheidsadviseur Sandy Berger ditzelfde epistel met een bijlage van twee pagina's als een Zwitserse gatenkaas afdeed.

Frankrijk, Rusland en China sloten zich snel aan bij Annan, en in hun voetspoor Arabische staten. Volgens the Washington Post was Saddam er zelfs in geslaagd de Amerikaanse regering binnenskamers te verdelen: Berger - de adviseur naar wie Clinton het meest luistert - was voor uitstel van de luchtaanvallen, de ministers Albright en Cohen en stafchef generaal Shelton tegen; Clinton had volgens sommige medewerkers overigens al dagen te lang gewacht met toeslaan.

Saddam heeft met zijn concessie op de valreep de schade van zijn roekeloze opzegging van de medewerking met UNSCOM beperkt, in zekere zin het initiatief heroverd en onderstreept dat vooral hij de zetten in dit crisisfeuilleton kan bepalen: hij kan luchtaanvallen over zich afroepen, maar ze kennelijk ook tegenhouden - zelfs met dubbelzinnige brieven terwijl de bommenwerpers al in de lucht hangen. Zijn toegeving van dit weekeinde is allesbehalve ruimhartig: net ruim genoeg om luchtaanvallen te voorkomen, maar zeker niet ruim genoeg om te concluderen dat dit nu de laatste van de cyclische confrontaties tussen Irak en de VS was. Irak zwakte de eisen tot opheffing van de economische sancties en het ontslag van UNSCOM-chef Richard Butler mondjesmaat af tot “meningen en voorkeuren' - maar voor hoelang?

Het grote kiekeboe-spel van Irak met UNSCOM kan nu weer worden vervolgd. Zodra de VN-inspecteurs opnieuw aan het werk gaan, begint de Iraakse “Versla-UNSCOM-industrie', zoals UNSCOM-chef Richard Butler Bagdads machinaties met massavernietiginswapens noemt, weer op volle toeren te draaien. Het eindeloos verplaatsen van deze wapens - waarmee naar schatting duizenden Irakezen belast zijn - zal ook na dit weekeinde onverminderd doorgaan omdat Saddam al zeven jaar liever deze wapens verbergt dan dat hij verlost wordt van de economische sancties; de dood van naar schatting tienduizenden Iraakse kinderen ten spijt.

President Clinton heeft geen glasharde garanties dat Irak niet binnenkort opnieuw VN-resoluties zal schenden. Het Amerikaanse optreden van dit weekeind biedt Irak in elk geval geen serieuze aanleiding om met het verstoppen van de wapens op te houden: voor Saddam zal de belangrijkste les zijn dat hij UNSCOM kan saboteren, zolang hij de inspecteurs het werk maar niet helemaal onmogelijk maakt en hij de VN-resoluties maar niet al te flagrant schendt.

Ook vanuit Amerikaans-Brits perspectief bezien is een einde van dit ritueel nog lang niet in zicht. Frankrijk Rusland en China, de drie overige vaste leden van de V-raad, willen een opheffing van het olie-embargo, maar vooral de VS zijn daar zeer tegen. Zolang Saddam aan de macht is, lijkt een opheffing van de economische sancties onwaarschijnlijk. En UNSCOM biedt de VS daartoe een formeel argument: zolang de wapeninspecties niet zijn afgerond en Irak formeel niet is ontwapend, kan van zo'n opheffing geen sprake zijn, menen de Amerikanen.

De VS en de Britten houden hun militaire materieel nog even op peil in de Golf om te bezien of UNSCOM weer ongehinderd aan het werk kan. Nu zij - zoals het er op dit moment uitziet - geen militair pak slaag hoeven uit te delen en ook niet hoeven na te denken over een politieke strategie na eventuele bombardementen, kondigde president Clinton gisteren aan de VS zich meer zullen inspannen om Saddams regime te ondermijnen via grotere steun aan de oppositie. Maar hoe ver kunnen de VS daarin gaan? Dit weekeinde is weer gebleken dat zolang ze niet bereid zijn beslissende stappen te zetten om Saddam te verwijderen, al hun andere acties - zoals kostbare, niet uitgevoerde militaire dreigementen - slechts half werk zijn.