Vrijheid van apothekers aan banden; Besparing medicijnkosten

Apothekers mogen in de toekomst zelf geneesmiddelen blijven inkopen, maar de zorgverzekeraars krijgen daarvoor de verantwoordelijkheid. Het inkomen van de apotheker is niet langer afhankelijk van zijn winkelomzet.

Dit is een van de maatregelen die minister Borst (Volksgezondheid) gisteren heeft gepresenteerd om aanzienlijk te besparen op de kosten van medicijnen.

De apothekers worden in 1999 met 150 miljoen gekort en er komt een onderzoek naar de hoogte van de kortingen en bonussen die zij op dit moment nog bij de leveranciers bedingen en naar hun daadwerkelijke praktijkkosten. Dit heeft landelijke apothekersorganisatie KNMP met Borst afgesproken.

Borst gaat voorts onderzoeken of het mogelijk is de verstrekking van maagzuurremmers, cholesterolverlagers en antidepressiva aan grenzen te binden. Volgens de minister worden met name deze geneesmiddelen te veel voorgeschreven, zo schrijft ze in het plan van aanpak voor de farmaceutische zorg waar het kabinet gisteren ook akkoord mee is gegaan.

De minister heeft besloten om nog even te wachten met het verwijderen uit het ziekenfondspakket van die geneesmiddelen die ook zonder recept verkrijgbaar zijn. Tot die middelen behoren pijnstillers. Deze worden soms door artsen ook aan chronische patienten voorgeschreven. Deze mogen volgens Borst echter niet de dupe worden van de maatregel: zij gaat daarom komende maanden hoe daarin kan worden voorzien.

Beperking van de groei van de medicijnkosten is volgens Borst essentieel voor de gehele zorgsector: lukt het niet om de kostenstijging tot 1,7 miljard gulden (in 2002) te beperken, dan is er minder geld voor de rest van de sector beschikbaar, zo waarschuwt de minister. Zij wil daarom dat vooral huisartsen en medisch specialisten er alles aan gaan doen om hun ('te gemakkelijke') voorschrijfgedrag te veranderen. Met zowel specialisten als huisartsen is nu afgesproken dat deze gaan werken met de formularia die samen met apothekers worden opgesteld.

In deze formularia wordt aangegeven welke medicijnen bij welke aandoening de voorkeur verdienen. De huisartsen gaan bovendien 'verplicht' het elektronisch formularium gebruiken dat onder meer door het Huisartsengenootschap is ontwikkeld. De minister verwacht dat alleen al daardoor in 2002 een besparing van minimaal 300 miljoen gulden netto haalbaar is.