Vergeefs protest tegen sloop Bislett; 'Ik ben een man van de oude stijl en zou een paar dagen willen huilen'

Noorse buurtbewoners protesteerden gisteren met een alternatieve begrafenisstoet tegen de sloop van Bislett. Het schaatsmekka wordt een atletiektempel. “Die mensenmassa was net een zwerm bijen', zegt Kees Verkerk.“Bislett stond altijd blauw van de alcohol', herinnert Hilbert van der Duim zich.

Toen schaatsen nog een natuursport was, reden de beste schaaters bij voorkeur in Bislett. Voor het oog van dertigduizend beschonken Noren, voor het oog van de fanatieke Noorse koning Olav, die nauwgezet de rondetijden noteerde. Bislett was het mekka van de schaatssport: zwart natuurijs witte sneeuwranden en bontgekleurde toeschouwers. Toen schaatsen nog een natuursport was, koesterde Bislett illustere kampioenen. Hjalmar Andersen Fred Anton Maier, Dag Fornaess, Sten Stensen en Rolf Falk-Larssen. Toen schaatsen nog een volkssport was en Johan-Olav Koss nog niet was opgestaan als Noorse vlag op een modderschuit.

De Nederlander Hein Vergeer was in 1986 de laatste triomfator in Bislett. Schaatsen op natuurijs werd een te groot risico voor de internationale schaatsunie (ISU). In een akelig stil stadion werd Vergeer gehuldigd als Europees kampioen. De lege tribunes waren een flauwe afspiegeling van een rijke historie. Vergeer reed in een periode dat de Noren zich en masse van het schaatsen hadden afgekeerd. Vergeer kan niet meepraten over de gloriejaren van Bislett toen de indoorbanen nog op de tekentafel lagen en de weersomstandigheden medebepalend waren.

Kasteleinszoon Kees Verkerk uit Puttershoek tegenwoordig campinghouder in het Noorse Kristiansand, bewaart mooie herinneringen aan Bislett. “In februari scheen er meestal een lekker zonnetje, dan had je van die knaldagen. Maar bij de Nieuwjaarswedstrijden kon het goor koud zijn, vooral als het een beetje mistig was. Dan was het ijs keihard en kreeg je de ijzers niet waar je ze hebben wilde. Ze liepen zo onder je benen weg.'

Arbeiderszoon Hilbert van der Duim uit Heerenveen, tegenwoordig economieleraar in het Drentse Assen, had meer oog voor de randverschijnselen in Oslo.

“Ik herinner me vooral de blote dames die na afloop laveloos op de tramrails lagen. Ze trokken de broek uit omdat ze de plas niet meer konden ophouden. Bislett stond altijd blauw van de alcohol. Ze stookten daar een illegaal drankje, Norwegian Moonshine, dat ze vermengden met koffie. Dat spul bevatte tachtig procent alcohol! Ik heb daar heel wat toeschouwers per brancard zien vertrekken.'

Voor Verkerk was Bislett een springplank naar de internationale top. De kleine stilist voelde zich thuis op natuurijs. Hij trainde in de wintermaanden regelmatig in Noorwegen. Hij werd in 1967 wereldkampioen in Bislett. Hij reed een wereldrecord puntentotaal, hoewel de Noorse laaglandbaan in theorie niet geschikt was voor wereldrecords. De wedstrijdspanning en de bijzondere ambiance gaven de meeste rijders vleugels.

“Bislett voelde als mijn thuishaven', zegt Verkerk. “Het kon daar echt koken, op de tribunes was het net een zwerm bijen. Met zo'n ambiance kon je niet slecht schaatsen. Ard Schenk en ik waren heel populair, ze juichten net zo hard voor ons als voor de Noren. Wij spraken hun taal, wij gaven interviews in het Noors. Daar zijn ook prachtige vriendschappen ontstaan. Fred Maier wordt binnenkort zestig, dan komen we elkaar allemaal weer tegen.'

Voor Van der Duim was Bislett een spooklocatie. De gespierde stilist leerde schaatsen op de onoverdekte kunstijsbaan van Thialf. In Oslo kreeg hij zelden de juiste slag te pakken. Hij vloog regelmatig uit de bocht, mede veroorzaakt door de harde sneeuwrand. Hij was gewend aan kunststof blokjes die de baanhelften markeerden. Maar zijn valpartijen waren minder spraakmakend dan zijn regenboogpak en zijn vergissing bij het luiden van de bel voor de laatste ronde.

Van der Duim wordt nog regelmatig geconfronteerd met zijn vreemde capriolen in Bislett.

“Dat regenboogpak was verzonnen door Gerben Karstens, die toen bij mijn sponsor werkte', vertelt Van der Duim. “Hij kwam uit het wielrennen en wilde de wereldkampioen bij het schaatsen in het zonnetje zetten. Ik was net een verschrikkelijke sneeuwman in dat pak van hem. Op de 500 meter reed ik prima, maar op de vijf kilometer had ik pap in de benen. Iedereen dacht dat het regenboogpak de oorzaak was mijn coaches ook. Daarom moest ik de volgende dag tegen mijn zin het oranje pak aantrekken. Maar toen reed ik even slecht. Na de prijsuitreiking heb ik Falk-Larssen, de nieuwe wereldkampioen een tweede regenboogpak aangeboden. Ik geloof niet dat hij er ooit een wedstrijd in gereden heeft. Mijn eigen pak hangt nu in een cafe in Heerenveen.'

Van der Duim praat nuchter over zijn geruchtmakende vijf kilometer in 1981. “Door het enorme kabaal heb ik me een keertje vergist in het aantal rondjes. Ik dacht dat ik de bel hoorde, maar blijkbaar was het iets anders wat de klok sloeg. Gewoon een black-out. Een stukje spanning. Toen ik over de finish gleed, stond iedereen te klappen en te schreeuwen. Ik dacht dat ik een wereldtijd had gereden maar toen ik zag dat Egbert van 't Oever driftig stond te zwaaien, begreep ik dat er iets niet pluis was. Een humoristische affaire, of niet soms?'

Ondanks zijn slechte resultaten is Van der Duim (41) nog steeds enthousiast over Bislett. “Een uitmuntend stadion. Ik herinner me ook die enorme tankwagen die na de eerste dag over het ijs ging. Dat ding moest alle ribbels wegsproeien.' Verkerk (56) was eerst tegen de sloop van Bislett. Na een telefoongesprek met zijn Noorse schaatsvriend Fred Anton Maier is hij van mening veranderd.

“Ik ben een man van de oude stijl en zou graag een paar dagen willen huilen. Maar die atletiekbaan is blijkbaar nodig aan vervanging toe. Alleen vraag ik me af waarom ze die stenen hoofdtribune niet laten staan? Ik heb vijftien jaar geleden in Bislett nog een benefietwedstrijd gevoetbald, voor de bouw van nieuwe kleedlokalen. Al dat zweet is achteraf allemaal voor niks geweest.'

    • Jaap Bloembergen