Oase van weemoed en jazzy muzikaliteit

Voorstelling : Kerstmis in April door Maarten van Roozendaal m.m.v. Egon Kracht, Regie : Eva Bauknecht

Maarten van Roozendaal zingt zich vaak de rafels aan zijn stembanden en toch is hij vooral een verteller. Hij zit aan de vleugel, tikt met de rechtervoet het ritme hoorbaar mee en zingt nummers die muzikaal alle kanten uit kunnen gaan - bluesy, ingetogen, swingend als een barpianist of zo klassiek als een luisterlied. En in al die nummers vertelt hij een verhaal dat van regel tot regel onvoorspelbaar blijft, met sterke beelden en een compacte woordkeus.

Vier jaar geleden, toen hij het Amsterdams Kleinkunst Festival won leek Maarten van Roozendaal een nachtvlinder wiens blues was overgoten met ironie. Hij rookte, dronk en trok zijn strot open in liedjes van ongeluk en stomme pech.

Dat was al mooi genoeg. Maar in zijn nieuwe programma Kerstmis in April is Van Roozendaal veel veelzijdiger. Hij levert niet alleen zingzeggend een tragikomisch verslag van een geestdodend familie-avondje, maar zingt ook een beeldschoon chanson als het verstilde Alsof er niets is gebeurd. In tere zinnen roept hij het beeld op van het maandelijkse bezoekrechtweekendje van een gescheiden vader en hij weet raak de cafepraat van een man op de versiertoer te typeren. Bovendien zette hij twee gedichten van Jean Pierre Rawie op muziek - in een strakker schema geschreven dan zijn eigen teksten, maar onmiskenbaar geestverwant.

In niet geringe mate wordt de sfeer van de voorstelling versterkt door Egon Kracht die onverstoorbaar jazzy aan de contrabas plukt of strijkend een gonzende, zoemende laag van weemoed en verlangen legt onder de kloeke klanken van de vleugel. Samen maken ze Van Roozendaals optreden tot een kleine oase van originaliteit en muzikaliteit.