Gevreesd en zeer autoritair; Abdullah Ocalan

Abdullah Ocalan, de leider van de Koerdische Arbeiders Partij (PKK), is al meer dan twintig jaar staatsvijand nummer een in Turkije. Zijn arrestatie in Rome leidde gisteren tot grote opwinding in Turkije, waar hij wordt gezien als de man die verantwoordelijk is voor de dood van ruim 30.000 mensen in de afgelopen vijftien jaar.

Ocalan studeerde politieke wetenschappen in Ankara in de jaren zeventig en was actief in de linkse studentenbeweging. Maar al snel verliet hij dat toneel om leider te worden van de door hem opgerichte marxistisch-leninistisch georienteerde PKK, die in augustus 1984 een guerrilla-oorlog in het Koerdische zuidoosten van Turkije lanceerde. Een strijd die tot op de dag van vandaag voortduurt.

De PKK vocht aanvankelijk voor een onafhankelijk Turks-Koerdistan en de vereniging van de Koerden in Turkije, Iran, Irak en Syrie in een staat, ook al werd dat idee nooit geaccepteerd door de Koerden buiten Turkije. Zeker niet in Irak, waar de Koerden enerzijds het slachtoffer zijn van tal van brute slachtingen van de Iraakse machthebbers, maar anderzijds als minderheid werden geaccepteerd. Dit in tegenstelling tot Turkije, waar de Koerden tot voor enkele jaren slechts als BergTurken werden aangemerkt.

De guerrilla-oorlog bereikte zijn hoogtepunt gedurende de jaren 1989 tot 1993. Duizenden Koerdische rebellen controleerden vrijwel volledig het Koerdische zuidoosten en ze voerden tal van gewapende aanvallen uit op militaire- en burgerdoelen in deze regio. Het Turkse leger voerde in 1993, gedurende het premierschap van de eerste vrouwelijke regeringsleider in Turkije, Tansu Ciller, de strijd tegen de PKK aanzienlijk op. Het gevolg was dat de burgerbevolking meer en meer tussen twee vuren kwam te zetten en werd gedwongen te kiezen voor samenwerking met het staatsleger of de PKK. Duizenden dorpen, waarvan de inwoners weigerden dorpswachters uit hun midden te kiezen, werden door de Turkse militairen ontruimd en geheel of gedeeltelijk in de as gelegd. Miljoenen dorpelingen vetrokken naar stedelijke gebieden.

Daardoor verminderde de logistieke ondersteuning van de PKK aanzienlijk.

Sinds ruim een jaar is de controle over Zuidoost-Turkije weer in handen van het leger. Tegelijkertijd opereren Turkse militairen op grote schaal in Noord-Irak in de strijd tegen de PKK. Na de Golfoorlog in 1991 is deze Koerdische enclave, die sinds die tijd niet langer onder het gezag van Bagdad valt steeds meer de uitvalsbasis van de PKK geworden. Syrie stelde Ocalan jarenlang in de gelegenheid om zowel vanuit de hoofdstad Damascus als vanuit kampementen van de PKK in het door Syrie gecontroleerde deel van de Bekaa-vallei in Libanon leiding te geven aan de Koerdische nationale strijd. Dat was al die tijd een bron van grote irritatie in Turkije, maar Damascus ontkende tot vorig maand dat de PKK op zijn grondgebied werd getolereerd en dat er sprake was van trainingsbases.

Onder dreiging van oorlog slaagde Ankara er vorige maand in tot een vergelijk met Damascus te komen: Ocalan werd het land uitgezet, de PKK-strijders verdwenen grotendeels naar Noord-Irak en de kampementen van de PKK in Syrie werden gesloten. De laatste weken hield Ocalan zich volgens Ankara schuil in een voorstad van Moskou, maar de Russische autoriteiten gaven dat nooit openlijk toe.

De PKK-voorman profileerde zichzelf de afgelopen tijd steeds meer als een politiek leider dan als het hoofd van een terreurorganisatie. Zijn oproep tot een eenzijdig staakt-het-vuren per 1 september is het meest recente voorbeeld daarvan. De PKK stelde bovendien haar eisen bij: zij beijvert niet langer voor een onafhankelijk Koerdistan maar voor politieke en culturele rechten voor de Koerden in Turkije. Ocalan is evenwel een zeer autoritaire leider die geen tegenspraak duldt en die de PKK altijd met ijzeren hand heeft geregeerd.

De afgelopen jaren werden tal van Koerdische activisten die zijn strijdmethoden in twijfel trokken, vermoord, zowel in Europa als op het oorlogsveld. De meest prangende vraag na Ocalans arrestatie is op welke manier het wegvallen van de grote leider, lange tijd het symbool van de Turks-Koerdische strijd, de Koerdische beweging in Turkije beinvloedt.