De tuin is geen sluitpost meer; Totale omvang particuliere tuinmarkt flink gestegen

Tuinieren is in. Tuinen worden steeds vaker als een lucratieve investering beschouwd. Er zijn ruime financieringsmogelijkheden en de belastingdienst is ook tuinvriendelijk.

'Klussen en tuinieren' (SBS6), ,Eigen huis en tuin' (RTL 4), 'Home front in the garden' (BBC). Je kunt tegenwoordig de televisie niet meer aanzetten of er verschijnt een kwieke tuinspecialist op het scherm die uitlegt wat het verschil is tussen een knol- en een bolgewas (bij knollen is het reservevoedsel egaal verdeeld, bij bollen zit het in de schubben) en wat de beste snoeimethode is voor een dakplataan (parasolvormig).

Tuinieren is in en dat is te merken ook. Uit recent onderzoek van de Nederlandse Vereniging Behartiging Tuinbranche (VBTB) blijkt dat de totale omvang van de particuliere tuinmarkt in Nederland is gestegen met liefst 25 procent: van 2,4 miljard in 1994 naar 3 miljard in 1997. Het gemiddelde Nederlandse huishouden besteedt jaarlijks 459 gulden aan de tuin, de gemiddelde tuinbezitter 700 gulden. 'De aandacht van de media voor de doe-het-zelfsector, en specifiek de tuin, blijft groot en neemt zelfs toe,' concludeert de VBTB. 'Nadat een product in een uitzending is geweest, kan de vraag de week daarna enorm toenemen.' Uit het onderzoek blijkt voorts dat met name bouwmarkten en tuincentra profiteren van de groeiende belangstelling. Maar ook de interesse voor kwekerijen hoveniersbedrijven en tuinarchitecten neemt toe. De tuin is allang geen sluitpost meer.

Tuinen - mits ze goed onderhouden zijn - worden steeds vaker als een lucratieve investering beschouwd. Dat blijkt vooral uit de ruime financieringsmogelijkheden. Voor het aanleggen van een droomtuin kan de lopende hypotheek worden verhoogd, een tweede hypotheek worden afgesloten of een aflossingsvrije- of krediethypotheek worden genomen. Voor hypothecaire leningen moet uiteraard een notaris worden ingeschakeld en afsluitprovisie worden betaald, maar deze zijn weer aftrekbaar bij de fiscus.

Al bij al is de belastingdienst redelijk tuinvriendelijk. Een voorbeeld: stel u wilt 20.000 gulden investeren in een nieuwe tuin en u valt met uw salaris in de 50 procent schaal. Dan kunt u de hypotheek verhogen met 20.000 gulden tegen een rente van 6 procent. Dat is 50 gulden per maand.

Naast het afsluiten van een hypothecaire lening bestaat sinds enkele jaren ook de mogelijkheid om een tuin te leasen. Het idee is simpel: tegen betaling van maandelijkse termijnen wordt een tuin ontworpen, aangelegd en desgewenst ook onderhouden (finance-lease) door een erkend hoveniersbedrijf. Bij de leaseprijs is een jaar garantie op de planten, alsmede een tuin-, storm- en natuurschadeverzekering inbegrepen. In de betalingstermijn - die in overleg kan worden vastgesteld - zit een rentecomponent die in beginsel aftrekbaar is van de inkomstenbelasting. In beginsel, omdat de belastingdienst een verschil maakt tussen huiseigenaren en huurders; de eerste groep kan de rente onbeperkt aftrekken, de tweede groep krijgt te maken met beperking van consumptieve renteaftrek. In 1998 is consumptieve rente aftrekbaar tot een bedrag van 7.500 gulden (gehuwden: 15.000 gulden). Die grens wordt vanaf 1999 verlaagd tot respectievelijk 5.000 gulden en 10.000 gulden.

Tuinleasen kan vanaf 3.000 gulden bij GardenLease, een product van het bedrijf Arena bv, dat weer een dochteronderneming is van de ING-groep. Volgens GardenLease levert deze financieringsmethode tuinliefhebbers aanzienlijk voordeel op, omdat zij hun spaargeld gedurende de leasetermijn kunnen vasthouden. Bij een aanschafprijs van 20.000 gulden, een leasetermijn van 120 maanden, een leasebedrag van 252,57 gulden en een rentepercentage van 9,3 procent bedraagt de totale kredietvergoeding 10.308,40 gulden.

Zet de klant het aankoopbedrag tien jaar lang op een rendementspaarrekening (gemiddelde rentevergoeding 5 procent), dan levert hem dat 12.577,89 gulden op. Trek daar de kredietvergoeding vanaf en hij houdt een voordeel van 2.269,49 gulden over. Hoe mooier en duurder de tuin, des te groter het voordeel voor de klant.

Maar hoe zit het met de vele tuinliefhebbers die liever volgens het tienstappenplan werken? Zij kunnen natuurlijk ook zelf bij een hoveniersbedrijf of tuinarchitect te rade gaan. De tuinarchitect neemt het ontwerp voor zijn rekening, de hovenier zorgt voor de uitvoering en aanleg. Dat kan varieren van het simpele snoeiwerk tot het bouwen van daktuinen en het aanleggen van paden en opritten. Het is evenwel niet ongebruikelijk dat de tuinarchitect zijn eigen ontwerp uitvoert, want het beroep tuinarchitect is nog altijd onbeschermd. Het uurloon voor een hovenier ligt rond de 65 gulden, maar door de moordende concurrentie werken veel hoveniers onder de richtprijs. Ook opvallend is dat zij lang niet allemaal dezelfde berekening aanhouden; sommige hoveniersbedrijven rekenen per vierkante meter, andere houden een module aan tussen de 5 en 15 procent van de koopsom van het huis. Voor een eenvoudige tuin van 10 bij 5 meter rekent het gemiddelde hoveniersbedrijf ongeveer 7.000 gulden.

Getuige het toenemend aantal televisieprogramma's over tuinieren en de stijgende oplagecijfers van bladen als Mijn Tuin en Tuinieren wroet de Nederlander voorlopig het liefst zelf in zijn achtertuin. Een flinke kostenbesparing, mits de tuinliefhebber niet zijn eigen kuil graaft.