Sint-de-mijter-wegsmijter; WIN JE NAAM IN CHOCOLADELETTERS

Misschien denk je wel: wat doet Sinterklaas eigenlijk als hij niet in Nederland is? Dit weekeinde komt hij per stoomboot uit Spanje aan, en alle Nederlandse (en Belgische) kinderen wachten vol smart op hem. Ze hebben het Intertoys-speelgoedboek al twintig keer van voren naar achteren gelezen, en al tien proef-verlanglijstjes opgesteld. Ze hebben de kladjes van brieven voor Sint al klaarliggen.

Maar hoe is dat de rest van het jaar, als de oude kindervriend in Spanje op zijn kasteel zit? Voelt hij zich dan niet eenzaam en verlaten?

Nee, dat valt wel mee. De Sint heeft een heel afgelegen kasteel aan de kust, daar waar het strand overgaat in de rotsen. De Sint heeft een privestrandje in een verscholen baai, zodat hij ongestoord in zijn blote buik en zijn rood-wit gestreepte lange zwembroek aan zee kan liggen.

Het is een onvindbaar baaitje - vandaar dat je als je in Spanje op vakantie bent, de Sint nooit ziet. Zijn kasteel ligt verscholen tussen de rotsen, met een lange trap naar het strand. En uit de hoogste kasteeltoren kan de Sint met een sterke verrekijker grote delen van de Spaanse stranden bekijken.

Dat doet hij graag, al die vakantievierende mensen bestuderen. Sint heeft altijd Pieten om zich heen, die hem helpen en raad geven - want Sinterklaas is wijs en oud, maar zonder hulp van zijn Pieten is hij nergens. Sinterklaas geniet 's zomers dus van zijn rust, hoewel hij ook al wel bezig is met de voorbereidingen voor de drukke tijd rond zijn verjaardag.

Het was de kleed-Piet al opgevallen dat Sint afgelopen zomer iets dwars zat. Sint zat boven op zijn kasteeltorenterras weer wat te loeren naar de badgasten door zijn grote verrekijker, en de kleed-Piet, de boterletter-en-banket-Piet en de chef-Piet van de inpakafdeling zaten bij hem met een glaasje priklimonade.

“Piet,' zei de Sint, in zijn zwembroek, en strijkend over zijn lange witte baard, “wat hebben die meisjes hun haar toch leuk tegenwoordig. Ze hebben golvend lang haar zoals ik, en toch doen ze er iets leuks mee. Ze hebben er allemaal knopen in met kraaltjes...' “Dat noemen ze dread-locks, Sint,' zei de kleed-Piet, die veel van mode wist.

“En soms lijkt het wel of ze hoorntjes hebben, als bokjes. Heel leuk, heel leuk,' mompelde Sint en streek opnieuw over zijn lange baard, en stelde zijn kijker wat scherper in. “Dat is de Spice-Girl-look Sint, zo dragen de Spice-Girls hun haar ook.' “Hm, jaja,' mompelde de Goedheiligman en ging in zijn rieten terrasstoel zitten. Hij zoog aan het rietje in zijn limonadeglas en streek weer over zijn baard.

De volgende ochtend verscheen Sint niet aan het ontbijt. En toen de kleed-Piet kwam kijken in Sinterklaas' slaapkamer, vond hij de Sint in pyjamabroek voor de spiegel staan. Hij had zijn baard vol mislukte knopen en zijn haar stond alle kanten uit. “Maar Sint, dat is toch geen gezicht!' flapte de kleed-Piet eruit en hij sloeg meteen zijn hand voor zijn mond, want soms ben je te snel met je eerlijke commentaar. De Sint keek hem verstoord aan. “Ik wil nu wel eens iets anders. Al meer dan honderdvijftig jaar heb ik dezelfde baard en hetzelfde haar - ik wil iets nieuws.'

Dagen heeft het de kleed- en de kap-Piet gekost om alle knopen uit Sints baard en haren te krijgen. En daarna zweeg de Goedheiligman er over, over zijn onvrede met zijn uiterlijk.

Maar eergisteren, toen de boot op volle kracht richting Nederland stoomde was het opnieuw raak. De Sint verscheen niet aan het ontbijt. Vol bange voorgevoelens ging de kleed-Piet naar de hut van Sinterklaas. Daar stond de Goedheiligman, in zijn lange wollen onderbroek en hemd, voor de spiegel. “Het kan zo toch niet langer, Piet. Altijd dezelfde tabberd altijd diezelfde mijter, altijd datzelfde haar, altijd die saaie baard. We moeten de waarheid onder ogen zien, Piet: ik ben een oude bok. Dat kan zo niet langer.

Als ik niet iets anders heb om aan te trekken, doe ik het niet. Dan verschijn ik niet. Dan blijf ik aan boord.' “Maar Sint,' riep de kleed-Piet verontwaardigd, “Uw kleren zijn tijdloos, klassiek. U heeft paarse mijters, roze mijters, gele mijters en rode mijters. Paarse mantels, rode mantels, met goudband en zonder goudband, tabberds met borduursels, met purperen biesjes en zilverstiksel -' “Precies,' bromde Sint en streek over zijn baard, “Het zijn allemaal dezelfde tabberds met hier en daar een krulletje meer of minder, of in een ander kleurtje. Ik wil iets helemaal nieuws. Iets wat past bij de moderne tijd. Het is al bijna het jaar 2000, hoor!'

Dit kon Piet niet ontkennen. Over een paar weken was het 1999. Hij zocht koortsachtig naar een oplossing. Hij pakte een van de mooiste mijters uit de kledingkast en hield die Sint voor. Maar nijdig wierp de Sint die in de hoek. “Ik... ik weet het,' zei de kleed-Piet snel. “Als u aan boord blijft, vinden we nooit mooie nieuwe kleren voor u. Dat kan alleen als u uw mooiste tabberd aantrekt en mijter opzet, en tussen de bedrijven door met ons gaat zoeken. Wie weet vinden we de bijzonderste kleren voor u, en de hipste kapsels en baardversieringen. Wees dus verstandig en kleed u aan.'

De Sint streek over zijn baard, keek de kleed-Piet peinzend aan en zuchtte toen: “Vooruit dan maar.' Hij hees zich mopperend in zijn tabberd en raapte de mijter op.

De kleed-Piet haalde opgelucht adem. Maar nu, dacht hij, waar vind ik nieuwe kleren voor Sint-Nicolaas?

Lezers van de Kinderpagina, de kleed-Piet heeft zijn hoop op jullie gevestigd. Ontwerp een nieuw kostuum voor Sinterklaas, zodat hij nog wel herkenbaar, maar toch helemaal modern is, en voorbereid op het jaar 2000 en alle jaren die daarna nog komen. Baard, haar, mijter, tabberd, staf, alles mag je vernieuwen.

De kleed-Piet zorgt ervoor dat de inzender van het mooiste ontwerp zijn naam in chocoladeletters thuis krijgt.