Hugo Hamilton

Pat Coyne is een sad bastard, en hij is zelf de eerste om dat toe te geven. Coyne verscheen voor het eerst ten tonele in de vorige roman van de Ierse schrijver Hugo Hamilton, Headbanger (1997), als de doemdenkende, opvliegende en tamelijk ontspoorde Garda (politieman) uit Dublin die besloot het recht in eigen hand te nemen, tot wanhoop van familie en vrienden. Zijn aanvaring met de plaatselijke misdaad liep toen nog net goed af, en ook slaagde hij er ternauwernood in om zijn getergde gezin bij elkaar te houden.

In Sad Bastard, Hamiltons nieuwste zwarte komedie, ziet het er een stuk slechter uit voor Coyne. Op non-actief gesteld na een heroische maar mislukte reddingspoging bij een brand, waarbij hij fysiek en geestelijk zware klappen heeft opgelopen, brengt hij nu zijn meeste avonden door in de Anchor Bar. Zijn vrouw heeft hem het huis uitgegooid en is zelf een nieuwe carriere als New Age stenengenezeres begonnen, terwijl Coyne zit opgescheept met zoon Jimmy, die al net als zijn vader verkeert in een `temporary spell of selfdestruction'. Wanneer Jimmy op een avond dronken door de haven dwaalt, is hij er getuige van mensensmokkel en moord, en gaat hij er bovendien per ongeluk vandoor in het busje met de buit. Het is het begin van een complexe intrige waar zijn vader weer onvermijdelijk bij betrokken raakt.

Sad Bastard is echter niet zozeer een thriller als commentaar op de moderne Ierse identiteit, met Coyne als tragikomische dolle hond op eenmanskruistocht tegen de ondergang van de beschaving en van Ierland in het bijzonder: `He shouted at the radio, railing against corruption as if it affected him personally'. Het zijn vooral Coynes bespiegelingen over Ierland en het Ierse `sad gene', zijn zorgvuldig gekoesterde woede en zijn vaak even aandoenlijke als misplaatste acties die dit boek de moeite waard maken.

Hugo Hamilton: Sad Bastard. Secker & Warburg, 193 blz. f39,80.