De volgorde

“De volgorde is verkeerd,' kreunde de olifant. Hij stond op zijn hoofd in de modder onder de eik. Zijn slurf was verkreukeld en zijn oren waren omgeklapt.

De dieren stonden om hem heen. Ze hadden nog net gezien hoe hij met grote snelheid uit de top van de eik naar beneden was gevallen.

De eekhoorn vroeg aan de olifant of hij moest helpen hem rechtop te zetten. Maar de olifant luisterde niet naar hem en riep: “Nu weet ik het! Als je trek in taart hebt dan heb je eerst trek en daarna eet je taart. Dat is de goede volgorde!'

“Ja,' zei de beer. “Dat is de goede volgorde.'

“Maar als ik in een boom klim,' zei de olifant, “dan klim ik eerst en val ik daarna. Dat is de verkeerde volgorde.'Hij probeerde met zijn hoofd te knikken en zei “Au'. Toen viel hij om en lag op zijn zij in de modder.

“Ik wil eerst vallen en dan klimmen,' kreunde hij.

De dieren knikten. Dat leek hen ook een betere volgorde.

De mus zei: “Eerst een brief schrijven en dan een brief ontvangen, dat is een goede volgorde.' En de egel vond eerst denken aan een verjaardag en dan jarig zijn een goede volgorde. Maar andere dieren vonden dat juist verkeerde volgordes, en wilden liever eerst jarig zijn en dan pas aan hun verjaardag denken, en eerst een brief krijgen en er dan pas een schrijven.

Iedereen praatte door elkaar.

De krekel vroeg of er ook rode volgordes waren, en lichtblauwe. De mol riep, door de grond heen, dat er maar een volgorde was: eerst donker en dan nog donkerder. En de tor zei dat alles verkeerd was.

“Kwaken niet,' zei de kikker zachtjes.

De tor aarzelde even en zei toen: “Nee misschien is alleen kwaken niet verkeerd. Maar verder alles wel, dat weet ik zeker!'

De olifant lag somber in de modder. Hoe kan ik de volgorde omdraaien? dacht hij. Als deze keer vallen nu eens hoort bij de volgende keer klimmen...

Steunend en hijgend stond hij op. Zonder grote verwachtingen klom hij opnieuw in de eik. Maar toen hij bij de top aankwam was hij heel vrolijk en probeerde op een been te staan en een pirouette te maken.

Toen viel hij. Weer de verkeerde volgorde! riep hij, terwijl hij met luid geraas door de takken van de eik naar beneden vloog en vlak voor de dieren met een zware klap in de modder viel.