Juweel voor jonge dansers

Voorstelling: Nederlands Dans Theater II met Round Corners van Johan Inger, muziek: Erkki-Sven Tuur/Arvo Part; Indigo Rose van Jiri Kylian. Reprises van Deja Vu van Hans van Manen en Skew Whiff van Paul Lightfoot. Gezien: 11/11, Lucent Danstheater in Den Haag. Aldaar: 12/11.Tournee tot 12 december. Inl.: (070) 360 9931.

In 1977 bracht het Nederlands Dans Theater de dansopleidingen aan de conservatoria ernstig in verlegenheid: met de oprichting van 'De Springplank' moesten jonge dansers eindelijk de goede opleiding krijgen om aansluiting te vinden bij het niveau van het vermaarde gezelschap. Twintig jaar en 1000 voorstellingen later is NDT II, zoals het jonge gezelschap inmiddels heet, een mondiaal bekend fenomeen en vonden 130 dansers de weg naar de top. NDT II bleek niet alleen voor dansers een springplank, ook beginnende choreografen konden op het hoogste niveau 'oefenen'.

Drie jaar geleden debuteerde de Zweedse NDT 1-danser Johan Inger als choreograaf bij NDT II met Mellantid en dat leverde hem direkt een prijs op. Nu is Inger toe aan zijn vijfde choreografie, Round Corners. Ook nu kwam, zag en overwon Inger want Round Corners is een juweel. Hij weet de ondragelijke lichtheid van het bestaan te combineren met de tragiek achter een schilderij als De schreeuw van Edvard Munch. Een man zet een brandende schemerlamp in de hoek, springt hoekig en dynamisch als een kikker rond en krijgt in alle hoeken vervolgens gezelschap van zeven anderen met identieke schemerlampen. Eenzaamheid wordt na elke hoek afgewisseld met vrolijk, bijna musicalachtig ensemblewerk, de zware muziek van Erkki-Sven Tuur en Arvo Part krijgt in de handen van Inger iets energieks en relativerends. De invloed van leermeester JirI Kylian zie je terug in het verspringende lijnenspel maar Ingers bewegingen zijn uiteindelijk zachter en ronder. Ook des Kylians is de humor wanneer de man zelf als staander van zijn brandende lampenkap dient. De grap is een opmaat voor een korte geluidloze schreeuw aan het eind. Inger brengt uitersten samen in een delicate choreografie met jonge dansers die er de juiste diepte aan geven.

Kylian kneedt in Indigo Rose zijn dansers als vanouds in inventieve houdingen. Op muziek van Robert Ashley (Factory Preset), die bijna even dwingend en eentonig is als house, kronkelen drie mannen door de ruimte. De choreograafheeft vast veel naar MTV gekeken want elementen uit de hiphop-cultuur zijn het eerste deel van Indigo Rose niet vreemd. De choreografie bestaat uit nog vier delen die ogenschijnlijk los staan van elkaar, maar verbonden worden door een diagonaal gordijn. Soms kruipen de dansers eronder door dan spelen ze met hun metershoge silhouetten. Johann Sebastian Bach klinkt op na een jazzy lied, een solo volgt op een kwartet dansers die fratsen uithalen met hun meerekkende T-shirts. Het ziet er allemaal adembenemend uit en toch beklijft het niet.

Indigo Rose is een vingeroefening voor vijf verschillende choreografieen, alsof Kylian de dansers van NDT II gebruikte als proeflaboratorium voor het echte werk. Er komen enkele briljante onderdelen boven borrelen maar het wil maar geen chemisch geheel worden. Aan het gezelschap ligt het niet: de jonkies van het Nederlands Dans Theater doen nauwelijks onder voor de groten.