PvdA-senatoren: Scholten kan blijven

De PvdA-fractie in de Eerste Kamer heeft besloten J.N. Scholten te handhaven als lid. Dit heeft voorzitter M. Jaarssma-Buijserd van de Eerste-Kamerfractie gisteren bekendgemaakt.

“Wij hebben vastgesteld dat wij met Jan Nico Scholten in de fractie verder kunnen zonder een eindoordeel te vellen over de discussie waarin hij is terechtgekomen', aldus Jaarsma.

De fractie beraadslaagde over de positie van Scholten, nadat vorige week een uiterst kritisch evaluatierapport van vijf Europese donorlanden over de stichtingen AWEPA (parlementariers voor Afrika) en AEI (Afrika-Europa Instituut) bekend werd.

Beide hulporganisaties, die worden voorgezeten door Scholten verrichten ontwikkelingswerk in zuidelijk Afrika. Tussen 1985 en 1996 ontvingen de beide organisaties voor een kleine 30 miljoen gulden aan subsidie.

In het evaluatierapport, opgesteld op verzoek van vijf Europese donorlanden, wordt Scholten een “autocratische' en “geheimzinnige' werkwijze verweten. Het management zou lijden aan “een gebrek aan professionaliteit'. Ook wordt de financiele verwevenheid van de stichtingen gelaakt en valt uit het rapport af te leiden dat Scholten zelf ten minste 150.000 gulden inkomsten per jaar aan zijn werk voor de beide organisaties overhoudt.

Scholten legde zijn collega's in de Eerste-Kamerfractie van de PvdA gisteren voor dat eerdere evaluaties door andere donoren gunstiger uitpakten, aldus fractievoorzitter Jaarsma-Buijserd.

Zij zegt dat “de fractie heeft besloten niet zelf aan fact finding te doen en de contra-informatie van Jan Nico voor waar aan te nemen, zodat we hebben gezegd: we kunnen vooralsnog met elkaar verder'.

Jaarsma meent dat de kranten, met name NRC Handelsblad recentelijk selectief over Scholten hebben bericht. “Gelukkig had de heer Scholten mij tevoren ingelicht over te verschijnen artikelen, zodat ik wist dat het selectieve stukken zouden worden.'

Zij benadrukt ook dat de deeltijdpolitici van haar fractie de Eerste Kamer vergadert een dag per week zich voor hoofdwerkzaamheden hebben vastgelegd op het “uitgangspunt van openheid, zorgvuldigheid en transparantie'. Jaarsma beaamt dat Scholten gezien de verwevenheid van zijn stichtingen niet voldoet aan het criterium van transparantie, maar dat is Scholtens persoonlijke verantwoordelijkheid, zegt zij. “Wij kunnen niet van al onze leden vragen of ze volledige inzage in hun persoonlijke financien geven.'

Zij zegt dat “de partij' beslist over “de politieke toekomst' van Scholten.

Medio volgend jaar treedt een nieuwe Eerste Kamer aan en “het is aan de commissie-Dunning, die kandidaten weegt, en ten slotte aan het partijbestuur om te bepalen welk eindoordeel over Jan Nico Scholten wordt geveld', aldus Jaarsma.