Kerken blijven in een kringetje ronddraaien; Identiteit zal heus niet wijken voor nieuwe naam

De hereniging van de gereformeerde, hervormde en lutherse kerken in ons land heeft iets van de processie van Echternach: twee stappen vooruit en dan weer een stap achteruit. Soms lijkt het nog erger dan in Echternach: twee stappen vooruit en dan meteen twee stappen achteruit. Samen op weg? Samen pas op de plaats maken en in het eigen kringetje ronddraaien!

Nu zijn er weer problemen over de naam die de verenigde kerk moet krijgen. De bedoeling was tot dusverre dat die Verenigde Protestantse Kerk in Nederland zou gaan heten. Die naam valt te verdedigen.

Toen Luthers opvattingen in Duitsland terrein begonnen te winnen besloot de rijksdag van Spiers in 1529 daar korte metten mee te maken. Maar een kleine minderheid, zes vorsten en veertien steden, legde zich daar niet bij neer en verklaarde in een plechtige `protestatio' dat je, als het over de eer van God en de zaligheid van je ziel gaat, in je eigen geweten verantwoordelijk bent tegenover God en dat een meerderheid geen gewetensdwang uit mag oefenen. Daarmee is aangegeven wat protestants is: het evangelie dringt tot je eigen geweten door, je bent zelf verantwoordelijk voor wat je ermee doet, het gezag van de staat - en zelfs het gezag van de kerk - mag niet tussen God en je geweten in gaan staan. De verenigde kerk gelooft het zo en kan dus protestants heten.

Maar de geschiedenis heeft sinds de rijksdag van Spiers niet stilgestaan. De door Luther op gang gebrachte beweging is in de loop van de eeuwen in veel kerken en kerkjes uiteengevallen en daarom betekent protestants op het ogenblik niet zoveel meer. Het woord heeft in onze tijd een overwegend negatieve klank en betekent dat je in ieder geval niet rooms-katholiek bent. Wat je dan wel gelooft is punt twee, en als je zo goed als niets gelooft is het ook goed, zolang je maar niet buigt voor gezag, en zeker niet voor het gezag van de paus.

Het is dan ook te begrijpen dat niet overal enthousiast gereageerd is toen de naam Verenigde Protestantse Kerk in Nederland in omloop kwam. Maar de Gereformeerde Bond de rechterflank van de hervormde kerk, die in de afgelopen jaren iedere gelegenheid aangegrepen heeft om de hereniging met de gereformeerden en de luthersen tegen te houden, rook ook bij de naamgeving van de herenigde kerk een nieuwe kans.

In deze kringen leeft het besef dat het Nederlandse volk tijdens de opstand tegen Spanje samen met de hervormde kerk is opgegroeid en volwassen geworden. Dat was aan het eind van de zestiende eeuw wel zo, en nu is dat verleden tijd, maar in de Gereformeerde Bond kan men hardnekkig aan het verleden vasthouden: Nederland en de hervormde kerk zijn innig met elkaar verbonden. Als er dan toch een verenigde kerk komt, laat dan iets hervormds in de naam zitten.

Vandaar dat nu, vooral ook om de Gereformeerde Bond te vriend te houden,een nieuwe naam voorgesteld is: Verenigde Kerk der Hervorming. (Waarom voor de ouderwetse tweede naamval `der' is gekozen niet voor het gewone `van de', is niet duidelijk.) Maar nu komen luide protesten uit de hoek van de lutherse kerk, de kleinste van de zich verenigende kerken: we worden voor de zoveelste keer voor het blok gezet. De lutherse kerk in ons land heeft ook iets heel eigens. Wie op zondagmorgen eens een dienst bij de luthersen meemaakt zal dat meteen merken: een stijlvolle lithurgie waarmee de gemeente vertrouwd is, een warm interieur - een kleed op de tafel en er branden altijd kaarsen. De lutherse kerk ontbeert het nuchtere en soms wat kale van een hervormde of gereformeerde kerk.

Het is te begrijpen dat de luthersen bang zijn opgeslokt te worden door de gereformeerden en de hervormden en hun eigen identiteit te verliezen. Nu is in de kerkorde van de zich verenigende kerk wel ruimte vrijgemaakt voor de lutherse identiteit, maar blijkbaar wordt de naam Verenigde Kerk der Hervorming toch als een bedreiging van die identiteit ervaren.

Wat zou Luther eigenlijk zelf gezegd hebben als hij geweten had dat uit de door hem op gang gebrachte beweging voortgekomen kerken zich `luthers' gingen noemen? Bij zijn leven was de vraag nog niet aan de orde: hij heeft gehoopt op een hervorming van de hele katholieke kerk en in zijn tijd lagen de grenzen tussen protestants en rooms-katholiek nog niet vast.

Het lijkt mij echter wel zeker dat Luther gescholden zou hebben als hij geweten had dat er lutherse kerken zouden komen. Hij placht zich heftig uit te drukken noemde zichzelf `een zak vol maden' en het was voor hem ondenkbaar dat een kerk zich `luthers' zou kunnen noemen.

Binnenkort wordt weer vergaderd over de nieuwe naam. Het heeft er alle schijn van dat de naam Verenigde Kerk der Hervorming een goede kans maakt. Als het die naam wordt heeft dan iemand gewonnen, heeft dan iemand verloren? Zolang gestreden wordt voor het behoud van de eigen identiteit blijft het Samen op Weg proces een kwestie van in eigen kringetje ronddraaien. Dat hoeven de bij dat proces betrokken kerken niet te blijven doen. Ze zouden hun eigen identiteit eens even kunnen vergeten en bedenken dat ze ertoe geroepen zijn het evangelie naar ons volk toe te brengen en in de eerste plaats zelf bij het licht van het evangelie te leven.

Als ze dat doen kunnen ze samen een nieuwe identiteit krijgen en dan gaat Verenigde Protestantse Kerk in Nederland, Verenigde Kerk der Hervorming, of welke andere naam dan ook, zich vanzelf aan die identiteit aanpassen.