Frans Bruggen op tournee met Bach

Concert : Orkest van de Achttiende Eeuw o.l.v. Frans Bruggen

Amper twee maanden na zijn 50ste internationale tournee is het Orkest van de Achttiende Eeuw al weer begonnen aan zijn 51ste reeks uit zijn zeventienjarige geschiedenis. Na optredens in Parijs, Hannover en Stuttgart, concerteert het gezelschap van Frans Bruggen zeven maal in ons land met een geheel aan Bach gewijd programma. De concertreis wordt besloten in Londen en Lissabon.

Bij het eerste Nederlandse concert, gisteren in de Rotterdamse Doelen, leek het intensieve tourschema met vrijwel iedere avond een optreden nu al zijn tol te eisen. Niet zozeer bij de musici van het orkest die, zoals zakelijk leider Sieuwert Verster onlangs nog in deze krant zei intussen een gemiddelde leeftijd hebben die overeenkomt met die van The Rolling Stones. Juist de jeugdige leden van het Gulbenkian Choir konden slechts met de grootste moeite de vitale tempokeuzen van dirigent Bruggen bijbenen.

Het Gulbenkian Choir behoort tot de meest prestigieuze kunstinstituten van Portugal. Of de 21 zangers die werden gerecruteerd uit het doorgaans omvangrijker koor hiervoor geheel maatgevend zijn, is de vraag. In de plechtig voortschrijdende akkoordbewegingen van Bachs Magnificat, zoals het `Gloria Patri', blijken de zangers wel over een luchtig soort kleuring te beschikken die bij Nederlandse koren eigenlijk niet voorkomt, maar zo gauw Bach meer vaart brengt in zijn partituur, raakt het koor uit evenwicht, wordt de puls troebel of raakt het zelfs geheel bij de orkestleden achterop. In de fugatische inzetten bleek de tenorgroep bovendien erg vaal van klank.

De solisten, allen van Nederlandse afkomst, zijn meer op hun taak berekend. Tussen de bas Jelle Draijer en de lage strijkers kwam het in het `Quia fecit mihi magna' tot een spannende dialoog. Sopraan Hieke Meppelink werd in het `Quai respexit humilitatem' wat in de weg gezeten door de hobo d'amore, maar zette niettemin een voorbeeldige solo neer. Tenor Marcel Beekman en mezzo Wilke te Brummelstroete kleurden fraai samen in `Et misericordia'. Te Brummelstroete neemt zowel de partijen van tweede sopraan als die van alt voor haar rekening.

Dat geeft misschien wat minder afwisseling in stemsoorten, maar de variatie is bij Bruggen gewaarborgd doordat bijvoorbeeld het `Suscepit Israel', dat doorgaans door solisten-terzet wordt vertolkt, nu door gediviseerd, driestemmig vrouwenkoor wordt uitgevoerd.