Uitstukken

“Dokter, heb ie effe tijd? D'r zit toch niemand in de wachtkamer. Ik ben timmerman geweest. En dan doe je uitstukken: als je een vermolmd stuk uit een kozijn hakt moet je het wat verder uitzagen dan je denkt dat nodig is, want de rot loopt vaak ook wat verder door. Dus als die dokter een stukkie uit m'n long wegsnijdt moet ie ook wat verder snijen.

En dat heeft ie blijkbaar gedaan want ik ben nog steeds prima. Wel ben ik al een paar jaar weduwnaar. De vrouw was totaal versleten, op. Ze zat ook bij de pakken neer, geen levensmoed. Dan niet. Niks an te doen. Maar een man alleen is maar alleen. Vooral de winteravonden zijn ellendig. Toen ben ik op zoek gegaan. Advertenties in de kranten. Er zijn veel vrouwen alleen op mijn leeftijd. Te veel. De een had dit, de ander dat. Ik werd er kierewiet van.

Op een zaterdagmiddag werd er aangebeld. Was ze zomaar aan komen fietsen. 'Hehe, wat een trap', zei ze, 'ik kom is effe kennismake. Leuk huissie he je hier.' 'Ja, zelf opgeknapt', zei ik. 'Knap hoor, je bent zeker timmerman. Die bent de intellektuwele in de bouw, de metselaars niet en de betonstorters hebt helemaal geen hersens.' 'Krek wat je zegt', zei ik. 'He jij nog mankement', vroeg ze. 'Nou nee, alleen een stukkie van me long afgehaald. En me rikketik. Maar verder nergens last van. Wel verrekte vergeetachtig. Ik moet overal papiertjes neerleggen, anders ben ik het glad vergeten. En jij?' 'Nuh ik ook niet. M'n borst afgenomen, verkeerde ziekte. Die ben ik kwijt. Is wel effe schrikke. Ik slik geen enkele pil meer, jij?' 'Ik wel veertien.' 'Veertien? Da's veel. Hoe krijg ie ze op?' 'Oh, dat kost me totaal geen moeite. Ik neem ze met bier in.' 'Je drinkt toch niet', vroeg ze. Afijn het was een aardige vrouw. Ze begon meteen koffie te zetten en stof af te nemen.

Huiselijk dus. En wat bazig, maar goed. Ze wilde ook met me naar bed. Maar dat zag ik niet zitten op mijn leeftijd. 'Nou, dan niet', zei ze, daar nam ze genoegen mee. En zo is ze bij me gebleven. Maar toen begon die verkeerde ziekte weer de kop op te steken.

Toen is het gauw van kwaad tot erger gegaan. Verrekte jammer. Nu zit ik weer alleen met die avondellende. Pas ben ik op controle bij de longarts geweest. 'Ze hebbe die plek toch wel voldoende uitgestukt', vroeg ik, 'ik heb net een vriendin weggebracht waarbij dat tekortgeschoten was.' Maar gelukkig hadden ze het bij mij wel goed gedaan. Dat zei die.'

    • Adrie Hoogendoorn