Politie klaagt nood bij Kamer

De paarse regeringspartijen willen de komende vier jaar vijfduizend extra agenten op straat. De politie betwijfelt of dat haalbaar is.

Ze kwamen gisteren vooral hun nood in de Tweede Kamer klagen: korpsbeheerders, korpschefs, hoofdofficieren van justitie en politiebonden. De korpsen hebben gebrek aan personeel, gebrek aan agenten, gebrek aan opleidingscapaciteit en kampen ook nog met een slecht imago. De politie, zo zei voorzitter W. Deetman van het korpsbeheerdersberaad, zal daarom de komende vier jaar waarschijnlijk geen duizenden agenten extra op straat kunnen brengen.

Een meerderheid van de Tweede Kamer hoorde de uitlatingen gisteren, ter voorbereiding van de behandeling van de politiebegroting volgende week, met ongenoegen aan. De coalitiepartijen PvdA, VVD en D66 hebben juist in het regeerakkoord afgesproken vijfduizend agenten extra op straat te brengen in de komende vier jaar. Drieduizend agenten zijn nieuw, tweeduizend anderen moeten weg achter hun bureau en de wijk in.

De Haagse korpsbeheerder Deetman zei gisteren te twijfelen aan de haalbaarheid; de krapte op de arbeidsmarkt trekt veel jongeren weg naar andere, beter betaalde sectoren. De informatietechnologie is zo'n sector. De politiebonden twijfelen ook. Voorzitter Groeneweg van de christelijke politiebond ACP meende dat de “slechte arbeidsvoorwaarden geen lokkertje' zijn. Hij wees ook op de huidige “beperkte' opleidingscapaciteit.

En dan kampt de politie nog met een ander, zeer lastig probleem: een slecht imago. “De laatste jaren zijn politiemensen publiekelijk als krullenjongens weggezet', had een hoge medewerker van het Nederlands Politie Instituut (NPI) eerder gezegd. “Ze zijn niet te tellen, ze zijn niet de straat op te krijgen en 's avonds, als er klappen vallen, zijn ze ook nergens. Nee, het imago is heel slecht.' Dit beeld, zo beaamde voorzitter A.

Groeneweg van de ACP gisteren, schrikt potentiele sollicitanten af. Want wie wil er bij de losers horen?

Het slechte imago is een gemeenschappelijk probleem voor de korpsen. Andere problemen verschillen sterk per regio. Ieder korps leek gisteren zijn eigen prioriteiten te hebben. Korpschef J. Kuiper van Amsterdam hamerde op zero tolerance. Zijn agenten moeten voortaan, met het door de korpschef opgestelde gidsje Streetwise in de hand, kleine overtredingen snel bestraffen. Korpsbeheerder P. Scholten van Arnhem daarentegen heeft sinds de opening van het stadion Geldredome in zijn stad andere zorgen aan zijn hoofd; voetbalwedstrijden en popconcerten onttrekken veel mankracht aan zijn korps.

En korpschef H. Mostert van het korps Limburg-Zuid sprak vooral over de grensoverschrijdende criminaliteit. “Ik heb meer contact met mijn collega's in Duitsland dan in Arnhem.' Regels echter zouden een gezamenlijke aanpak van de misdaad over de landsgrenzen heen belemmeren. “Mijn mensen mogen tot tien kilometer op Duits grondgebied achtervolgen. Maar door mijn regio loopt de A1, die overgaat in een Duitse autobaan. Tien kilometer; dan moeten we dus na zes minuten stoppen.'

'Politiemensen zijn als krullenjongens weggezet'