Oppositie: Habibie moet sneller weg

Vier belangrijke leiders van de oppositie in Indonesie hebben vandaag geeist dat president Habibie volgend jaar aftreedt, drie maanden na de verkiezingen in mei, en niet, zoals de bedoeling is, pas eind volgend jaar.

De vier, Abdurahman Wahid, ook wel Gus Dur genoemd, PDI-leider Megawati Soekarnoputri, Amien Rais, en de gouverneur van Yogyakarta Sri Sultan Hamengkubowono X, gaven de verklaring uit op de eerste zittingsdag van het Volkscongres.

De vier eisten ook dat de zogenoemde 'dwifungsi', die het leger een politieke rol geeft, binnen zes jaar wordt geleidelijk wordt afgeschaft.

De eerste zittingsdag van het Volkscongres vandaag in Jakarta werd gekenmerkt door onrust in het zwaarbewaakte stadscentrum. Duizenden studenten speelden kat en muis met ordetroepen door voortdurend uit verschillende richtingen in bussen te proberen het parlement te bereiken. De spanningen liepen hoog op waar studenten tegenover met bamboe-speren bewapende burgerwachten kwamen te staan. Een student kwam om toen hij van een bus viel.

De voorzitter van het parlement en het Volkscongres, Harmoko, oefende in zijn openingstoespraak vanochtend zelfkritiek door er op te wijzen dat het Volkscongres, formeel de hoogste wetgevende instantie in Indonesie in het verleden teveel de oren heeft laten hangen naar de wens van oud-president Soeharto. Op de agenda van de vergadering de komende drie dagen staat dan ook een aantal decreten die de macht van de president inperken.

Zo wordt de regeringsperiode van een president gebonden aan twee termijnen van vijf jaar. Het mandaat van de huidige president Habibie wordt ingekort van 2003 naar eind volgend jaar. Verder wordt een decreet ingetrokken dat de president het afgelopen voorjaar buitengewone bevoegdheden gaf om politieke tegenstanders te bestrijden. Het Volkscongres schrijft voor volgend jaar vervroegde verkiezingen uit en neemt daarnaast nog een aantal besluiten over provinciale autonomie en mensenrechten.