Gelderse bestuurscrisis dreigt over aanleg van Betuwelijn en noordtak

De aanleg van de Betuwelijn en de noordelijke aftakking dreigen in Gelderland een bestuurscrisis te veroorzaken. Terwijl vijf gemeentebesturen provinciebestuurder De Bondt verwijten dat hij langs de rand van de democratie scheert, dreigt de gedeputeerde met opstappen als Gelderland de aanleg van de goederenspoorlijn alsnog afwijst.

De provincie ging in 1995 akkoord met aanleg onder voorwaarde dat de noordtak direct daarna aangelegd zou worden. Ook een zuidelijke aftakking is in de ogen van Gelderland onontbeerlijk. Enkele weken geleden maakte het kabinet bekend dat de aanleg van de noordtak vertraging oploopt. Over de zuidelijke aftakking werd helemaal niet meer gesproken.

De Bondt reageerde door het rijk drie miljard gulden aan te bieden als lening voor vlotte aanleg van de noordtak. Dat bleek minder eenvoudig dan gedacht.

Bovendien mobiliseerde de gedeputeerde tientallen gemeentebesturen, die bij minister Netelenbos (Verkeer) een goedkoper trace voor de noordtak via Zutphen bepleitten.

Die actie is Angerlo Vorden, Doesburg, Hummelo en Keppel en Steenderen in het verkeerde keelgat geschoten. Zij sturen vandaag een brief aan Netelenbos en minister Pronk (VROM) met de mededeling dat “onvoldoende is aangetoond dat de aanleg van de Betuwelijn noodzakelijk is'.

Ze vinden het niet passend dat andere Gelderse overheden al een voorkeur voor de noordtak uitspreken terwijl de maatschappelijke discussie nog moet plaatsvinden.

Provinciale Staten van Gelderland starten morgen de begrotingsvergadering. Nu al is duidelijk dat een grote meerderheid voorstellen zal doen om elke Gelderse medewerking aan de aanleg stop te zetten als de noordtak er niet komt. (ANP)