MAN-concern verenigt traditie en hightech

MAN maakte vorige week over het boekjaar '97/'98 een winststijging met 75 procent bekend, tot 612 miljoen mark (673 miljoen gulden). Traditie en hightech gaan hand in hand bij het Beierse concern.

MAN is gevestigd in Beieren, volgens veel bewoners 'das bessere Deutschland'. Al was het maar omdat het weer er beter is, het eten lekkerder, en de natuur mooier. Zeggen ze. Feit is dat de zuidelijke deelstaat onder aanvoering van de Christelijke Sociale Unie (CSU) sinds tientallen jaren Duitslands laagste werkloosheid (7,5 procent) en hoogste investeringspercentage kent. Het recept voor succes waar de conservatieve CSU prat op gaat, blijkt ook de beweerde kracht van MAN: “Wij zijn betrouwbaar', aldus een woordvoerder.

De christendemocratische machthebbers kunnen trots zijn op MAN. Het industriele conglomeraat vooral bekend als truckfabriek, verloochent zijn afkomst niet. Net als de politici koketteert Man graag met de eigen historie en tradities. Tegelijkertijd werkt het met onverholen trots aan de 'hightech'-projecten die de CSU enthousiast propageert.

MAN bestaat sinds 1986 uit acht ondernemingen. De grootste is MAN Nutzfahrzeuge, na Mercedes en Iveco Europa's grootste fabrikant van vrachtwagens. Tot het concern behoren verder staalbedrijf Ferrostaal, fabrikant van drukpersen MANn Roland Motorfabriek B&W Diesel, MAN Technologie en de veel kleinere machinefabrieken RENK, Takraf en DWE.

De geschiedenis van het concern gaat terug tot 1787. Toen werkte Gute Hoffnung, dat later werd ingelijfd, aan de bouw van een spoor voor de kolenmijn in het plaatsje Rauendahl. Een eerste 'historische mijlpaal', waarvan er volgens MAN nog veel zouden volgen.

Reeds in de twintiger jaren rees bij enkele MAN-medewerkers het idee de 'historische pronkstukken' van het bedrijf ten toon te stellen. In 1953 werd hun wens met de opening van het MAN-museum in Augsburg gerealiseerd.

De Beierse stad is apetrots op de collectie motoren en drukmachines, en op de afbeeldingen van 'prominente personen' als Rudolf Diesel. De Duitse constructeur tekende in 1893 een contract met wat toen nog Machinenfabrik Augsburg heette. Twee jaar later leverde hij zijn eerste experimentele Diesel-motor tegenwoordig het paradepaardje van het museum.

Met een paar stevige rukken zet de mevrouw die een rondleiding geeft de meer dan honderd jaar oude motor in beweging. “Is 't geen geweldig ding', zegt ze verrukt. De naam van Rudolf Diesel leeft voort in een van de bedrijven van MAN: B&W Diesel. De motorenfabrikant doet het redelijk goed: omzet en winst stijgen dit jaar licht.

Minder rendabel is MAN Roland, fabrikant van drukmachines met eveneens een lange historie. De imposante drukpersen in het museum leken vorig jaar slechts te herinnneren aan vergane glorie; het bedrijf maakte toen 115 miljoen mark verlies. Maar na een flinke sanering (zo'n zeshonderd van de ruim 9.000 werknemers werden ontslagen) krabbelde het bedrijf dit jaar weer overeind en maakt voor het eerst sinds jaren weer een bescheiden winst.

MAN wil niet alleen een concern met een rijk verleden zijn. Zoals het een echt Beiers bedrijf betaamt wordt het ook graag vereenzelvigd met fortschritt, vooruitgang. Voor een toekomstgericht imago zorgt bij uitstek MAN Technologie, dat zich vooral profileert met zijn werkzaamheden in de ruimtevaarttechnologie. Het bedrijf maakt onder andere de omhulsels van de draagraketten van de Ariane 4 en 5.

Met een trotse glimlach meldt een ingenieur dat het aandeel in de bouw van de draagraketten inmiddels is gestegen van tien tot dertien procent. Dat MAN Technologie tot nog toe amper rendabel is lijkt hem noch zijn collega's te deren.

Ze doen je bijna geloven dat in Augsburg het volledige raketsysteem in elkaar wordt gezet, zo gedreven, uitgebreid en langdradig praten ze over dit “werkelijk fantastische project'.

Superlatieven vallen eveneens bij MAN Nutzfahrzeuge, de grootste onderneming van het concern. Niet geheel onbegrijpelijk: de truck- en busfabrikant maakte een recordomzet en zag de winst, na een daling in 1997, het afgelopen boekjaar weer behoorlijk omhoog gaan, van 125 naar 194 miljoen mark. Het marktaandeel van vrachtwagens zwaarder dan 6 ton bedraagt binnen Duitsland 25 procent, en ligt in Europa op 13 procent. Expansie zoekt het bedrijf met name in Oost-Europa. In landen als Polen Oekraine maar ook Turkije (waar MAN al actief is) liggen volgens Klaus Schubert, voorzitter van MAN Nutzfahrzeuge, “in principe tal van mogelijkheden voor uitbreiding'.

De nieuwe slogan van Nutz- fahrzeuge is sinds kort 'MAN in motion'. De concurrentie is zich daar volgens een woordvoerder van bewust. “Die houdt ons maar al te goed in de gaten.' Niettemin blijft de hegemonie van grote rivaal Mercedes (marktaandeel in Duitsland ruim veertig procent) vooralsnog onaantastbaar. Maar zo erg is dat ook weer niet, vinden ze bij Nutzfahrzeuge. “Relatief wat kleiner zijn is ook best fijn.' En in ieder geval gezelliger, vindt hij. “Hier bij MAN drinkt iedereen een biertje met elkaar. Kom daar bij Mercedes maar eens om!'