Kok barometer van de coalitie

Wim Kok is de barometer van het kabinet: aan zijn gezicht kun je precies aflezen hoe de coalitie er voorstaat. Onder Lubbers-III was hij de “knorrepot op Financien'; zijn slechte humeur was legendarisch. “Hij zit al de hele ochtend te knorren, maar dat doet hij zo vaak', zei minister Hedy d'Ancona eens in de Treveszaal tegen een verbaasde staatssecretaris Elske ter Veld. Als premier van Paars I onderging Kok volgens zijn directe omgeving een metamorfose: gevat en kameraadschappelijk leidde hij zijn kabinet.

Inmiddels keert de oude Wim Kok terug: journalisten zien het regelmatig op de wekelijkse persconferentie, gesprekspartners rapporteren het uit de ministerraad. Een boze blik, een daarbij behorende kortaffe toon en een venijnige tik voor wie doorzeurt. “De zonnige Kok is bezig plaats te maken voor de norse Kok', constateren ze in VVD-kring al met enige ongerustheid.

Nog gevoeliger is inmiddels de relatie tussen de premier en de kleinste regeringsfractie D66, de partij die zich als een Michelinmannetje steeds meer opblaast. Eerst was er vorige maand een briefje van fractieleider Thom de Graaf aan Kok om actie te ondernemen vanwege de ruzietoon tussen PvdA en VVD over asielzoekers. Kok was ontstemd dat het briefje uitlekte: het suggereerde dat hij geen regie voerde. En vorige week lekte uit dat Kok bij de jongste controverse over asielzoekers in de richting van D66 harde taal had gesproken, wat heet in de beslotenheid van het Torentjes-overleg met een crisis zou hebben gedreigd. PvdA en VVD hadden zoiets niet gehoord, dus richtte de toorn zich op D66. “Als iemand dat zo zou hebben verstaan, is dat echt een lelijke vergissing', zei Kok donderdag getergd in het NOS-Journaal.

Is het amateurisme of image-building? Zijn de Democraten bezig met een gevaarlijk genre van het politieke spel? Het pesten van de premier? Zeker is dat ze er de smoor in hebben dat Kok 'hun' minister Apotheker van Landbouw twee weken geleden in de schaduw zette door zelf de schaderegeling voor het natte noorden aan te kondigen. In D66-kring bezigen ze daarover een schrille toon: “We zijn genaaid', wordt in de binnenkamer gezegd.

Een premier heeft een grote marge: hij is de primus inter pares.

Ruud Lubbers, de voorganger van Kok, nam die ruimte soms royaal.

Zo kondigde hij begin '83 op het hoogtepunt van de oorlog met de ambtenarenbonden een beperking van de omstreden salarisverlaging aan. De verantwoordelijke minister, Koos Rietkerk van Binnelandse Zaken, wist van niks. Hij zag het Lubbers op tv meedelen.