Iberisch rekenen

Driemaal per week beklimt ze het pad naar het vakantiehuis van de Hollandse familie: Maria, vijfentachtig jaar, klein, altijd in het zwart twee trouwringen boven elkaar, een hoofddoek als wapen tegen de zon en de pijnlijke voeten - een levenlang verwaarloosd door goedkoop schoeisel - in sloffen gestoken. Ze past op het huis, al twintig jaar, en krijgt daarvoor een welkome vergoeding.

Van de ansichten die ze uit Holland ontvangt en die de postbode haar voorleest, weet ze dat het tweede huis van de familie in een streek zonder zon en zonder bergen staat en dat je er over land heen kunt.

Wanneer de Hollanders arriveren stelt Maria hen in het dorp trots voor als 'de eigenaars van mijn huis'. Ze koestert alle voorwerpen als waren het haar eigen spulletjes. En Mevrouw mag niets weggooien, want alles kan opnieuw gebruikt worden. Geld is bestemd voor eten en de vaste lasten. En een pan die lekt, houdt toch niet op een pan te zijn? Je kunt er nog steeds deeg in laten rijzen, amandelen in verzamelen, kippenvoer in bewaren, je kunt hem als krukje gebruiken of er een stekje in zetten. De Hollanders houden niet van stekken. Die kopen bij elk bezoek nieuwe planten voor de tuin. Na al die jaren is Maria daar nog steeds niet aan gewend.

Net zo min als lezen of schrijven, heeft ze rekenen geleerd. Toch moet ze voor dat laatste een systeem ontwikkeld hebben. Wanneer ze voor haar voedsel en het onderhoud van haar piepkleine huisje een keer per maand voor koopjes naar de supermarkt gaat, neemt ze 6.000 peseta's mee. Eerst laadt ze hardroze reuzenflacons wasverzachter in haar wagentje, soms een container met vier liter zeeblauw schoonmaakmiddel of een aantal flessen bleekwater. (Voorraden waar wij jaren mee doen, jaagt zij er in een maand doorheen.) Na de reinigingsmiddelen slaat ze vis in, verse, gedroogde en soms schaaldieren. Daarna groenten, rijst, olie en blikjes. Ze ruilt de paprika's weer voor tomaten, haalt nog een fles bleekwater, zet de olie terug en bespreekt met haar vriendinnen, Mercedes en Antonia, de plaatjes op de spuitbussen: dit is tegen muggen, maar helpt het ook tegen mieren?

Als haar wagentje vol is, kijkt ze kritisch naar haar boodschappen, ruilt twee of drie blikjes voor een extra pak rijst of een paar sinaasappelen, kijkt weer kritisch en sloft ten slotte naar de kassa. Daar legt ze de 6.000 peseta's neer en ontvangt wat schamele muntjes terug: soms 3, soms 7, soms 12 peseta's. Nooit meer dan 20. Bedrag totaal besteed.