Soms is Antigone een stout, dwars tienermeisje

Voorstelling : Antigone, bewerking Jean Anouilh door De Wetten van Kepler

Een bruusk, zestienjarig schoolmeisje is ze, Marleen Graumans als titelheldin Antigone, in de bewerking van Jean Anouilh. Ze heeft het haar in een vlecht gebonden, draagt grote schoenen die een kleine gestalte nog enig postuur en gewicht moeten geven. Achter haar, in een halve cirkel de deuren en pilaren van het ijzingwekkend koude paleis van Kreoon in de stad Thebe.

Anouilh's bewerking van Sophocles' Antigone ging in 1943 in Parijs in premiere. Kreoon droeg toen een smoking, Antigone een pullover. Dat was niet de grootste ingreep. Anouilh verbrak de heilige band tussen Antigone en de goden, ook maakte hij van haar geen strijder voor humaniteit. Antigone vertegenwoordigde, in die oorlogstijd, de hopeloosheid en vertwijfeling. Ze was een 'nee'-zegster.

Wat nog steeds is gebleven, is de wil van Antigone om het lichaam van haar in de oorlog gesneuvelde broer Polyneikes eervol te begraven. Wie hem steunde en daarmee de strijd tegen Thebe, moest ter dood worden gebracht. Kreoon als drager van het koninklijk gezag moet dus Antigone, de dochter van zijn broer Oedipus, doden.

De Kreoon van Anouilh probeert van alles om Antigone te redden; hij huichelt. Maar Antigone weigert halsstarrig elke concessie: als ze dood moet, moet ze dood. Bij De Wetten van Kepler wordt de aardsheid van het drama geaccentueerd, ook de eigentijdsheid hoewel dat laatste voor mij niet per se noodzakelijk is. Er is dans en discomuziek. Er is veel parodie op de ernst van dit oer-klassieke toneelstuk. In de vorm en speelstijl weet het gezelschap een grote authenticiteit te bereiken.

Fascinerend en intrigerend is de sluwe Jago-achtige rol van Marcel Roelfsema als wachter. Zijn vingers zijn beladen met ordinaire ringen, hij is de proleet die het kwetsbare meisje Antigone verraadt en laat omkomen van de honger. Meer dan ooit vormt hij de spil van het stuk, pendelend tussen zijn slachtoffertje en zijn baas Kreoon. Herman van de Wijdeven als koning laat zien hoe onverzettelijkheid slechts een teken van machteloosheid is. Zijn hoogste bemoeienis is de onbegraven Polyneikes als afschrikwekkend voorbeeld te laten zijn.

Anouilh, die zijn bewerking een 'zwart stuk' noemde, refereert in deze rol nadrukkelijk aan het zinloze geweld van oorlogsmisdadigers.

In de regie van Dominique Hoste is Antigone een compact en doeltreffend drama, hier en daar te joyeus langs de echte diepte van het stuk glijdend. Soms is Antigone gewoon een stout, dwars tienermeisje. Er zitten tal van onvermoede wendingen in, zoals de rol van de blinde ziener Teiresias (Gerton Zeilstra). Niks blinde man is hij, wel de muzikant die op dramatische momenten op een elektrisch pianootje de handeling begeleidt. Hij is niet de wijze, tastende stakker die ik zo vaak van zijn rol zag wel de geslepen opportunist die zijn visie geeft en het hazenpad kiest. Maar Kreoon luistert niet naar hem.

Daarom ligt Antigone ten slotte in haar gevangenis. Vanuit de hoogte flitsen lichtbundels in de vorm van tralies naar beneden. Het zo afschrikwekkende waar de hele voorstelling om draait, haar hongerdood in de gevangenis, krijgt een transparante, uit licht bestaande uitbeelding. Dit licht geeft aan haar dood iets hemels en terecht. Ze heeft haar leven ingezet om bruut gezag te wreken.

    • Kester Freriks