Rwanda geeft toe: troepen in Congo; Bereid tot onderhandelen

Rwanda's sterke man Paul Kagame heeft gisteren in een onderhoud met de Zuid-Afrikaanse president Nelson Mandela voor het eerst toegegeven dat zijn troepen zich in Congo bevinden.

Kagame zei dat Rwandese militairen sinds eind augustus in het buurland zijn en dat hij bereid is te onderhandelen over terugtrekking. De ontmoeting met Mandela vormt een onderdeel van een nieuw bemiddelingsinitiatief van Zuid-Afrika. Eergisteren erkende de Congolese rebellenleider Ernest Wamba dia Wamba al dat Oegandese en Rwandese soldaten aan zijn zijde meevechten tegen de Congolese president Kabila.

Generaal Kagame, die vice-president is, weigerde na afloop van het gesprek met Mandela, dat plaatshad in de Zuid-Afrikaanse hoofdstad Pretoria, te zeggen hoeveel troepen hij in Congo heeft en wat hun opdracht is. Hij bestreed de opvatting dat de problemen in de regio te wijten waren aan de invasie. Dat was ook de reden dat Rwanda tot nu toe niet voor zijn aanwezigheid in Congo uitkwam: het had een verkeerde indruk kunnen wekken aldus Kagame.

De opstand in Congo, die op 2 augustus begon, was een initiatief van Congolezen zelf, Rwanda verleende pas na verloop van tijd assistentie, zo verklaarde Kagame, “om de nationale veiligheid van Rwanda te waarborgen'. Hij beschuldigde Kabila van het geven van steun aan Hutu-milities, die vanuit Congo van plan zouden zijn Rwanda binnen te vallen.

Mandela noemt de 'biecht' van Kagame “de verwijdering van het laatste struikelblok' voor onderhandelingen tussen de regering-Kabila aan de ene kant en de rebellen en hun bondgenoten aan de andere kant. Kagame zei bereid te zijn over vrede te praten. “We willen helpen een oplossing te zoeken. Eerst een wapenstilstand en dan onderhandelingen over een akkoord', aldus Kagame. Eerdere pogingen van Zuid-Afrika om de afgelopen maanden tot een vergelijk te komen liepen op niets uit.

Maar ook op het slagveld heeft geen van de partijen de ander tot nu toe de beslissende slag kunnen toebrengen. Kabila kreeg eind augustus militaire steun van Angola, Namibie en Zimbabwe. Hoewel daardoor de aanvankelijk snelle opmars van de rebellen en de Rwandezen/Oegandezen tot staan werd gebracht, bleken de vereende krachten van de vier legers niet in staat het verzet het zwijgen op te leggen. De rebellen beheersen nu naar eigen zeggen 45 procent van het grondgebied.

Intussen heeft de intensieve betrokkenheid van Zimbabwe (meer dan 3.000 man in Congo) tot grote spanningen geleid in eigen land. De economische problemen van de regering van president Robert Mugabe zijn door de steun aan Congo verergerd, waardoor grote ontevredenheid is ontstaan. Woensdag kwam het in Harare tot ernstige rellen, nadat Mugabe de brandstofprijzen liet verhogen met 67 procent. Met prijsverhogingen in eigen land probeert Mugabe de oorlog over de grens te financieren. Het Zimbabweaanse leger is in volledige staat van paraatheid gebracht.