Geweld laait op in Kosovo

Vijf Albanezen zijn gisteren gedood bij een schietpartij met een Servische politiepatrouille.

Volgens het Servische Mediacentrum werden de vijf gedood bij het dorp Opterusa. Ze zouden de politietroepen hebben aangevallen met automatische geweren en raketten. Het betreft het ernstigste incident sinds de de Amerikaanse gezant Richard Holbrooke een overeenkomst sloot met de Joegoslavische president Milosevic over een terugtrekking van Servische ordetroepen uit Kosovo en repatriering van de vluchtelingen. Een missie van tweeduizend waarnemers onder auspicien van de OVSE moeten toezien op uitvoering van dit akkoord.

En hoge Britse functionaris betoonde zich gisteren in Kosovo niet tevreden met het tempo van de OVSE-missie. De Britten sturen daarom alvast vijftig waarnemers en twintig terreinwagens vooruit, zo maakte hij bekend. Er zouden grote logistieke problemen zijn. “Deel van het probleem is dat de Amerikanen alle hotelkamers in Kosovo in beslag hebben genomen.'

De Amerikaanse afgezant Christopher Hill sprak gisteren met leiders van het Kosovo Bevrijdingsleger UCK bij het dorp Dragobilje. Hij zou de leiders van de rebellenleger de tekst hebben overhandigd van het Amerikaanse voorstel om de provincie autonomie te geven. Het UCK neemt tot dusver met niets minder dan onafhankelijkheid genoegen.

Het UCK zette de verhoudingen gisteren verder op scherp door aan te kondigen een eigen burgerbestuur op te zetten in 'bevrijd gebied' in Kosovo. Deze stap geldt als een uitdaging aan de Albanese politici, die onder leiding van 'president' Ibrahim Rugova een schaduwstaat in het leven hebben geroepen. Die schaduwstaat leefde tot dusver in een toestand van vreedzame coexistentie met het UCK.

Montenegro, dat samen met Servie de Joegoslavische Federatie vormt, heeft gisteren volledige vrijheid van meningsuiting voor lokale en buitenlandse media beloofd. Montenegro keert zich daarmee tegen Servie, dat de pers muilkorft middels een nieuwe mediawet. (AFP, AP Reuters)