Winstgroei bij Unilever ondanks Azie; Lager resultaat in VS

Het voedings- en wasmiddelenconcern Unilever heeft ondanks de crisis in Azie de winstgevendheid in het derde kwartaal in die regio verbeterd. De winstcijfers in de Verenigde Staten en vooral Latijns Amerika gingen wel naar beneden.

Het Brits-Nederlandse bedrijf maakte vanochtend bekend dat de bedrijfswinst in het derde kwartaal met 3 procent is gestegen tot bijna 3,1 miljard gulden. De omzet bleef met 23,6 miljard nagenoeg gelijk. Als gevolg van de verkoop van de plantveredelaar PBIC in juli steeg de nettowinst (inclusief een buitengewone bate van 460 miljoen) met 33 procent tot 2,2 miljard gulden.

De Aziatische activiteiten zorgden het afgelopen kwartaal voor een bedrijfswinst van 417 miljoen gulden tegen 337 miljoen een jaar eerder. In werkelijkheid is de winstgroei echter gering, zo stelt het concern, omdat is gerekend tegen constante wisselkoersen, waardoor het effect van de valutadalingen in die regio niet wordt meegenomen.

Met name India en de Filippijnen zorgen volgens Unilever voor goede resultaten. Het concern zag de brutomarge (bedrijfswinst als percentage van de omzet) van 9,3 tot 10,2 procent stijgen. China draait nog altijd matig, maar een nieuw opgezet verkoopapparaat moet dit verbeteren.

De winstgevendheid in Europa is in jaren niet zo hoog geweest. Ondanks de slechte zomer, waardoor de ijsverkopen sterk tegenvielen, steeg het resultaat met 3 procent tot 1,7 miljard gulden. De omzet daalde met 6 procent, waardoor de winstmarge op 16 procent uitkwam. Vooral producten voor het huishouden (wastabletten bijvoorbeeld) en voor persoonlijke verzorging gaven de verkopen een impuls.

In Noord-Amerika wordt minder winstgevend geproduceerd. Vooral als gevolg van hogere marketinginspanningen (parfum) liep de winst met ruim 10 procent terug tot 552 miljoen gulden, terwijl de omzet licht steeg.

De winst in Latijns Amerika liep met ruim 11 procent terug tot 233 miljoen gulden.

Volgens Unilever heeft de bevolking in dat werelddeel haar bestedingen drastisch teruggeschroefd. Daarnaast speelden hogere reorganisatiekosten een rol. De omzet nam iets toe waardoor de brutomarge vorig jaar daalde van 10 tot 8,5 procent.

In de afgelopen negen maanden is de nettowinst ten opzichte van dezelfde periode vorig jaar meer dan gehalveerd tot 5,2 miljard gulden. De winst over 1997 wordt echter vertekend door een miljardenbate als gevolg van de verkoop van de chemische activiteiten (opbrengst 15,8 miljard gulden). De bedrijfswinst zonder dergelijke incidentele factoren steeg met 9 procent tot 7,5 miljard gulden. De omzet nam tot en met september met drie procent toe tot 69,6 miljard.

Door de verkoop van de chemische activiteiten is de kaspositie van Unilever nog altijd riant. Net als in 1997 heeft het concern bijna 12,5 miljard gulden in kas en de besteding daarvan is nog niet duidelijk. Is voor de eeuwwisseling geen bestemming gevonden dan is de kans groot dat het geld, bijvoorbeeld via een superdividend, aan de aandeelhouder wordt uitgekeerd.

Het interim-dividend heeft Unilever vastgesteld op 81 cent per aandeel. Zoals gebruikelijk is deze winstuitkering 35 procent van het totale dividend van 1997.

De beurs reageerde gematigd positief op de kwartaalcijfers. Het aandeel Unilever stond rond het middaguur ruim 2 procent hoger op 142,30 gulden.