'We roepen al jaren dat we te weinig rechters hebben': Meer blauw op straat leidt ook tot meer rechtspraak

Justitie kampt met achterstanden in de behandeling van strafzaken. Minister Korthals heeft maatregelen aangekondigd. Een bericht uit de praktijk in Haarlem.

Arie D. is muziekleraar. In 1995 pleegde hij meerdere malen ontucht met zijn geestelijk gehandicapte leerling Hans R. In de aanklacht tegen D. staat dat hij Hans heeft betast, op de mond heeft gezoend en zich in zijn bijzijn heeft bevredigd.

Op 14 juni 1996 vertelde Hans R. tegen een begeleider wat er was gebeurd. Arie D. werd opgepakt. Vandaag verschijnt hij voor de Haarlemse rechtbank. Veel te laat, vindt W. Doornik, de advocaat van D. Nog voordat de zitting goed en wel begonnen is, vraagt hij de rechtbank het openbaar ministerie niet-ontvankelijk te verklaren. “Artikel 6 van het Europees verdrag van de rechten van de mens stelt dat een strafzaak binnen een redelijke termijn moet worden afgehandeld. Mijn client werd gearresteerd in 1996. Inmiddels zijn we bijna tweeenhalf jaar verder. Al die tijd is er niets gebeurd.'

De rechterlijke macht kan het grote aantal strafzaken niet aan. Vorige week werd bekend dat het openbaar ministerie vreest dat tienduizend zaken moeten worden geseponeerd, omdat ze wegens capaciteitstekorten bij de rechtbanken niet op tijd kunnen worden aangebracht. “Niets nieuws onder de zon', zegt Eva Coyajee-Kappers. Als vice-president is ze belast met de coordinatie van de afdeling strafrecht van de rechtbank in Haarlem. “We roepen al jaren dat we veel te weinig rechters hebben.'

Vooral in Haarlem is het probleem acuut. Vorige maand meldde het Haarlemse OM procureur-generaal C. Ficq dat 150 a 200 zaken een zodanige vertraging hebben opgelopen “dat ze niet meer met goed fatsoen aan de rechter kunnen worden voorgelegd.' Het Haarlemse OM dreigde daarom af te zien van vervolging.

Daar komt niets van in, liet minister Korthals (Justitie) de Tweede Kamer weten.

Volgens Korthals bedraagt de totale achterstand van strafzaken die door de meervoudige strafkamer moeten worden behandeld niet tienduizend, maar hooguit 720. Deze kunnen binnen achttien tot vierentwintig maanden voor de rechter worden gebracht. De termijn van twee jaar waarbinnen volgens het Europees verdrag van de rechten van de mens de zaak moet worden behandeld “is dus nog niet overschreden', aldus Korthals.

Dat geldt in ieder geval voor de zaak tegen Arie D. Na kort beraad komt de Haarlemse rechtbank tot de conclusie dat D. weliswaar op 14 juni 1996 is aangehouden, maar dat het gerechtelijk vooronderzoek tegen de muziekleraar pas in maart 1997 is gestart. Hiermee komt het aantal maanden dat de zaak tegen D. loopt op 21, ruim binnen de redelijke termijn van twee jaar. Maar wenselijk is deze vertraging allerminst, geeft rechter Ebby Hofstee toe. “De rechtbank zal dit zeker meewegen in de strafmaat, mocht het tot een veroordeling komen.' Ook de officier van justitie houdt rekening met het feit dat het allemaal wel heel lang heeft geduurd. Ze eist alleen voorwaardelijke gevangenisstraf. Wel moet Arie D. deelnemen aan een 'terugval preventieproject' van de reclassering.

“Geef mij meer rechters. Dat was de eerste zin van mijn jaarverslag', vertelt vice-president Coyajee aan het einde van de lange zittingsdag. Op dit moment werken er twintig rechters bij de afdeling strafrecht van de Haarlemse rechtbank. Binnenkort moeten dat er 22 worden: het ministerie van Justitie heeft dit jaar zeven ton extra ter beschikking gesteld voor het aantrekken van nieuw personeel. Maar het is maar de vraag of die verhoging van het budget structureel is, verzucht Coyajee. Bovendien zal het nog wel even duren voordat de nieuwe rechters zijn ingewerkt.

“De politiek denkt dat je met extra geld zomaar even een blik rechters opentrekt. Maar zo werkt dat niet.'

Vandaag heeft de rechtbank de achterstand enigszins kunnen inlopen. Vier van de acht behandelde zaken dateren van 1996. Coyajee: “In het laatste kwartaal hebben we soms ruimte om iets te doen aan de 'vrije voeters' de verdachten die zijn ontslagen uit voorarrest, omdat hun zaak zo lang is blijven liggen. In de zomer is er namelijk meestal minder aanvoer. Maar het lukt niet altijd.'

Vorig jaar behandelde de Haarlemse meervoudige kamer 970 strafzaken. Een daarvan was een 'megazaak' een zijtak van het onderzoek tegen Etienne U. Deze grote, ingewikkelde processen tegen drugscriminelen zorgen voor veel oponthoud, vertelt Coyajee. “De rechters houden in zo'n zaak twee weken zitting. Bovendien zijn ze twee weken bezig met de voorbereiding. In die tijd kun je zeventig a tachtig gewone strafzaken afhandelen.'

In het verleden was het Nederlandse strafproces vooral een papieren aangelegenheid. Getuigen waren al bij de voorbereiding van de zitting door de rechter-commissaris gehoord. Daar is de afgelopen jaren verandering in gekomen, vertelt rechter Hofstee. “Het Nederlandse strafproces veramerikaniseert. Advocaten willen getuigen tijdens de zitting horen en doen hierbij een beroep op het onmiddellijkheidsbeginsel. De jurisprudentie van het Europes Hof biedt ons weinig ruimte hiervan af te wijken. Maar het kost wel allemaal extra tijd.'

De oplossing voor de structurele achterstanden is simpel, vindt Coyajee. “De politiek moet meer geld overhebben voor de rechtspraak. Iedereen roept dat er meer blauw moet komen op straat. Dat is natuurlijk prachtig, maar niemand realiseert zich welke gevolgen dat heeft voor het strafrechtelijke traject. Want al die opgepakte criminelen komen uiteindelijk voor de rechtbank terecht.'

    • Steven Derix