'Studieplannen onhaalbaar en onverantwoord'

Voorzitter Drenth van de commissie die vorig jaar adviseerde over een nieuwe toelatingsprocedure voor numerus fixus-studies, is het niet eens met de plannen van minister Hermans.

Praktisch onhaalbaar en ethisch onverantwoord, beoordeelt hoogleraar psychologie prof.dr. P.J.D. Drenth de plannen van minister Hermans (Onderwijs) om het lotingssysteem voor numerus fixus-studies aan te pakken. In dit voorstel wordt iedereen met gemiddeld een acht of hoger voor zijn eindexamen zonder meer toegelaten tot de gewenste studie. Daarnaast mogen de universiteiten en hogescholen dertig procent van de beschikbare plaatsen geven aan studenten die zijzelf selecteren. Scholieren die overblijven moeten deelnemen aan een systeem van gewogen loting, zoals dat nu voor iedereen geldt. Jaarlijks loten ongeveer 17.500 studenten voor een plaats bij onder meer geneeskunde, tandheelkunde diergeneeskunde of fysiotherapie.

Begin vorig jaar presenteerde de commissie-Drenth, op verzoek van de toenmalige minister van Onderwijs Jo Ritzen, een toelatingsprocedure voor studies met een numerus fixus. In het rapport 'Gewogen loting gewogen adviseerde de commissie de helft van de aangemelde studenten zonder loting toe te laten. Het gaat daarbij om de scholieren met de hoogste eindexamencijfers. Tien procent van de overigen zouden de onderwijsinstellingen zelf mogen toelaten op basis van uitzonderlijke motivatie. De rest zou moeten loten.

Het nieuwe voorstel van de minister lijkt op dat van u. Waarom bent u niet tevreden?

“Ik val met name over de dertig procent van de plaatsen waarvoor de universiteiten en hogescholen zelf studenten mogen selecteren. Een sociaal vaardige student kan motivatie tijdens een sollicitatiegesprek 'faken'. Overigens wil het grootste deel van de aankomende studenten die zich bijvoorbeeld inschrijven voor geneeskunde heel graag die studie doen.

Die arme interviewers moeten een onderscheid maken tussen gemotiveerde, zeer gemotiveerde en ontzettend gemotiveerde mensen. Je krijgt dan onherroepelijk te maken met willekeur.

Daarnaast is het voor een eerlijke selectie noodzakelijk dat alle universiteiten gelijke criteria hanteren. Dat is alleen mogelijk als de selectie aan alle instellingen door dezelfde mensen wordt verricht. Een soort panel dus. Zij moeten verstand hebben van de studie, maar ook getraind zijn in het selecteren van mensen. Maar voor een dergelijk panel is het weer praktisch onhaalbaar om duizenden mensen in korte tijd te interviewen.'

Universiteiten kunnen toch onderling dezelfde criteria afspreken?

“Het gaat om de toekomst van jonge mensen, daarom moeten de kansen voor iedereen absoluut gelijk zijn. Een selectiecommissie bestaat ook maar uit mensen. De ene commissie geeft wellicht de dochter van de chirurg uit het Gooi voorrang op een timmermanszoon uit Middelburg. Bij een andere instelling geeft een zielig verhaal in de trant van 'mijn leven valt in duigen als ik geen arts kan worden' de doorslag. Dat is ethisch onverantwoord.

Daarnaast moeten de aankomende studenten zelf kiezen bij welke universiteit ofhogeschool ze zich aanmelden voor de procedure. Ze proberen te gokken waar ze de meeste kans hebben om binnen te komen en laten hun keuze niet afhangen van de kwaliteit van de opleiding of van het studieprogramma. Dat geeft onrust, twijfel en spijt als ze niet worden aangenomen. Daarom moet die verantwoordelijkheid niet bij de scholieren liggen.'

In uw eigen voorstel wordt ook tien procent op motivatie geselecteerd.

“Dat gaat om mensen die bijvoorbeeld al op zaterdag in een ziekenhuis hebben gewerkt of als vrijwilliger bij een EHBO-post.

Hun motivatie hoeft niet uit een gesprek te blijken, maar is toetsbaar. Overigens zullen dat er vaak minder zijn dan tien procent.'

In uw plan wordt de helft van de aangemelde scholieren met de hoogste cijfers zonder loting toegelaten. Zeggen cijfers iets over de kans op een succesvolle studie?

“Wij hebben bekeken of mensen met hoge cijfers betere studieresultaten halen. Dat bleek zo te zijn, vooral in het begin van de studie. Het zijn mensen die hebben laten zien hard te werken en goed hun best te doen en dat mag je best honoreren. Gevallen als Meike Vernooy, die met een gemiddeld examencijfer van een 9,6 driemaal werd uitgeloot, zijn sowieso onverteerbaar. In ons model wordt de helft van de mensen met de hoogste cijfers zonder loting toegelaten. In praktijk blijkt dan een gemiddelde eindexamencijfer van ongeveer een 7,3 voldoende te zijn voor een numerus fixus-studie.'

In de nieuwe plannen mag iemand na twee keer uitloten niet meer meedoen. Vindt u dat eerlijk?

“Dat stelden wij ook voor. Anders ontstaat er een stuwmeer van belangstellenden. Maar ik heb ook een psychologische bezwaar: jongeren moeten niet te lang wachten op iets dat ze maar niet kunnen bereiken, maar op een gegeven moment kiezen voor een alternatief. Nu komt het voor dat studenten jarenlang een 'parkeerstudie' volgen, terwijl ze telkens weer meeloten. Dat is zonde van de tijd. Ik zeg maar: Als je twee keer bent afgewezen door dezelfde vrouw, is het verstandig om te kijken naar iets anders.'

    • Sheila Kamerman