Jospin blijft privatiseren

Officieel waren de Franse socialisten minder enthousiast over privatisering. In de praktijk gaan zij er gewoon mee door, zoals met France Telecom. Druk van buiten is een van de redenen.

De bekendmaking wordt vandaag of dit weekeinde verwacht: de Franse regering gaat snel weer een deel van France Telecom afstoten. Privatiseren mag het niet heten, de staat zou meer dan tweederde van de aandelen in handen houden. Maar de beweging lijkt continu: naar een terugtrekking van de overheid uit het bedrijfsleven.

De regering-Jospin bracht een jaar geleden de eerste tranche France Telecom naar de beurs. Een kwart van de aandelen vond gretig aftrek. De kopers hebben geen spijt gehad. Het aandeel werd geintroduceerd voor 182 francs. Gisteren sloot het op 365 francs, nadat het aandeel op zijn hoogste punt (26 augustus) 498,50 had gehaald. Sindsdien is het met de rest van de beurs ingestort, om sinds 1 oktober weer 21 procent te zijn opgekrabbeld.

De regering was eerder al van plan een tweede tranche af te stoten, maar moest dat een maand geleden uitstellen wegens het barre beursklimaat. De koers is nu ongeveer het zelfde, maar kennelijk heeft de regering geen zin langer te wachten op verder herstel. Vergeleken met de uitgifteprijs van een jaar geleden zal de opbrengst sowieso zonnig zijn. Verwachte opbrengst: omstreeks 25 miljard francs (8,3 miljard gulden).

De operatie zal iets ingewikkelder zijn dan de vorige keer. Het kapitaal wordt waarschijnlijk uitgebreid met 5 procent in de vorm van convertibele obligaties. De opbrengst daarvan wordt gedeeltelijk gebruikt om 2 procent van het kapitaal van Deutsche Telekom te kopen. In de nauwe samenweking met de Duitsers en het Amerikaanse Sprint ligt de directe aanleiding voor de Franse regering France Telecom verder te privatiseren: de aanstaande partners noch de regulerende autoriteiten willen met een puur staatsbedrijf te maken hebben.

Het percentage van France Telecom dat op de beurs wordt verhandeld zal toenemen van 25 tot ongeveer 38 procent een waarde van ongeveer 45 miljard gulden. Daarmee houdt de staat nog steeds een dominante greep op de vierde telefoon-operateur in de wereld.

Gezien de militante opstelling van de vakbonden binnen France Telecom opereert de regering-Jospin op kousenvoeten, maar de richting is onmiskenbaar: minder staatsinvloed, niet meer. Tijdens de verkiezingscampagnes van 1997 waren de socialisten van Jospin en de aanstaande communistische coalitiepartners het er roerend over eens dat de 'publieke dienstverlening' een te beschermen goed was. De vertaling daarvan was aldtijd: geen verdere privatiseringen. In de praktijk eet Jospin die soep aanmerkelijk minder heet. Waar het personeel hard sputtert, geeft hij een tijdje mee, om later weer terug te keren op het pad van de privatisering.

Bij Air France is met de piloten eindelijk een akkoord bereikt en kan de weg naar beperking van de staatsinvloed worden hervonden. 'Openstellen van het kapitaal' is de politiek correcte term. De piloten hebben een jarenlange loonmatiging geaccepteerd in ruil voor aandelen. Dat model wordt elders ook beproefd, maar zonder verhalen a la Thatcher over volkskapitalisme. Vooral niet.

De druk van buiten is de doorslaggevende factor bij deze nooit hardop geformuleerde politiek. Dat is ook zichtbaar bij de staatsbank Credit Lyonnais, waarvan eindelijk het privatiseringspad (volgend jaar) is bekend gemaakt. Daar is het de Europese Commissie die op privatisering staat, in ruil voor goedkeuring van de miljarden staatsteun bij het redden van de bank.

In het geval van de vliegtuigindustrie is het de Duits-Britse druk die Parijs over de streep duwt.

Het Duitse Dasa en Bristish Aerospace dreigen al maanden het eens te worden om gefuseerd militaire vliegtuigen te gaan bouwen. Gisteren bevestigde de Franse minister van defensie, Richard, dat Frankrijk wel degelijk meedoet. En opnieuw: zal voldoen aan de voorwaarde van de a.s. partners dat Aerospatiale niet als staatsbedrijf naar het altaar komt. Het kan bijna niet anders en die toenadering a trois zal ook Airbus, het Europese consortium voor de civiele vliegtuigbouw de vrijheid gaan geven waar het bedrijf en de Britse en Duitse partners al zo lang om vragen.

Hoe pragmatisch deze breedlinkse regering kan zijn bewees Jospin vorige week toen bekend werd dat de scheepswerven in Le Havre finaal dichtgaan. De trotse scheepsmakers kunnen het niet geloven dat 'hun' regering zoiets doet. Maar honderden miljoenen voorbij het point of no return besluit ook Parijs dat het uit moet zijn met de Franse RSV-avonturen.