KPN moet internationale ambities terugschroeven

Met de verkoop van een belang in Unisource schroeft KPN de ambities op de markt voor grote zakelijke klanten fors terug. Hoe lang kan het telecombedrijf nog zelfstandig voortbestaan?

De kogel is door de kerk. Swisscom, Telia en KPN trekken zich voor een belangrijk deel terug uit Unisource. Zo'n radicale stap was bijna onvermijdelijk geworden nadat de Amerikaanse Unisource-partner AT&T deze zomer aankondigde dat het grote bedrijven voortaan in een gezamenlijke onderneming met British Telecom zou gaan bedienen.

Naar verwachting zal een nieuwe aandeelhouder in Unisource - een bank of Amerikaans telefoonbedrijf - een belang van vijftig tot zestig procent verwerven. Voor elk van de oprichters blijft dan een slordige 15 procent over. Onduidelijk is waarin Swisscom, KPN en Telia dan nog een belang hebben.

Tot de activa van Unisource behoren in elk geval een belang van honderd procent in Siris (een telecommunicatiebedrijf dat zich in Frankrijk vooral op de zakelijke markt beweegt) en een meerderheidsparticipatie in DPlus, een succesvolle aanbieder van mobiele telecommunicatie op de Duitse markt.

Het is echter onwaarschijnlijk dat KPN bereid zal zijn grote internationaal opererende klanten aan Unisource te laten. Gezien de bescheiden financiele participatie waarop het Nederlandse telecommunicatiebedrijf aanstuurt zal het niet mogelijk zijn over deze klanten de controle te behouden.

Als KPN deze multinationals, veelal met vestigingsplaats in Nederland, inderdaad voor zichzelf behoudt, zal het wel in staat moeten zijn hen te bedienen. Met het afblazen van een strategie die bijna zes jaar lang speerpunt is geweest is onduidelijk hoe dat in de toekomst moet gebeuren.

“De internationale samenwerking van KPN begint door deze stap een beetje in het luchtledige te geraken', aldus analist J. van Breukelen van Friesland Bank Securities vanmorgen.

Volgens de Britse analist James Ross van ABN Amro Hoare Govett resteren KPN drie opties.

In de eerste plaats zou het bedrijf naar model van AT&T en British Telecom een nieuwe joint venture kunnen opzetten om grote internationale bedrijven te bedienen. Problematisch daarbij is dat gezamenlijke ondernemingen zonder kruisparticipaties van de partners in elkaars aandelenkapitaal de afgelopen jaren zeer kwetsbaar zijn gebleken. AT&T en Telefonica hebben afscheid genomen van Unisource, maar ook elders zijn de allianties op het internationale speelveld voortdurend aan verandering onderhevig.

KPN en een eventuele partner zouden ervoor kunnen kiezen een joint venture met een participatie in aandelen te bezegelen. De Europese giganten France Telecom en Deutsche Telekom hebben eerder dit jaar voor een dergelijke opzet gekozen. Met de Frans-Duitse en Amerikaans-Britse allianties die eerder dit jaar zijn gevormd zijn de meest aantrekkelijke partners eigenlijk vergeven.

Een tweede mogelijkheid is dat KPN er toch voor kiest zelfstandig zijn netwerk uit te bouwen. Op die manier zou het bedrijf de vele multinationals die in Nederland gevestigd zijn kunnen blijven bedienen. De markt voor grote zakelijke klanten wordt echter steeds voller. En er is een niet aflatende prijzenslag gaande. Betrekkelijke nieuwkomers zoals Equant (dat gebruikmaakt van het netwerk van grote luchtvaartmaatschappijen) en het snel groeiende Worldcom (gefuseerd met het Amerikaanse MCI) opereren in deze markt agressief. In de strijd om klanten die een betrouwbaar netwerk willen gebruiken dat zich uitstrekt tot in alle uithoeken van de wereld is een speler die daarvoor capaciteit van buiten moet inkopen of huren fors in het nadeel.

Misschien kan KPN het verlies van grote klanten beter incasseren als het erin slaagt nieuwe 'thuismarkten' te creeren, zoals topman W. Dik beoogt. M. Pieters van KPN International verklaarde vorige week dat het bedrijf het aantal aansluitingen in het buitenland wil verdubbelen. Met name in Slovenie, Bulgarije en Slowakije liggen nieuwe mogelijkheden. Steeds meer analisten veronderstellen echter dat KPN ondanks deze expansiestrategie op termijn niet zelfstandig zal kunnen voortbestaan.

De derde en laatste optie voor KPN is het binnenhalen van een buitenlandse partner. “Ik denk niet dat KPN alleen op middellange termijn overleeft', zegt Van Breukelen.

De nationale telecommunicatiebedrijven Belgacom en TeleDanmark in Belgie en Denemarken hebben al eerder een deel van de controle afgestaan aan buitenlandse partners. Een volledige overname is niet nodig. Een minderheidsparticipatie van een Amerikaanse operator zou volstaan.