Jospin kan niets doen aan lot Priem

De Franse regering kan niets doen om TVM-ploegleider Cees Priem, verzorger Jan Moord en ploegarts Michailov te bevrijden van de plicht in Frankrijk te blijven totdat de Franse rechter tot een beslissing komt in de EPO-dopingzaak.

Dat heeft de Franse premier, Jospin, gisteren in het Catshuis geantwoord op vragen van premier Kok naar het lot van de TVM-mensen, die in juli tijdens de Tour de France werden aangehouden. Jospin benadrukte dat de Franse rechterlijke macht en het openbaar ministerie onafhankelijk zijn en niet door de “politiek' kunnen worden beinvloed. Hij ontkende dat er een verband zou zijn tussen het lot van Priem en de zijnen en Franse bezwaren tegen het Nederlandse drugsbeleid dus dat de TVM-mensen zouden worden gestraft voor het Nederlandse gedoogbeleid. Jospin verwees ter verklaring van zijn positie naar de Nederlandse bezorgdheid over aantasting van de monetaire onafhankelijkheid van centrale banken in de landen van de Europese Unie en die van de Europese Centrale Bank voor de euro per 1 januari 1999. Jospin zei te hopen dat een groot sportland als Nederland, dat bij wielrennen en voetbal “zulke grote prestaties levert', met Frankrijk wil proberen doping uit de sport te weren. Premier Kok zei de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht te kennen en te respecteren maar het lot van Priem c.s. ter sprake te hebben gebracht, omdat daarover in Nederland “grote bezorgdheid' bestaat.