God is altijd online; Kloosters met eigen website

Bij kloosters denk je niet meteen aan Internet. Het een heeft een wat ouderwets en stoffig imago, het ander een hypermodern. Toch zijn kloosterlingen goed op de hoogte van wat er op het World Wide Web gebeurt. Sterker nog: ze zijn met hun websites zeer aanwezig. Deze sites bieden virtuele rondleidingen, uitgebreide informatie over het kloosterleven prachtige digitale foto's, videobeelden en kerkmuziek. Wie wil weten hoe een klooster er van binnen uitziet en wat er zich afspeelt, moet eens op 'cybervisite' gaan bij een kloosterwebsite.

Tientallen, zo niet honderden kloosters hebben inmiddels een eigen website. Niet alleen Amerikaanse, ook Benedictijnen, Jezuieten Dominicanen en Franciscanen uit Engeland, Nederland en Belgie leiden tegenwoordig een virtueel leven. De sites zijn soms verbluffend mooi zoals die van het Engelse Benedictijnenklooster St. Michaels Abbey (www.farnboroughabbey.org). Hier kan via een filmpje, onder begeleiding van galmende klokken, een wandeling gemaakt worden door de abdij en 'gebladerd' worden door een boek dat achtergrondinformatie verschaft over de orde en de geschiedenis ervan.

Andere sites zijn minder bijzonder qua vormgeving, maar geven wel heel wat informatie over het kloosterleven. In de online agenda van een Amerikaans Benedictijnenklooster (http://www.procopius.org) valt te lezen dat de bewoners om zes uur 's ochtends beginnen met bidden, om daarna in stilte te ontbijten. De Fraters van Tilburg, die verspreid blijken te zitten over acht landen, melden op hun website (web.inter.NL.net/users/gbcmm) dat ze zich bezighouden met de opvang van mensen die geen dak boven hun hoofd hebben, zoals uitgeprocedeerde asielzoekers. Een enkele keer stellen de monniken zich via hun site aan het grote publiek voor, zoals die van de Amerikaanse Saint John's Abbey (www.osb.org/osb/sja). Zo vertelt frater en 'whizzkid' Tom Gillespie dat hij van golf houdt en 'firemonk' is (brandweerman).

Niet zelden worden jongeren via de site opgeroepen om in het klooster in te treden. Er zijn er zelfs (www.procopius.org) met tips hoe je monnik kunt worden. Een eerste stap om uit te vinden of je monnik wilt worden, zo zeggen ze daar, is 'jezelf openen voor God door gebed en luisteren naar zijn antwoord'.

Ook wordt reclame gemaakt voor kloosterwinkels en -producten. De Belgische Norbertijnenabdij Averbode (www.averbode-online.be/abdij) prijst op haar fraaie website cd's aan die in de abdijboekhandel verkrijgbaar zijn. Abdij Tongerlo (www.tongerlo.org) biedt likeur, zelfgemaakte wenskaarten en prenten aan. De kloostersites zijn opgezet, aldus Kris de Brabander van Abdij Tongerlo, om een nieuwe doelgroep te informeren die niet via de normale wegen (folders tijdschriften) bereikt werd.

Een andere reden voor kloosterlingen om het web op te gaan, wordt genoemd op die mooie site van St. Michaels Abbey (www.farnboroughabbey.org): “Monniken hebben altijd van mooie kunst en het geschreven woord gehouden en monniken moeten vandaag de dag niet alleen op de hoogte zijn van moderne media, maar zouden voorop moeten lopen, zoals ze altijd hebben gedaan.' Ook Kris de Brabander van Abdij Tongerlo vindt dat kloosters niet aan het Internet mogen voorbijgaan omdat ze anders “zouden kunnen evolueren tot een 'achterlijk' randfenomeen in deze maatschapij'.

Over de vraag waarvoor de kloostersites zeker niet bedoeld zijn, heeft De Brabander een uitgesproken mening. Biechten kan niet: “Daarvoor is steeds de bemiddeling nodig van een priester binnen een rituele context.' Ook bidden via Internet ziet hij niet zitten. “Immers, richt men zich in gebed niet tot God? En Die is steeds online zonder dat Hij daarvoor website, e-mail of chatprogramma nodig heeft.'

    • Lukas Keijser