Een stukje Engeland in hartje Twente

Men waant zich in een Engels country house', meldt hotel-restaurant Landgoed de Wilmersberg over zichzelf. Ze spiegelen zich daar in De Lutte graag aan het overzeese landleven: de kamers zijn 'Engels ingericht' en het ontbijt heeft 'een Engels tintje'. En inderdaad, op het smalle toegangsweggetje door het licht glooiende landschap tussen de uitlopers van de Twentse heuvelrug komen herinneringen boven aan een vakantie op het Engelse platteland.

In Nederland duurt zoiets nooit lang. Al na een paar minuten doemt de voormalige villa van de Twentse textielfamilie Blijdenstein op. Zijn in Engeland de landgoederen vaak enigszins onderkomen, de Wilmersberg ziet er piekfijn uit. Als een mega-cottage ligt het in een mooie tuin, waar in het seizoen vele rododendrons bloeien. Ondanks een zeer forse gloednieuwe aanbouw is het karakter van de villa behouden. Ook in het interieur is dat gelukt, dankzij het handhaven van het trappenhuis en een grote salon die nu dienst doet als lounge, zonder chesterfields maar wel met kleurig beklede banken en fauteuils.

De ontvangst heeft niets van Britse gereserveerdheid, maar kenmerkt zich eerder door YMCA-opgewektheid. Een van de kamers in het oude hotelgedeelte wordt aangeprezen als 'knus', de prijs is f155. We kiezen voor een van de Engelse kamers in de nieuwbouw. Die kost f225 exclusief ontbijt. In Engeland is dat, gezien de absurd hoge kamerprijzen, een koopje, maar ook naar Nederlandse maatstaven blijkt het waar voor zijn geld. De kamer is niets voor liefhebbers van modern design, maar ideaal voor gasten die een klassieke inrichting in stemmige kleuren met alle comfort apprecieren. En, zoals we dat uit Engeland kennen, er zijn faciliteiten om zelf een kopje koffie of thee te zetten. Het enige probleem lijkt de voor een goede nachtrust net iets te luidruchtige airconditioning te worden, maar die houdt er klokslag 23.00 uur vanzelf mee op.

Hoe krijgen ze toch al die fraai gelegen, luxueuze hotels vol met gasten, vragen we ons af? Het wordt bij het betreden van de eetzaal onmiddellijk duidelijk: dit soort hotels drijft op het zakenleven en de 'verwenvakanties'. Er is een groot gezelschap gepakte en gemantelpakte dertigers.

We schatten ze in als de young executives van een multinational die een paar dagen het bos in zijn gestuurd om de klokken gelijk dan wel de neuzen in dezelfde richting te zetten. De overige gasten zijn ook jeugdig, maar tweede- en derdejeugdig. Ze brengen de dag wandelend, fietsend en golfend door. Daarna rusten ze uit in de whirlpool, de sauna of het beauty- en leisurecentrum.

Het diner heeft niets van de beruchte traditionele Engelse keuken, noch van de befaamde, eigentijdse Londense kookkunst. De gerechten zijn traditioneel, zoals kalfbiefstuk met paddestoelensaus en 'salade van sla-bladsoorten' met lauwwarme zalm. Het eten roept verdeelde reacties op. Links van ons is het golfechtpaar zeer tevreden over het menu. Rechts van ons mokt het wandelechtpaar. 'Weer zo'n idioot maiskolfje', is de reactie op het garnituur. Het lijkt me een kwestie van verwachtingen. Wie een lang weekend op de Wilmersberg logeert en gewoon een goed bereide maaltijd op niveau wil, komt aan zijn trekken. Wie, zeker gezien de ambiance, op gastronomische prestaties rekent, is teleurgesteld. De keuken is conventioneel en toont sporen van doorgeschoten 'optimalisatie'. Een blik op de borden van de andere gasten leert bijvoorbeeld dat bij alle hoofdgerechten hetzelfde garnituur ligt. Het garnituur van de week, blijkt de volgende dag, bestaat uit een ruitje aardappelgratin, wat peultjes en de vermaledijde mini-maiskolf. Het staat wel decoratief, zo'n kolfje, maar het smaakt altijd naar zeep.

In het restaurant blijkt dat de Wilmersberg best zo'n in een Engels country-hotel altijd een tikje dominant aanwezige gastheer of -vrouw zou kunnen gebruiken. Het past bij de beoogde sfeer en er is ook werk aan de winkel.

De bediening is vaardig en vriendelijk, maar iedereen lijkt zijn eigen gang te gaan. De stijl van werken verschilt nogal en er vallen wat steekjes. Zo wordt het brood na het voorgerecht weggehaald, maar blijven de lege aperitiefglazen tot bij het nagerecht staan. Er zijn meer van dit soort puntjes die op zichzelf niet echt erg zijn, maar alles bij elkaar gaan storen.

Het ontbijt verloopt wel perfect. Het Engels tintje kunnen we niet ontdekken, wel een Twents. Er is heerlijk suikerbrood en krentenwegge. Het is soms helemaal niet gek het dicht bij huis te zoeken.