Doema wil Koerdenleider asiel geven; Turkije protesteert

De meest gezochte man van Turkije, Koerdenleider Abdullah Ocalan, heeft Rusland om politiek asiel gevraagd. Het Russische Lagerhuis, de Doema heeft president Jeltsin opgeroepen het verzoek in te willigen.

De Doema leverde daarbij gisteren scherpe kritiek op de Turkse Koerdenpolitiek. Jeltsin is overigens niet gebonden het verzoek van de Doema, dat door 298 van de 299 aanwezige parlementariers werd gesteund in te willigen.

In een eerste reactie zei de Turkse vice-premier Bulent Ecevit gisteren “dat Rusland er beter aan zou doen om goede relaties met Turkije te onderhouden, in plaats van met een terreurorganisatie'.

Ocalan is volgens Turkse berichten naar Moskou verhuisd vanuit Syrie, dat vorige maand door Turkije onder zeer zware druk is gezet om een eind te maken aan zijn steun voor Ocalan en zijn separatistische Koerdische Arbeiderspartij (PKK). Ankara heeft Moskou op 20 oktober om zijn uitlevering gevraagd, maar de Russische inlichtingendienst FSB heeft gezegd hem nog niet te hebben gevonden.

Moskou aarzelt om het asielverzoek te honoreren uit angst voor het verstoren van de economische relaties met Turkije. De communisten in de Doema steunen Ocalan omdat hij tegen NAVO-lid Turkije vecht. De liberale Jabloko-fractie is voor asielverlening uit protest tegen “de genocide' van de Turken op de Koerden.

De Russische ambassadeur in Ankara Aleksander Lebedev, is gisteren op het Turkse ministerie van Buitenlandse zaken ontboden om een protest tegen het besluit van de Doema in ontvangst te nemen. Volgens Lebedev hoeft het voorstel van de Doema niet noodzakelijkerwijs te leiden tot een wijziging in de politiek van Moskou.

Het Russische onderzoek naar Ocalans verblijfplaats zou deze week worden afgerond. Turkije verwacht dan ook nieuwe informatie over de verblijfplaats van de Russische eerste onderminister van Buitenlandse Zaken, Aleksandr Avgejev, die vandaag in Turkije wordt verwacht.

Turkse kranten wierpen vanmorgen de vraag op of Ocalan wellicht de tweede Arafat wordt, daarmee refererend aan de het feit dat de PLO de kans kreeg om zich van een terreurorganisatie in een politieke organisatie om te vormen, nadat Arafat werd gedwongen om uit te wijken naar Tunis.