Britse economie crisisbestendig

Groot-Brittannie krijgt te maken met een daling van de groei. Maar volgens minister van Financien Gordon Brown is er geen reden voor paniek.

In een regen van vonken ontstaat een auto. Dit is de 'Body Shop' een hal van de Vauxhall-fabriek in Luton, even ten noorden van Londen waar robot-armen stukken carrosserie vastlassen en aan elkaar doorgeven. Aan het eind van de productielijn, een paar kilometer verder, komt elke minuut een Vauxhall Vectra van de band. Als er een links stuur inzit, heet hij Opel Vectra, maar het is dezelfde auto.

Boven het dreunen sissen en ronken van de machines uit klinkt in de Body Shop ook een ander geluid: het ratelen en knarsen van de Britse economie. Vauxhall in Luton hoort tot de modernste autofabrieken van het Verenigd Koninkrijk sinds het moederbedrijf General Motors in 1993 een grootscheepse automatisering afdwong. Maar de export van Vectra's, Astra's en Frontera's zou nog succesvoller zijn als het Britse pond niet zo duur was. En als de rente daalde zou het makkelijker zijn om in de nieuwste technologie te investeren en de Britse efficiency-achterstand ten opzichte van de Duitse en Amerikaanse concurrenten in te lopen.

Concurrent Rover ontsloeg vorige maand 2.400 man. Zo benauwd heeft Vauxhall het nog niet. Wel is de productie van sommige onderdelen die in Luton worden geassembleerd voorlopig naar het vasteland van Europa verplaatst. Maar het bedrijf zou wel in de problemen komen als er een recessie komt.

Als. Dat is de vraag die Britten in overalls en Britten in grijze pakken bezighoudt. Geen paniek, was de boodschap die minister van Financien Gordon Brown, gisteren in het parlement verkondigde. De groei zal afnemen maar komt volgend jaar niet onder de een procent van het bruto binnenlands product (GDP), zei hij tijdens zijn pre-budget statement, een door de regering-Blair ingevoerde tussentijdse economische balans.

De inflatie blijft binnen de geraamde 2,5 procent en de Britse economie is volgens Brown gezond genoeg om een aanhoudende economische wereldcrisis te kunnen weerstaan. Zo gezond dat de verwachte nieuwe staatsleningen voorlopig uitblijven, dat de overheid schulden vervroegd aflost en dat er zelfs geld overschiet voor de gezondheidszorg. Ook stak Brown het bedrijfsleven een hart onder de riem met nieuwe banenplannen, geld voor research en ontwikkeling en een belastingverlaging.

Brown vertrouwt erop de Britse cyclus van boom and bust, de snelle en relatief hevige fases van economische groei en recessie te kunnen doorbreken. Lange termijn-planning is belangrijker dan kortstondige en uiteindelijk fatale symptoombestrijding waarop vorige regeringen volgens hem het patent hadden.

Francis Maude, Browns tegenspeler bij de Conservatieven hoefde niet lang na te denken. De hele wereld schroeft zijn groeiprognoses drastisch terug en buitenlandse investeringsbanken schatten dat de Britse economie met hooguit enkele tienden van procenten groeit of zelfs krimpt zei hij. Maar wat doet de “arrogante en zelfgenoegzame' Gordon Brown? “Hij verzint sprookjescijfers', aldus Maude. Extra uitgaven zijn wel het laatste dat deze regering zich nu kan permitteren. In plaats van alles uit de kast te halen om een economische ramp af te wenden, “verschuift Brown alleen de stoelen op het dek van de Titanic'.

Brown geflankeerd door premier Blair, hoorde de tirade van de overkant meewarig lachend aan. Hij weet dat de Tories onverminderd impopulair zijn in de peilingen. Maar bovenal weet hij zich op hoofdlijnen verzekerd van de steun van bedrijfsleven en beurs.

Dat bleek onmiddellijk.

City-analisten en de koersen reageerden positief op Browns toespraak. Het door Brown aangekondigde overschot op de begroting zou de aandelenkoersen fors uit het slop kunnen helpen. Ook het bedrijfsleven was blij met Browns plannen. “Wij geloven dat de openbare financien robuust genoeg zijn om een forse duikeling in de groei aan te kunnen zonder onacceptabel te hoeven lenen', zei Adair Turner, directeur van de Confederation of British Industry (CBI), waarin meer dan 10.000 bedrijven zijn verenigd.

Hoewel het voorspellen van de economie steeds minder een exacte wetenschap is, zeiden veel beroepsmatige waarnemers van de Britse economie gisteren ook dat Browns groeiprognose “waarschijnlijk te optimistisch' is. Sterker, Browns eigen departement, gevestigd op Downingstreet 11, voorspelde vorige maand nog een groei van 0,9 procent.

Niemand weet of de huidige economische crisis in de wereld, die in de meeste rijke landen al geleid heeft tot een daling in de groei met de helft, zich doorzet. En als Amerikaanse en Japanse reddingsplannen niet blijken te werken, kan Gordon Brown niet in zijn eentje het tij keren. Wat hij wel kan doen is proberen de Britse economie daar zo goed mogelijk tegen wapenen.

Hij heeft daartoe drie instrumenten tot zijn beschikking: fiscaal, monetair en structureel beleid. Of Browns fiscale beleid steek houdt - of de belastingopbrengsten genoeg zullen zijn om de overheidsuitgaven te betalen - moet nog blijken, maar hij kreeg gisteren het vertrouwen.

Op het monetaire beleid heeft Brown strikt genomen geen invloed, sinds de Labourregering in 1997 de Britse centrale bank, de Bank of England, formeel onafhankelijk maakte. Wel probeert Brown de Bank indirect te dwingen tot een renteverlaging, om de economie te stimuleren.

Volgens veel commentaren moet hij daarmee ophouden. Algemeen wordt aangenomen dat de bank tijdens een geplande bijeenkomst vandaag zal besluiten tot een nieuwe verlaging, mogelijk zelfs van 0,5 procentpunt, om de groei te stimuleren. Maar al te veel is ook gevaarlijk want het Verenigd Koninkrijk kan zich ook geen run op het pond permitteren.

Brown kondigde gisteren ook enkele structurele plannen aan om de economie te stroomlijnen. Het belangrijkste plan - het Verenigd Koninkrijk verankeren in de Europese Monetaire Unie - bracht hij een dag eerder al iets dichterbij. Hij kondigde aan om Britse deelname 'stapsgewijs' en 'concreet' te zullen voorbereiden. Negen van de tien bedrijven steunen hem daarin. Ook Nick Riley, de hoogste chef van Vauxhall. Als het aan hem ligt, treedt zijn land “liever vandaag dan morgen' toe.