Tin Men

Op gezette tijden keert Barry Levinson, de regisseur van Rain Man en Wag the Dog, terug naar Baltimore, de stad waar hij in 1942 werd geboren, om er een door hemzelf geschreven film te regisseren. Telkens gaat het dan om zachtaardige, autobiografisch gekruide, direct uit het hart gedraaide observaties van het leven in vroeger jaren in zijn geboorteplaats. Nostalgisch maar nooit klef.

In zijn regiedebuut Diner (1982) bezag hij bevriende begin-twintigers in het Baltimore van 1959. In Avalon (1990) volgde hij er vier generaties van een immigrantengeslacht tussen 1914 en het eind van de jaren zestig. In Tin Men (1987), vanavond bij Veronica, bevinden we ons in het Baltimore van 1963 en introduceert Levinson ons in het zonderlinge milieu der verkopers van aluminium raam- en deurkozijnen. De heren zijn stuk voor stuk kwebbelzuchtige boefjes die met allerlei doorzichtige verkooptrucs de argeloze burger proberen te verleiden. Hun handelwijze mag dan niet helemaal kosher zijn, ze is ondertussen niet doortrapter dan zeg onze Air Miles. De ouderwetse beroepsjokkers voelen zich juist een beetje onheus bejegend door de `moderne tijd', die zich aankondigt in de vorm van een Home Improvement Commission die hun verkoopstrategieen aan een formalistisch onderzoek onderwerpt.

Veel plot kent Tin Men niet. Het povere kapstokje behelst een nadrukkelijk volgens de wetten van Laurel en Hardy uit de hand lopende vete tussen twee koppige verkopers van concurrerende aluminiumfirma's: de geboren verliezer Danny DeVito en de geboren winnaar Richard Dreyfuss. In hun prestigestrijd waagt Dreyfuss het zelfs om de vrouw van DeVito te verleiden. Uiteraard fungeert deze vrouw (Barbara Hershey), de enige vrouw van belang in de film, als het morele geweten van de beroepsgedeformeerde jokkebrokken.

De kracht van Tin Men schuilt in het oeverloze gekwebbel van Dreyfuss, DeVito en hun collega's in diners en biljartlokalen. Eindeloos gekwebbel over het realiteitsgehalte van de tv-serie Bonanza, de bereidingswijze van gekookte eieren en het belang van het geborduurde voetenbankje van oma. Levinson brengt die dialogen levensecht, en onweerstaanbaar, in beeld.

Tin Men is het tegendeel van de stereotiepe Veronica-film: een bedaard geregistreerde verzameling karakters met wie je graag, in alle rust, een uurtje of twee doorbrengt.