Kok: anonieme aangifte mogelijk

Getuigen van bepaalde geweldsmisdrijven moeten de gelegenheid krijgen anoniem aangifte te doen. Dit kondigde minister-president Kok gisteravond aan tijdens een debat over geweld op straat in Leeuwarden. “Aangifte doen moet vanzelfsprekend zijn', aldus Kok, “maar als mensen bang zijn voor hun eigen veiligheid kan de aangiftebereidheid afnemen. Daarom willen we het vertrouwelijk doen van aangifte verruimen.'

De namen van de anonieme getuigen worden in een computerregister opgeslagen, dat na verloop van tijd gewist wordt. Volgens minister Peper (Binnenlandse Zaken) moet een tipgever of getuige die anoniem wil blijven uit angst voor represailles de garantie hebben dat zijn tips anoniem blijven. Het kabinet wil personen die getuigen bedreigen harder aanpakken.

Het afgelopen jaar zijn in alle provinciehoofdsteden debatten gehouden over de nota `Geweld op straat' die het kabinet in februari presenteerde. Dit gebeurde na een maatschappelijk protest naar aanleiding van de gewelddadige dood van Meindert Tjoelker, die op 13 september vorig jaar in het centrum van Leeuwarden werd doodgeschopt. Vader Berend Tjoelker richtte zich in Leeuwarden verontwaardigd tot minister-president Kok en minister Peper (Binnenlandse Zaken). “Meindert is dood, maar de daders zijn nog niet gestraft', zei hij. Hij pleitte voor een collectieve straf.

Het kabinet kondigde ook de oprichting aan van een Landelijk Platform Geweldsbestrijding, waarin vertegenwoordigers van de horeca jongerenorganisaties, politie, sport, onderwijs en bedrijfsleven informatie uitwisselen. Met deze aanvullende maatregelen wil het kabinet een poging doen de geweldsspiraal te doorbreken.

Het platform, onder voorzitterschap van burgemeester Deetman van Den Haag, zal onder meer een antigeweldscode ontwikkelen. In Leeuwarden heeft de horeca al huis- en gedragsregels opgesteld. Zo worden fysiek en verbaal geweld en discriminerende opmerkingen van horecabezoekers niet getolereerd, onder het motto `Er zijn grenzen. Punt uit'.

Kok beklemtoonde dat veiligheid en zekerheid tot de kernbegrippen van de rechtsstaat horen.

De strijd tegen geweld moet “met grote kracht' worden voortgezet, verklaarde hij. Hij zei bezorgd te zijn over de verharding van gedrag op straat en in het verkeer en memoreerde dat het aantal geweldsdelicten de afgelopen tien jaar fors is toegenomen. Een op de vijf jongeren wordt slachtoffer van een misdrijf. Eenzelfde percentage vertoont zelf agressief gedrag.

`De straat is van ons allemaal'

Minister Peper (Binnenlandse Zaken) beklemtoonde dat niet alleen de politie, maar iedereen verantwoordelijk is voor de veiligheid op straat. “De straat is van ons allemaal. We moeten elkaar durven corrigeren.' Een van de oorzaken van geweld is naar zijn oordeel het tonen van gewelddadige films op televisie. Peper suggereerde “losbandige uitingen van geweld op televisie' te boycotten.

T. van Dalen, procureur-generaal bij het Leeuwarder gerechtshof, antwoordde dat hij niet concreet op de zaak kon ingaan, omdat die onder de rechter ligt.

De vader van Joes Kloppenburg (26), die op 17 augustus 1996 in Amsterdam op straat werd dood geslagen, reageerde verheugd op plan van Kok een platform in te stellen. Na de dood van zijn zoon richtte hij de stichting 'Kappen nou!' op. De stichting is vernoemd naar de laatste woorden van Joes en bindt de strijd aan tegen zinloos geweld.

Het kabinet laat binnenkort de resultaten van alle debatten over geweld op straat verzamelen en stuurt ze dan naar de Tweede Kamer. Een veel gehoord geluid tijdens de discussies is dat het nodig is normen en waarden in ere te herstellen.

De heersende cultuur van `dat maak ik zelf wel uit' moet plaats maken voor een houding waarin mensen zich verantwoordelijk voelen voor elkaar.

In dit verband noemde Peper het jongerenwerk, waar hij meer geld in gestoken wil zien. “Jeugdwerk moet minder institutioneel worden en probleemjongeren actief gaan opzoeken.' Te vaak verdwijnen jongeren tussen de verschillende hulpinstanties, aldus minister Peper.