Amerika stemt over impeachment

De verkiezingen voor het Amerikaanse Congres staan geheel in het licht van de Lewinsky-affaire, meent E.J. Dionne Jr..

Stel u de verkiezingen van vandaag in de VS voor zonder Monica Lewinsky. Hoeveel verschil zou dat uitmaken?

Misschien werd er dan wel tumultueus gedebatteerd over regelgeving voor ziekteverzekeraars en federale fondsen voor meer leerkrachten. Of werd er heftig gehakketakt over belastingen, gepraat over de toekomst van de sociale voorzieningen en misschien teruggeblikt op de wijze waarop het begrotingstekort is weggewerkt en op de hervorming van de sociale bijstand. En zou er nog worden gedebatteerd over de regelgeving voor de financiering van verkiezingscampagnes, over tabak en over vuurwapens.

Nu is het rare dat over het hele land gerekend, dit inderdaad het debat is dat wordt gevoerd. De mogelijke afzetting van Clinton is weliswaar niet uit ieders aandacht verdwenen, maar zowel kandidaten als kiezers doen hun best om er een gewone verkiezing van te maken.

Maar o ironie: ongeacht of Clinton onderwerp van gesprek is of niet - en in de campagnes voor zetels in Huis van Afgevaardigden en Senaat lijkt hij dat meestal niet te zijn - toch zijn dit wel degelijk impeachmentverkiezingen. Zodra de stemmen zijn geteld, zullen de politieke partijen en de media er als de kippen bij zijn om de uitslag te interpreteren in het licht van het aanstaande afzettingsdebat.

Onverwacht grote winst voor de Republikeinen zal door de vijanden van de president worden uitgelegd als het fiat dat ze nodig hebben om hun streven naar afzetting van de president voort te zetten.

Een goed resultaat voor de Democraten (dat wil zeggen slechts weinig verlies, of ook maar een zetel winst, in Huis en Senaat) en waarschijnlijk zullen Republikeinen die toch al weinig voor de afzettingsprocedure voelden zich daar openlijk tegen uitspreken.

Maar slechts een enkele kandidaat zegt tegen de kiezers dat dit de keuze is waarvoor zij staan. Parlementskandidaten die geen standpunt willen innemen ten aanzien van Clintons impeachment kunnen staande houden zoals velen ook doen, dat ze aspirant-juryleden zijn en dus onpartijdig moeten blijven.

De enige groep Republikeinen die vrijwel zeker robuust uit de verkiezingen komt, zijn de Gouverneurs van de partij. Gisteren was het de eerste dag van de strijd tussen de Republikeinse gouverneurs en de congresleden van de partij over de vraag wie de identiteit van de partij voor de presidentsverkiezingen in 2000 mag gaan vormgeven.

De meeste Republikeinse gouverneurs profileren zich als `centrum-pragmatici' zoals een Republikeinse partijfunctionaris in New York het formuleerde. Precies zo presenteert ook Clinton zichzelf. “Clinton lijkt zich meester te maken van het pragmatische centrum om van daaruit de punten kracht bij te zetten die hij kracht bij wil zetten' aldus de betrokken functionaris. “Dat kunnen de Republikeinse gouverneurs ook.' Maar de jongste lichting Republikeinse presidentskandidaten faalt jammerlijk in dat streven, “en het is al even teleurstellend dat de Republikeinen in Washington het pragmatische centrum ook al niet in beweging hebben weten te krijgen.'

De uitzondering die de regel bevestigt is de gouverneursstand van Californie. Vice-gouverneur Gray Davis zal naar verwachting als eerste Democraat sinds 20 jaar het parlement van 's lands grootste deelstaat veroveren. Hij heeft zich aan de kiezer gepresenteerd als centrum-pragmaticus en kon wel eens evenveel gemeen hebben met George Bush jr. als met de man voor wie hij vroeger werkte, ex-gouverneur Jerry Brown.

Deze herfst hameren de Republikeinse gouverneurs veelal op dezelfde aambeelden als president Clinton en zijn Democraten: het gaat goed met het land, de begrotingen sluiten en de belangrijkste actuele kwestie is het onderwijs.

In New York wordt een spotje vertoont van de Republikeinse gouverneur George Pataki, waarin de spreker deze boodschap brengt: “De economie van de deelstaat New York vier jaar geleden: stijgende belastingen, afnemende werkgelegenheid, 1,6 miljoen mensen in de bijstand. Toen werd George Pataki onze gouverneur. Hij schrapte 13 miljard dollar aan belastingen. Hij schiep 360.000 nieuwe banen. En hij bracht het aantal bijstandstrekkers terug met meer dan een half miljoen. George Pataki heeft woord gehouden.'

Nieuwe banen, hervorming van het uitkeringsstelsel belastingverlaging - het is op federaal niveau allemaal ook vertoond. De zittende Republikeinen in het Congres willen daar de eer van opstrijken maar ze kunnen moeilijk beweren dat het land er goed voorstaat zonder dat ook Bill Clinton en de Democraten daar een graantje van meepikken - een van de redenen waarom Clintons hoge populariteitscijfers zo hardnekkig stabiel blijven.

Voorzover er een consensus bestaat over de vraag hoe de verkiezingsuitslag zal zijn, lijkt men te gokken op bescheiden winst voor de Republikeinen - een paar zetels in zowel het Huis van Afgevaardigden als de Senaat. Maar de Republikeinse en Democratische partijstrategen hoeden zich wel voor al te vaste voorspellingen, want de stemming onder de bevolking blijkt moeilijk te peilen.

Connie Correll, woordvoerster van Republikeins Afgevaardigde Rick White, tekent aan dat de deelstaat Washington in 1992 de Democratisch-gezinde tendens aanvoerde door acht Democraten en maar een Republikein naar het Huis af te vaardigen.

In 1994 werden de democraten in Washington gedecimeerd door de `Republikeinse revolutie'. De Democratische voorsprong van acht tegen een sloeg om in een 7-2 zege voor de Republikeinen. “Dit keer lijkt het niet zo duidelijk een kant op te gaan,' aldus Correll.

Ed Zuckerman van de Washington Conservation Voters, een milieugroep in de deelstaat Washington die `groene' kandidaten steunt, herinnert zich dat als je in 1994 campagne voerde voor een meer links georienteerde kandidaat, “de mensen de deur in je gezicht dicht sloegen'. Dit jaar zegt hij, is de reactie aan de deur een stuk beleefder.

Billy Rogers, campagneleider van Gary Mauro, de Democratische tegenstander van George Bush jr. in de strijd om het gouverneurschap in Texas, meent dat zowel Democraten als Republikeinen goed in staat zullen zijn hun vaste aanhang naar de stembus te krijgen. Maar bij de zwevende kiezers zal de opkomst volgens hem achterblijven. Het politieke jaar en het afzettingsdebat zijn sterk gedomineerd door de partijenstrijd, en dat geldt daardoor ook voor deze verkiezingen.

Natuurlijk gaan veel mensen niet in de eerste plaats stemmen om senatoren, afgevaardigden of gouverneurs te kiezen, laat staan om over het lot van president Clinton te beslissen. Ze komen stemmen over referendumkwesties. De morele opschudding over het Lewinsky-schandaal maskeert namelijk de opkomende belangstelling voor een aantal nieuwe morele kwesties in de Amerikaanse politiek, waaronder met name gokken en hulp bij zelfdoding.

Het is wel duidelijk dat deze nieuwe morele kwesties tot nieuwe, gecompliceerde bondgenootschappen zullen leiden. De anti-goklobby verenigt conservatieve christenen die het gokken op morele gronden verwerpen en liberaal-denkenden die de sociale gevolgen van de groeiende aantallen casino's vrezen.

De mening over hulp bij zelfdoding volgt (nog) niet de duidelijke partijen-scheidslijn die de abortuskwestie te zien geeft. Een voorbeeld van een politicus die voor het recht op abortus is maar tegen hulp bij zelfdoding is William Jefferson Clinton.

Door de kwestie-Lewinsky zal de uitslag van de verkiezingen van heden moeilijk te interpreteren zijn. In hoeverre, zal men zich afvragen, is de uitslag beinvloed door Clintons wederwaardigheden? In hoeverre door alle andere kwesties? En in hoeverre door de onverschilligheid van de kiezer?

Kiezers zorgen natuurlijk steeds voor verrassingen, en mogelijk zal deze verkiezing een duidelijker uitslag krijgen dan voorzien werd. Maar waarschijnlijk komt er geen duidelijk oordeel uit over het al dan niet afzetten van president Clinton. Evenmin zullen de verkiezingen leiden tot een herorientatie in de Amerikaanse politiek, en zal er weinig veranderen in het politieke krachtenspel.

Maar wie daarom spreekt van `status quo-verkiezingen' begrijpt niet waarom het gaat, want zulke verkiezingen bestaan niet. Ook verkiezingen waarbij er niets lijkt te veranderen bevatten toch de kiemen van grote omwentelingen. In 1978 hadden de Democraten in beide kamers van het Congres een meerderheid, maar overwinningen van de Conservatieven op enkele cruciale plaatsen vormden een voorbode van het aanstaande Reagan-tijdperk.

Waarschijnlijk zullen deze verkiezingen een machtsverschuiving binnen de Republikeinse Partij te zien geven van Congresleden naar gouverneurs. Ook zullen de ideologische debatten tussen Republikeinen in het Congres onderling erdoor worden verscherpt. Gematigden, nu aangeduid als `pragmatici' zullen bij hun gouverneurs om steun aankloppen.

Dit zal de Democraten hoop geven dat hun beleid op hoofdpunten meer aanspreekt dan het Republikeinse program. Maar gezien de grote aanhang van de Republikeinen in de deelstaten zullen de Democraten zich ook onderling in worgende evaluaties begeven over de vraag waarom hun overwinningen in presidentsverkiezingen nooit worden omgezet in meer aanhang aan de basis.

En als onverwachte Republikeinse winst uitblijft, zal president Clinton kunnen zeggen dat een lange lijst andere kwesties de kiezer meer hebben geinteresseerd dan zijn eigen pekelzonden. Dus hoewel de verkiezingen niet over de impeachment gaan, zullen het toch de impeachment-verkiezingen zijn.