Den Helder kan marine niet missen

Marinestad Den Helder gaat moeilijke tijden tegemoet. De Koninklijke Marine moet wegens bezuinigingen fors inkrimpen. “Iedereen heeft wel een familielid dat getroffen is.'

Vlakbij het water stapt een man met een baard kwiek tegen de wind in. De storm schudt geparkeerde auto's heen en weer. De zon schijnt volop. Donkeren wolken, zo zeggen de inwoners van Den Helder, blijven nooit lang hangen.

Toch zijn de `jutters' of `Nieuwediepers', zoals de inwoners van Den Helder zichzelf noemen, somber over de toekomst van hun stad. De Koninklijke Marine krimpt langzaam maar zeker in. Dat komt hard aan, want Den Helder is voor een groot deel afhankelijk van de marine: 45 procent van alle banen hebben direct met de zeemacht te maken. De Admiraliteitsraad heeft al laten weten dat er op de marinebasis in Den Helder 420 banen gaan verdwijnen, 340 onder het burgerpersoneel en 80 militaire functies. Gedwongen ontslagen worden niet uitgesloten.

“Weer zoveel honderd arbeidsplaatsen', verzucht burgemeester W. Hoekzema. Volgens de gemeente zullen gerekend vanaf 1985 tot 2001 door alle bezuinigingen en efficiency-operaties 6.000 arbeidsplaatsen bij de marine verloren zijn gegaan. De marine trekt deze cijfers in twijfel. Zo gaat het voor een deel om dienstplichtigen. De marine houdt het voor Den Helder op een verlies van 3.000 arbeidsplaatsen over de periode 1985-2001. Daarbij zijn de meest recente afspraken in het regeerakkoord om jaarlijks nog eens 375 miljoen gulden op het Defensiebudget van 13 miljard gulden te besparen, nog niet eens meegerekend. “Dat zal ook niet aan de marine voorbijgaan', vreest Hoekzema. Voor alle bezuinigingen is overigens de VVD medeverantwoordelijk, de partij waarvan Hoekzema nog tot volgend jaar voorzitter is. “Ik ben het oneens met die bezuinigingen. Defensie heeft de laatste jaren al zoveel moeten reorganiseren en bezuinigen.

Die hadden eerst hun beslag moeten krijgen.'

Volgens hem was die 375 miljoen gulden voor de VVD het best haalbare compromis. “Dat is nu een politiek gegeven. Ik probeer vanaf nu de schade voor Den Helder zoveel mogelijk te beperken.'

De Koninklijke Marine heeft Den Helder gevormd tot wat het nu is. In 1822 werd er de Rijkswerf Willemsoord gevestigd, waar de schepen van de zeemacht werden onderhouden en gerepareerd. Sindsdien stond voor menige jongen de carriere al vroeg vast. Hij werd of militair bij de marine of hij ging werken bij de Rijkswerf. Want zo had je vastigheid. Maar dat heette ook wel `vaste armoe', omdat de marine en de werf niet bijster goed betaalden.

“Den Helder is zo altijd een beetje een ambtenarenstad gebleven', zegt M. Bakker, werknemer van de Rijkswerf en schrijver van een boek over de geschiedenis van de werf. Bakker: “De stad heeft natuurlijk veel geprofiteerd van de marine, maar je kunt ook zeggen dat door haar dominante positie andere ontwikkelingen zijn geremd. De haven had anders misschien veel meer offshore gehad.'

Begrip voor de bezuinigingen was er een paar jaar geleden bij de bevolking nog wel, omdat men besefte dat met de ontspanning tussen Oost en West andere tijden waren aangebroken. “Maar dat begrip begint nu weg te vloeien. Iedereen heeft wel een familielid dat getroffen is.'

In het centrum van Den Helder waait de wind de sfeer uit de straten weg. Het gemeentehuis ligt ver buiten het centrum. “We missen een mooi stadshart zoals Alkmaar met statige gebouwen', zegt bewoner C. Freijer. Het oude stadshart is in de Tweede Wereldoorlog platgebombardeerd. Daarna is de stad in snel tempo herbouwd. De verwachting was dat de stad door de groei van de marine 90.000 inwoners zou gaan tellen, maar het zijn er niet meer dan 60.000 geworden.

Het centrum is ruim en open, maar ook saai. In de woonwijken verrezen veel flats. “Allemaal platte dozen', erkent de burgemeester. Hoekzema kan zich daarom goed voorstellen dat de stad weinig aantrekkelijk is voor jonge mensen. Mede door het gebrek aan werkgelegenheid trekken die relatief veel weg. De stad vergrijst.

Burgemeester Hoekzema vindt dat een stad die zo door rijksbeleid is gevormd, nu niet in de steek gelaten mag worden. Hij wil compensatie in de vorm van verhuizing van marineonderdelen van Den Haag naar Den Helder. De komende weken wil de burgemeester daarvoor in Den Haag gaan lobbyen. Een woordvoerder van de marine laat weten dat een verhuizing van onderdelen naar Den Helder wat betreft de marinetop “niet aan de orde is'.

De stad werkt zelf volop aan het scheppen van alternatieve werkgelegenheid, vindt Hoekzema. Met de provincie is een plan opgesteld om meer bedrijvigheid naar de Kop van Noord-Holland te halen. Grote ambities heeft Den Helder met de Oude Rijkswerf, die in 1993 is verlaten en vlak tegen het centrum van de stad aan ligt. De oude bakstenen gebouwen en dokken zouden volgens de gemeente dienst kunnen gaan doen als maritiem themapark. Historische schepen zoals de schroefstoomschip Bonaire uit 1876, het oudste schip van de marine, kunnen daar worden opgeknapt en tentoongesteld. Den Helder verwacht 250.000 bezoekers per jaar in het themapark en zeshonderd nieuwe arbeidsplaatsen. Kosten: 183 miljoen gulden. Een deel van de bevolking mort al, want tien miljoen moet worden opgebracht uit verhoging van de onroerendezaakbelasting.

Hoge ambities had de stad eerder in 1994, toen buitendijks een lange pier met horeca en attracties, `Port Poseidon' genaamd, moest verrijzen.

Maar dit bleek een zeepbel. De investering van 130 miljoen gulden was te hoog en technisch was het allemaal onhaalbaar. Met de Oude Rijkswerf gaat het anders, zegt Hoekzema. “Stel je eens voor als je die oude werf 's avonds in het licht zet, hoe mooi dat zal zijn.'

Den Helder heeft nog een andere teleurstelling te verwerken gekregen, omdat het kabinet de plannen om van de N9 (Alkmaar-Den Helder) een autoweg te maken met ongelijkvloerse kruisingen, in de ijskast heeft gezet. Nu is de N9 nog een “vreselijk karrenpad', zegt Hoekzema. Bij ieder dorp zijn er rotondes en wegversmallingen. Den Helder wordt dubbel gepakt, vindt Hoekzema. Zo wordt het volgens hem voor Den Helder wel erg lastig om het verlies aan werkgelegenheid te compenseren.

    • Herman Staal