De Comeback Disc; COBI SCHREIJER OVER

Cobi Schreijer: Klein Ritueel. Polygram 536 751-2

“Ik heb een heerlijke zomer gehad door het maken van deze cd, en dat is te danken aan Boudewijn de Groot. Zonder hem was het nooit gebeurd. Mijn platen heb ik altijd zelf moeten doordrukken, altijd was ik degene die zei dat dit repertoire moest worden opgenomen en ik heb daar nooit een producer bij gehad. Bij een vorige platenmaatschappij is me eens gezegd: ja, maar jij hebt altijd van die rare teksten. Dan hadden ze het bijvoorbeeld over het prachtige Moeder Medea van Lennaert Nijgh, dat nu juist op aandringen van Boudewijn op de cd is gekomen. Tijdens de opnamen vroeg ik hem wel eens: wie betaalt dat nou? En dan zei Boudewijn: daar mag jij je niet mee bemoeien, zing jij nou maar!'

Cobi Schreijer (76) had zestig jaar geleden haar eerste radio-uitzending met het zangtrio The Novelty Sisters, maar werd in de jaren zestig vooral bekend door haar Haarlemse folk-club De Waag, waar ook Boudewijn de Groot debuteerde, en haar eigen repertoire van volksliedjes en strijdliederen en haar vocale inzet voor de vrouwenemancipatie. Vandaag verschijnt haar cd Klein ritueel, met intieme vertolkingen van oude en nieuwe balladen.

“Toen ik vorig jaar 75 zou worden, wilde ik voor vrienden een bandje met mijn liefste liedjes maken. Ik kwam bij Boudewijn, die in zijn huis een heel klein opnamestudiootje heeft. Daar heb ik vier liedjes gezongen. Maar toen ik dat terughoorde, zei ik: `nou nee, laten we het maar niet doen, ik heb geen stem meer.' Maar toen riep Boudewijn: `hoe kom je daar nou bij - je zingt zuiver, je dictie is voortreffelijk, en ik vind 't mooi, je hebt een oude stem, maar mag dat alsjeblieft?' Na een week belde hij, of ik 25 liedjes wilde uitzoeken. `Dat wordt dan een lang bandje', was mijn eerste reactie. `Welnee', zei hij, `het wordt een cd, en die ga ik met je opnemen.'

“Die hang naar volksliedjes heb ik altijd gehad. Van heel vroeger herinner ik me de volksliedjes van Yvette Guilbert op de radio en de liedjes van Manna de Wijs-Mouton door Mariette Serle. Dat trok me aan. Ik zie me nog met mijn gitaar onder een klapperboom zitten in '47 in Nederlands-Indie, met twee grote kerels om me heen die In 't groene dal, in 't stille dal met me meezongen. Max Tailleur liep langs en zei: `goh, daar zit ze weer, het Leger des Heils.' Ik was ook altijd sociaal bewust; later trad ik heel vaak op voor de Maatschappij tot Nut van het Algemeen, de Volkshogeschool, de vakbeweging, de plattelandsvrouwen.

In de tijd van de emancipatieliedjes werd ik ook erg op mijn huid gezeten: ik mocht dit en ik mocht dat niet. Zelf vond ik dat ik een brugfunctie had. Maar de fundamentalistische, puristische stroming in de vrouwenbeweging vond het al fout dat ik me soms door mannelijke muzikanten liet begeleiden. En aan de andere kant kreeg ik op een gegeven moment helemaal geen radio-uitzendingen meer. Ik zeg altijd: `ik ben wel bekend, maar niet populair.' Ik ben een arme muzikant, met de nadruk op muzikant.

“Tot eind vorig jaar heb ik thuis in Haarlem huisconcerten georganiseerd, waar mensen optraden voor een reiskostenvergoeding en een fles wijn. Nu, in het Rosa Spier-huis, hoop ik ook weer wat concertjes te kunnen geven. Ik zong altijd graag en ik zing nog graag. Voor de cd hebben we heerlijk muziek gemaakt. Niets stond op papier, iedereen begon uit zichzelf te spelen. Ernst Jansz, die accordeon speelt, begon bij een van de nummers zelfs spontaan te dansen. Dick Poons, die gitaar speelt, zei: `deze cd is een comeback disc.' Dat vond ik een prachtige vondst.'