Rebellen in Congo veroveren stad Buta

Rebellen in het oosten van Congo hebben de stad Buta veroverd. De opstandelingen hebben nu naar eigen zeggen ongeveer 45 procent van het land in handen. Regeringstroepen van president Laurent Kabila ontkennen de inname van de stad, maar de verovering is door verscheidene correspondenten van internationale persbureaus in Buta bevestigd. Ongeveer 200 rebellen waren donderdag op het vliegveld van de in het noordoosten gelegen stad, die opvallend rustig was.

Buta bevindt zich op een strategisch `kruispunt', met uitvalswegen naar Soedan en de Centraal-Afrikaanse Republiek in het noorden. In augustus begonnen de opstandelingen vanuit het oosten met hulp van Rwanda en Oeganda aan een opmars. Inmiddels hebben ze een groot aantal steden en vliegvelden veroverd en rukken ze steeds verder op naar het westen. Rebellenleider Jean-Pierre Ondekane noemde gisteren Bumba het volgende doelwit van de opmars. “Er zijn alleen natuurlijke obstakels: oerwoud rivieren en moerassen', aldus Ondekane. Van regeringstroepen hebben ze volgens hem niets te vrezen.

Volgens de inwoners van Buta zijn de betrekkingen met de rebellen redelijk goed. Er zouden zich geen gewelddadigheden hebben voorgedaan. Wel klagen de inwoners over voedselschaarste en een vervijfvoudiging van de prijzen van de meeste producten. Ook protesteren sommige inwoners tegen de aanwezigheid van Rwandese en Oegandese troepen in hun stad.

Het overleg over Congo dat de afgelopen dagen werd gevoerd in de Zambiaanse hoofdstad Lusaka, en dat tot doel had een einde te maken aan de impasse, is op niets uitgelopen. De opstandelingen willen geen staakt-het-vuren willen en Kabila weigert met de rebellen te onderhandelen. Ook in Lusaka mochten de rebellen niet actief deelnemen aan de gesprekken. Aan het overleg namen twaalf Afrikaanse landen deel.

Gisteren is de Amerikaanse gezant Susan Rice in de Congolese hoofdstad Kinshasa aangekomen in een poging om nieuwe wegen te vinden om een einde aan de gevechten te maken. Zij zal dezer dagen ook een bezoek brengen aan Rwanda en Oeganda.

(AFP Reuters)