Moderne ontaarding

Dat kan je toch niet met droge ogen aanzien, het slot van de partij Van Wely-Sadler uit de vijfde ronde van het Fontys-toernooi in Tilburg. Remise door herhaling van zetten, terwijl Sadler een dame tegen een toren voor stond. Absurd vond hij het zelf, door tijdgebrek remise moeten nemen in een gewonnen stelling. Had hij zijn tijd maar beter moeten indelen, kun je zeggen. Maar hoe goed je de tijd ook indeelt, schaken is moeilijk en als de partij lang duurt komt aan het eind toch altijd de fase van het uitvluggeren.

Althans in het moderne schaak. Diep in de vorige eeuw, toen er nog geen schaakklokken waren en de schakers naar believen uren in een stelling konden wegzinken, hadden de tragen van geest het wel erg makkelijk. Het kon niet uitblijven dat ze tot hogere snelheid werden gedwongen. Maar als je zoiets als Van Wely-Sadler ziet, ben je geneigd te denken dat we nu wel erg ver zijn doorgeslagen. Het wegzinken, dat was toch eigenlijk het mooiste van het schaken, daar deed je het voor. Het is een ervaring die de moderne schakers nauwelijks meer vergund is.

In Anand-Kramnik uit de tweede ronde, stond na 27 zetten een stelling op het bord die voor wit gewonnen was en die Anand thuis al bekeken had. Dat wordt ook wel eens een ontaarding van het schaken genoemd, maar deze zogenaamde moderne ontaarding is toch zeker wel zo'n tachtig jaar oud. Het geeft grote voldoening, een partij winnen die je thuis al bedacht hebt. De paar keer dat het mezelf lukte had ik helemaal niet het gevoel dat het een ontaarding van het schaken was, en de gedachte dat het oneerlijk was zou ik absurd hebben gevonden.

En terecht. De mogelijkheid om thuis een partij voor te bereiden heeft het schaken onmetelijk verrijkt. Je mag niet klagen als de tegenstander het een keer perfect heeft gedaan. En het is toch ook wel naief, om lijnrecht de weg naar het verderf te blijven volgen als je op je klompen aan kunt voelen dat de tegenstander thuis iets voorbereid heeft.

Kramnik was niet naief. Verslaggever Dirk Jan ten Geuzendam schreef maandag dat na 15. h3, de nieuwe zet van Anand het handschrift van Kramnik op zijn notatieblaadje meteen chaotisch was geworden. Hij had direct in de gaten gehad dat er iets mis was.

Maar waarom had hij vervolgens dan toch zijn hoofd in de strop gestoken? Kramnik zei na afloop dat hij al zoveel bedenktijd had geinvesteerd in het avontuur waarvan hij voelde dat het fataal zou aflopen, dat hij niet meer de energie had om iets anders te doen. Niet alles wordt in de studeerkamer beslist, de tegenstander moet aan het bord ook nog een beetje meewerken.

Wit Anand-zwart Kramnik

1. e2-e4 e7-e5 2. Pg1-f3 Pg8-f6 3. Pf3xe5 d7-d6 4. Pe5-f3 Pf6xe4 5. d2-d4 d6-d5 6. Lf1-d3 Pb8-c6 7. 0-0 Lf8-e7 8. Tf1-e1 Lc8-g4 9. c2-c3 f7-f5 10. Dd1-b3 0-0 11. Pb1-d2 Pc6-a5 In Karpov-Kortchnoi, kandidatenmatch 1974, werd 11...Kh8 12. h3 Lh5 13. Dxb7 gespeeld en hoewel zwart na 13...Tf6 aardige aanvalskansen kreeg, won wit. Opmerkelijk dat ook toen de zet h3 een kleine verfijning van de openingstheorie was, met grote gevolgen. 12. Db3-a4 Pa5-c6 13. Ld3-b5 Pe4xd2 14. Pf3xd2 Dd8-d6 Deze stelling had Anand in het toernooi van Linares 1993 tegen Joesoepov. Hij deed meteen 15. Pb3 en na 15...Lh4 zag hij zich gedwongen het dreigende offer op f2 met 16. Tf1 te verhinderen. De partij werd remise. 15. h2-h3 Lg4-h5 16. Pd2-b3 Le7-h4 Hij volgt Joesoepovs voorbeeld, maar hier of uiterlijk op de volgende zet had hij bescheiden met Pd8 moeten inbinden. Maar hij zou niet goed staan en zoals gezegd, hij had er de energie niet meer voor. 17. Pb3-c5 Lh4xf2+ 18. Kg1xf2 Dd6-h2 19. Lb5xc6 b7xc6 20. Da4xc6 f5-f4 21. Dc6xd5+ Kg8-h8 22. Dd5xh5 f4-f3 Ook na 22...Dg3+ 23. Kf1 f3 24. gxf3 Txf3+ 25. Ke2 staat zwart met lege handen.

23. Dh5xf3 Zo'n dame-offer wil iedereen wel brengen. 23...Tf8xf3+ 24. Kf2xf3 Ta8-f8+ 25. Kf3-e2 Dh2xg2+ 26. Ke2-d3 Dg2xh3+ 27. Kd3-c2 Missie volbracht. Wit staat gewonnen.

27...Dh3-g2+ 28. Lc1-d2 Dg2-g6+ 29. Te1-e4 h7-h5 30. Ta1-e1 Tf8-e8 31. Kc2-c1 Te8xe4 32. Pc5xe4 h5-h4 33. Pe4-g5 Dg6-h5 34. Te1-e3 Kh8-g8 35. c3-c4 Zwart gaf op. Terwijl wit zijn stelling rustig versterkt kan zwart niets ondernemen.

Toen ik vorige week over het VAM-toernooi in Hoogeveen schreef, had ik alleen aandacht voor de invitatievierkamp en zag ik over het hoofd dat in de open groep een jong talent speelde zoals Nederland er sinds lang geen gekend heeft. Het was Daniel Stellwagen, elf jaar oud. Al bekend en gevreesd onder jeugdschakers, en in het Hoogovenstoernooi van dit jaar speelde hij onder volwassenen in een hoge groep ook al sterk, maar nu liet hij voor het eerst zien dat hij meesters en grootmeesters partij kan geven. Stellwagen haalde in het VAM-toernooi 5,5 uit 9 en uit zijn drie partijen tegen grootmeesters haalde hij anderhalve punt. Over de Fin Rantanen zei hij (geciteerd in de Volkskrant) dat het lang geleden moet zijn dat die grootmeester was geworden. Dat is waar, maar de stijl waarin Stellwagen won, strak positioneel, maar ook met een scherp oog voor de tactische verwikkelingen die zouden kunnen optreden, was toch indrukwekkend. Hebben we ooit een elfjarige in Nederland gehad die zo sterk was? Misschien Timman, misschien Jeroen Piket, maar zeker weet ik het niet.

Wit Rantanen-zwart Stellwagen

1. e2-e4 c7-c5 2. Pg1-f3 e7-e6 3. c2-c3 Pg8-f6 4. e4-e5 Pf6-d5 5. d2-d4 c5xd4 6. c3xd4 b7-b6 7. Pb1-c3 Pd5xc3 8. b2xc3 Dd8-c7 9. Lc1-d2 d7-d6 10. Lf1-d3 Pb8-d7 11. e5xd6 Lf8xd6 12. 0-0 Lc8-b7 13. Tf1-e1 0-0 14. Ta1-b1 Ta8-c8 15. Dd1-c2 h7-h6 16. Dc2-c1

Dreigt slaan op h6. Zwarts volgende zet getuigt van grote koelbloedigheid.16...Tf8-e8 17.

Ld3-e4 Dit is eigenlijk positionele capitulatie. Misschien had wit de ogen moeten sluiten en toch maar 17. Lxh6 moeten doen, al zou na 17...Lxf3 18. gxf3 (of 18. Dg5 Lf8 19. gxf3 Kh8) gxh6 19. Dxh6 Lf4 20. Dh7+ Kf8 21. Lb5 remise wits hoogste streven kunnen zijn. 17...Lb7xe4 18. Te1xe4 Pd7-f6 19. Te4-h4 Ld6-f8 20. Pf3-e5 Pf6-d5 21. Th4-h3 Lf8-d6 22. f2-f4 f7-f6 23. Pe5-g6 e6-e5 24. d4xe5 f6xe5 25. f4-f5 Hoopt hij nog steeds op aanval met Lxh6? Wit had een paar keer op e5 moeten ruilen, waarna hij slecht zou staan maar nog remisekansen zou hebben. 25...e5-e4 26. Dc1-d1 e4-e3 27. Ld2-e1 Dc7-c4 Wit overschreed de tijd, hij kan bijna geen zet meer doen.