DE EEUWIGE STRIJD MET HET LICHAAM

Bijna jaarlijks manifesteert Stuttgart zich als het ideale kuuroord voor Richard Krajicek. Na een wisselvallig seizoen dat voornamelijk in het teken stond van blessureleed hoopt de 26-jarige tennisser nog een klapper te maken voor zijn operatie. “Want van een toernooizege word ik niet vrolijk.'

Opgetogen loopt Richard Krajicek door de catacomben van de Schleyer-Halle. “Je mag het als Nederlander toch niet hardop zeggen dat je graag in Duitsland speelt?', klinkt het uitdagend na zijn knappe zege op Goran Ivanisevic. Het is de voorlopige conclusie na weer zo'n typische `Krajicek-week', die vandaag in zijn halve-finalepartij tegen Pete Sampras zo maar weer in een anticlimax kan eindigen als zijn broze linkerknie het begeeft. Maar op zijn zilvergrijze schoenen (“Sampras wilde ze niet dragen') danst Krajicek op de trage Greenset-baan alsof hij geen eeuwige strijd met zijn lichaam moet voeren.

De players lounge in Stuttgart is als alle andere op de ATP-Tour. De Nederlandse coach Sven Groeneveld laat zijn nieuwe pupil Greg Rusedski winnen achter de snookertafel. Trainers zijn nu eenmaal werknemers. Schaterlachend benoemt Krajicek zijn landgenoot Jacco Eltingh tot toernooi-directeur in Rotterdam als de terugtredende dubbelspecialist laconiek opmerkt dat hij de Wimbledon-kampioen een gage van “tenminste een half miljoen tot een miljoen zou betalen'. Grijnzend: “Maar dan pak ik wel vijftien procent van je'. Krajicek: “Je mag de helft hebben.'

Jan Siemerink zoekt op Internet naar zijn vakantiebestemming in Mexico en ontdekt tot grote hilariteit van zijn collega's dat het dorpje door een orkaan wordt bedreigd. Anja Haarhuis leest een boek. De echtgenote van Paul Haarhuis moet een bibliotheek bij elkaar hebben gelezen om de verveling te verdrijven. Die welhaast landerige sfeer wordt even doorbroken als Marcelo Rios twee wulpse blondines kust die al een tijdje op hem zaten te wachten. Op het net heeft Krajicek een foto van zichzelf in jacquet gevonden.

Zo kan hij ook tennissen, als een aristocraat met een even sierlijke als machtige service die vlijmscherpe volleys afwisselt met krachtige forehandslagen.

Met die wapens in de hand baande hij zich in 1996 op Wimbledon naar zijn eerste grandslamtitel. Maar de lichaamstaal kan ook een ronduit negatief beeld schetsen van de 1.96 meter lange Hagenaar. Dan sjokt Krajicek over de baan, oogt hij flegmatiek en breekbaar en is hij het slachtoffer van een onwillige geest die geen kwetsbaar lichaam kan besturen. Sinds zijn titel op Wimbledon behoort Krajicek tot de grote jongens in het circuit en toch heeft de nummer elf van de wereld een bijna jongensachtige bravoure behouden.

Nooit zal hij matige partijen uitvergroten tot bevredigende voorstellingen. Die heeft hij tot deze week in Stuttgart slechts zelden gegeven. Krajicek heeft een onbestemd gevoel over het afgelopen jaar. De lat ligt na zijn triomf op Wimbledon te hoog om te kunnen accepteren dat hij in 1998 voornamelijk kruimels heeft lopen oprapen. “Als je in aanmerking neemt dat ik slechts zeventien toernooien heb gespeeld en me desondanks heb kunnen handhaven op een positie vlak achter de toptien, dan heb ik het niet slecht gedaan', zegt hij bedachtzaam. “Maar een uitschieter ontbreekt. Slechts een toernooizege in St. Petersburg, een finaleplaats op het Super 9-toernooi in Toronto en een halve finale op Wimbledon, die ik had kunnen winnen. Daar maakt me niet vrolijk.

“Die krankzinnige partij tegen Ivanisevic zou bovendien pas mijn eerste, echte overwinning zijn geweest, want Sanguinetti kan ik toch moeilijk een aansprekende tegenstander noemen en Ferreira had last van zijn buikspieren. Wie heb ik op Wimbledon nog meer verslagen? Oh ja, Brett Steven, toen speelde ik wel aardig. Maar aan die partij tegen Ivanisevic heb ik nog regelmatig gedacht. In de vierde set liep ik al naar het net om hem te feliciteren, toen ik na een netbal toch nog in de wedstrijd bleef en een vijfde set afdwong.

In die fase had ik moeten doordrukken, toen ik op 3-2 een break voorstond. Het heeft niet zo mogen zijn. Toch had ik uiteindelijk meer moeite met mijn uitschakeling op de US Open, vooral ook omdat ik weer een mooie loting verknalde.'

Bijna automatisch richt de aandacht zich op De Knie. De linkerknie, die na het toernooi in Parijs - of wellicht twee weken later als Krajicek zich alsnog kwalificeert voor het WK in Hannover - onder het mes gaat. Er klonk zelfs geen spoor van cynisme door bij de Engelse verslaggevers, toen ze hem gisteravond vroegen of hij in elk geval heel wilde blijven tot morgen. “Ik heb de lijmpot al laten aanrukken om de gewrichten in mijn knie bij elkaar te houden', antwoordde Krajicek. Het ging fout in Rosmalen met de linkerknie, waarna de rechterknie het bijna begaf na een glijpartij op Wimbledon in zijn duel met Ferreira.

Altijd die worsteling met het eigen lichaam, zijn er momenten dat Krajicek zijn frele lijf verafschuwt? “Nee, want ondanks die problemen met mijn knie voel ik me fit en sterk. Hoe ouder ik word des te meer raakt mijn lichaam in balans.' Daar zal de buitenwacht anders over denken. Het was een veeg teken dat de vertegenwoordigers van de ITF na zijn opgave op de US Open meteen wisten te melden hoe vaak Krajicek in zijn loopbaan al een partij had gestaakt. Het treurige lijstje vermeldde tien opgegeven partijen.

Kan hij soms niet met pijn spelen? Krajicek, lichtelijk geirriteerd: “Ik ben geen marinier. Maar ik kan heus wel met pijn omgaan. Als ik mijn lijstje naast dat van Agassi en Becker leg, kom ik er niet slecht van af. Hoe vaak heeft Agassi niet geklaagd over een blessure als hij een partij had verloren? Hoe vaak is Becker bij een toernooi niet komen opdagen vanwege een blessure? Moet ik dan op de US Open nog twee sets doormodderen tegen Johansson om te voorkomen dat weer een opgave op mijn conto wordt vermeld? Ik weet dat ik dit seizoen een risico heb genomen door ondanks die knieblessure verder te spelen.

Maar ik was eind vorig jaar mentaal niet klaar voor een nieuwe operatie.

“Ik heb gekozen voor een andere methode die zes maanden heeft geholpen. Uiterlijk is aan mij nu eenmaal niets te zien, ik heb geen open vleeswond. Maar ik kan je verzekeren dat een ontstoken kniepees veel pijn doet. En dan zwijg ik nog over de revalidatie, die mentaal het uiterste van me zal vergen. Ik moet acht weken lang alle rituelen heel contentieus uitvoeren, zeven keer per dag het gewricht koelen met ijs, veel saaie oefeningen doen. Toch ben ik gemotiveerder dan ooit, ik wil wel eens een jaar lang pijnvrij spelen. In principe verschijn ik volgend jaar op alle vier grandslamtoernooien en ik probeer iets meer ATP-toernooien te spelen dan dit jaar.'

Voor hij de baan opgaat voor zijn duel met Andre Agassi luistert Krajicek nog even naar Eltingh, die zijn linkerpols in een pak ijs heeft verpakt. “Ik heb last van die pols gekregen door het vasthouden van de baby', legt Eltingh uit. Krajicek weet niet wat hij hoort. “Haarhuis had exact hetzelfde probleem', voegt Eltingh daar aan toe. “Echt waar?', zegt Krajicek. De jonge vaders demonstreren verschillende `draagtechnieken' en dan schiet het Krajicek te binnen dat hij bij het in slaap wiegen van zijn dochter Emma een stekende pijn in het schouderblad kreeg. Met een glimlach: “Ik zou willen dat mijn geluk buiten de baan zich wat vaker weerspiegelde op de tennisbaan'.

Buiten gehoorsafstand van Krajicek heeft Eltingh een analyse gegeven van de mentale problemen die Siemerink (tegen India) en Krajicek (in bijna elke wedstrijd) kenden in de landenwedstrijden. “Ze waren soms te veel bezig met de randverschijnselen en konden zich moeilijk concentreren op hun tegenstanders.' Komt het in 1999 eindelijk goed tussen Krajicek en de Davis Cup? Zijn visie: “Ik heb in drie jaar tijd een halve wedstrijd gespeeld tegen Nieuw Zeeland.

Maar juist omdat ik toen mijn team in de steek moest laten vanwege een blessure heb ik bedankt voor de wedstrijd tegen Ecuador. Dat risico wilde ik niet nog een keer lopen.

“Ik heb de wedstrijd tegen Belgie moeten afzeggen vanwege de geboorte van mijn dochter en zo was er altijd wel wat. Vorig jaar onstond enige wrevel in de ploeg door de suggesties van buitenaf dat ik zou spelen in de kwartfinales tegen Amerika. Over en weer zijn wat onvriendelijkheden geuit. Maar dat is verleden tijd. Volgend jaar ben ik er weer bij.' Met zelfspot: “Pioline vroeg me al of ik in april zou spelen tegen Frankrijk. Hij leek bijna verbaasd toen ik bevestigend antwoordde. `Jij doet toch nooit mee', zei hij. Ik wil dolgraag goed spelen in de Davis Cup. Maar de tijd begint te dringen.

“We raken door het afscheid van Eltingh al een fantastisch dubbel kwijt, al heeft Siemerink bewezen dat hij een uitstekende Davis-Cupspeler is. Het lijkt me logisch als Siemerink en Haarhuis het nieuwe dubbel gaan vormen en dan ligt het in feite alleen maar aan mij of we een keer verder kunnen komen dan de kwartfinales. Misschien ligt het al jaren aan mij, maar ik heb het gevoel dat ik inmiddels de druk aankan van het spelen voor mijn land. Ik voel me nu ook op mijn gemak in het team.'

Krajicek is zich zelfs een echte Nederlander gaan voelen. Is het terug te voeren op de breuk met zijn vader dat zijn Tsjechische achtergrond steeds meer gaat vervagen? Het is een teer onderwerp geworden na de geruchtmakende uitspraken van de man die inmiddels een nieuwe Krajicek, zij het een vrouwelijke van negen jaar een tennisracket in handen heeft gedrukt. Het is eigenlijk een wonder dat zoon Richard - door zijn vader ooit als Mozart aangeduid - relatief onbeschadigd uit een stormachtige jeugd is gekomen.

Zijn verblijf in Monaco was tevens een vlucht voor het verleden. Inmiddels heeft Krajicek met zijn gezin een voormalige pastorie betrokken in Muiderberg.

Het was voor de jonge VVD-aanhanger even wennen zijn partij te zien samenwerken met de PvdA. “Maar premier Kok is in mijn ogen geen echte PvdA'er en dat wordt hem door zijn partij ook verweten. Ik vind hem een echte leider van Nederland. Misschien was het jeugdig enthousiasme van me om Nederland de rug toe te keren. Voor mijn gevoel is de cirkel nu rond. Ik ben de Nederlandse mentaliteit meer gaan waarderen door mijn verblijf in het buitenland. Ik merk in elk geval dat het respect voor de topsporter is toegenomen. We mogen toch ook trots zijn op onze prestaties? Onze multinationals hebben een grote invloed op de wereldeconomie volleyballers, hockeyers en roeiers wonnen gouden medailles op de Olympische Spelen.

“Topsporters mogen tegenwoordig ook een voorbeeld zijn voor de jeugd. Ik heb tijdens mijn clinics voor kinderen uit achterstandswijken gemerkt hoe mondig en bijdehand jonge kinderen tegenwoordig zijn. Ze zijn zo gebekt! Een meisje van zeven jaar oud was getuige van een discussie tussen haar ouders over het roken. De man was weer begonnen en de vrouw riep hardop dat hij een slappe lul was. Voor haar vader kon reageren, zei zijn dochter: `ach papa, dan neem je toch Viagra'. Ik had op die leeftijd echt niet geweten wat dat was. Laat staan dat ik het hardop had durven zeggen.'