Wie gaat er over binnenlandse vluchten?

Een poging van de Tweede Kamerfracties van PvdA en D66 om het binnenlandse vliegverkeer te beteugelen is gisteren vooralsnog op niets uitgelopen. Minister Pronk (VROM) beval de indieners aan de kwestie op te nemen met zijn collega Netelenbos (Verkeer en Waterstaat), omdat zij de eerst verantwoordelijke is voor het binnenlandse vliegverkeer.

De partijen dachten in Pronk een medestander te hebben, nadat deze kort na zijn aantreden tegenover journalisten had gezinspeeld op een verbod op binnenlandse vluchten uit milieu-overwegingen. Volgens Pronk waren er voor de passagiers voldoende alternatieven beschikbaar om hun bestemming snel te bereiken.

In een motie hadden beide partijen er tijdens de behandeling van de begroting van het ministerie van VROM op aangedrongen dat het kabinet binnen zes maanden zou komen met maatregelen om het aantal binnenlandse vluchten te beperken. “Hoe sympathiek mij de inhoud van de motie ook is', aldus Pronk gisteren, “het gaat over een nota van de minister van Verkeer en Waterstaat.'

De opmerkingen van Pronk van een paar maanden geleden schoten vooral de VVD in het verkeerde keelgat. Die partij betoogt dat veel zakenlieden in de regio zeer gebaat zijn bij goede binnenlandse aansluitingen met Schiphol. Op die manier kunnen ze 's ochtends vaak net een aansluiting op Schiphol naar een buitenlandse bestemming halen of 's avonds op een redelijke tijd terugzijn zonder tot extra overnachtingen te zijn gedwongen.

Het VVD-Kamerlid Klein-Molekamp wees er gisteren tijdens het debat bovendien op dat het weinig zin had voor Nederland om tot beperkingen op binnenlandse vluchten over te gaan, wanneer de buurstaten niets zouden ondernemen op dat terrein. In dat geval zouden luchthavens in andere Europese staten de vluchten van Schiphol wel eens kunnen overnemen en zou van een werkelijke vermindering van de vluchten geen sprake zijn.