Professor Kortsjnoi kan weer lachen

De verbittering waarmee Viktor Kortsjnoi reageerde op twee vroege nederlagen in het Fontys Schaaktoernooi Tilburg heeft plaatsgemaakt voor een opgeruimd humeur. Opgelucht heeft de 67-jarige Zwitserse grootmeester geconcludeerd dat hij de rol van `professor' niet per se in de speelzaal hoeft te vertolken. Met een paar rustige remises dreef hij volgens beproefd Russisch recept de zelfhaat uit het lijf en verlegde zijn docerende activiteiten naar de perskamer. Kritisch becommentarieert hij daar zo gauw hij klaar is met zijn eigen partij de inspanningen van zijn veel jongere collega's en deelt vrolijk sneren uit wanneer hij iets ziet dat zondigt tegen zijn schakersgevoel.

Zelfs zijn afwijzende houding tegenover de pers, die hem, zoals hij vooraf stelde, toch alleen maar kon storen in zijn concentratie, heeft plaatsgemaakt voor een en al welwillendheid. Wat nog niet wil zeggen dat het venijn uit zijn antwoorden is verdwenen. Geduldig luistert hij naar de vriendelijke binnenkomer van de lokale televisie dat de andere spelers zoveel respect voor hem hebben. Dan antwoordt hij op belerende toon: “Ze hebben ongetwijfeld respect voor mijn jaren, maar zeker niet voor het spel dat ik hier deze eerste zes ronden heb laten zien.'

Een paar uur later zit Kortsjnoi nog steeds in de perskamer. Zijn vrouw heeft hem net gevraagd of ze terug naar het hotel zullen gaan of dat hij nog naar de partijen wil blijven kijken. Toeschietelijk antwoordt hij dat hij alles best vindt, waarop zij weer zegt dat ze toch weet dat hij het liefste het slot van de partij tussen Kramnik en Leko wil zien. Kortsjnoi knikt half betrapt en beaamt: “Ja, dat is ook weer waar.'

Kortsjnoi was niet de enige die aandachtig bleef kijken, want Kramnik en Leko verzorgden een prachtig spektakel. Al na een paar zetten baarden ze opzien door achter elkaar een stelling op het bord te zetten die nog nooit eerder in de grootmeesterpraktijk was voorgekomen. Het was een opening met een voorgeschiedenis. Afgelopen zomer, tijdens het toernooi in Dortmund noemde Leko de onwaarschijnlijke derde zet waarmee hij nu op de proppen kwam al een probaat middel tegen de anti-Grunfeld die Kramnik kort daarvoor in zijn match tegen Sjirov had gespeeld.

Kramnik moest er destijds hard om lachen, maar knoopte de zet wel in zijn oren. Zoals mocht blijken uit de snelheid waarmee hij met een bestrijdingsplan kwam.

Het was dapper van Leko dat hij vasthield aan zijn idee, maar het leverde hem wel een hoogst bedenkelijke stelling op. Juist in die lastige omklemming toonde hij zijn klasse. Met grote inventiviteit en durf bleef hij op de been en slaagde er gaandeweg in om de bordjes te verhangen. Nu was het Kramnik die moest vechten voor lijfsbehoud en dat was te veel gevraagd. De boomlange Rus slaagt er in Tilburg niet in om duidelijk te maken waarom hij volgens velen naast Anand op het ogenblik de enige speler is die Garry Kasparov kan verontrusten. Leko voerde zijn tegenaanval soepel tot winst en schoof door naar de gedeelde tweede plaats.

Op die tweede plaats heeft hij een vol punt achterstand op Viswanathan Anand, die in Het Ondernemingshuis iedere dag weer laat zien dat er wel iets heel geks moet gebeuren wil hij hier naast de hoofdprijs van vijfentwintigduizend gulden grijpen. Met zwart permitteerde hij zich twee remises, terwijl hij drie van zijn vier wit-partijen overtuigend in winst omzette. Zijn derde slachtoffer was Michael Adams. De Engelsman klaagde dat het denken hem de laatste dagen slecht afgaat. Hij stond al lastig toen hij een onaangename tactische dreiging van Anand volledig miste. Adams kon er niet vrolijk van worden. “Ik zat notabene twintig minuten na te denken. Als je dan zo'n zet niet ziet is dat niet erg bemoedigend.' Hij probeerde nog een wanhoopsoffer, maar ook dat werd soepel door Anand opgevangen.

Jeroen Piket en Loek van Wely staan na zes van de elf ronden allebei op vijftig procent. Piket voegde een stevige remise tegen Veselin Topalov toe aan zijn totaal, terwijl Van Wely in een ongemakkelijke partij door Peter Svidler van zijn plusscore werd beroofd.

Ondanks hun gelijke puntenaantal lijkt Piket in de tweede toernooihelft de betere perspectieven te hebben. Zeker als het aan Kortsjnoi ligt. Op de vraag van de lokale televisie wat hij van Van Wely vond, antwoordde hij zonder omwegen dat zijn voorkeur uitgaat naar de meer verzorgde stijl van Piket. Toen zag Kortsjnoi de blik van de vragensteller en begreep hij het: “Ah, jullie komen ook uit Tilburg. Ik dacht al waarom vragen ze naar Van Wely? Tja, het spijt me, zoals ik al zei gaat mijn voorkeur uit naar Piket.'