Minderjarige prostituee vaak onder dwang; Korthals wil betere preventie

Bijna tachtig procent van de minderjarige meisjes die in de prostitutie werken, doet dat onder dwang. Een op de vijf prostituees ondergaat regelmatig fysiek geweld, zo'n dertig procent wordt daarmee bedreigd. Daarnaast wordt in 45 procent van de gevallen emotionele manipulatie als dwangmiddel gebruikt.

Dat blijkt uit een onderzoek van het Nederlands Instituut voor Sociaal Sexuologisch Onderzoek (NISSO) naar de aard en omvang van kinderprostitutie. Minister Korthals (Justitie) heeft het onderzoek gisteren naar de Tweede Kamer gestuurd. In een begeleidende brief schrijft Korthals dat preventieve maatregelen ter bestrijding van de kinderprostitutie noodzakelijk zijn. Volgens de minister is ook het wetsvoorstel voor opheffing van het bordeelverbod bedoeld om gedwongen prostitutie te bestrijden. De straf op vrouwenhandel gaat omhoog van een tot zes jaar en volgens de minister zal justitie in de toekomst het plegen van seksuele handelingen met minderjarige prostituees makkelijker kunnen vervolgen.

Jaarlijks melden zich bij de politie of hulpverlening naar schatting 1000 tot 1500 meisjes die in de prostitutie werken of werkten. Daarvan is 33 procent van Nederlandse afkomst en 28 procent allochtoon. Zij worden in de meeste gevallen door een partner tot prostitutie gedwongen. Negendertig procent van de minderjarige meisjes is recent naar Nederland geimmigreerd. Zij komen meestal via vrouwenhandelaren in de Nederlandse prostitutiewereld terecht.

Hoeveel meisjes er in het totaal werkzaam zijn in de prostitutie is volgens het NISSO onbekend. Veel meisjes mijden contacten met politie en hulpverlening. Daarbij komt dat registratie van minderjarige prostituees op verschillende manieren gebeurt en er, zo meent onderzoeksleider I. Vanwesenbeeck, geen centraal overzicht is.

Vanwesenbeeck zegt geschokt te zijn over de resultaten. “Er gaan allerlei geruchten rond over vrouwenhandel. Die blijken nu toch waar te zijn.' Het NISSO meent dat met registratie van minderjarige prosituees en opsporing en bestrijding van kinderprositutie de gedwongen prostitutie kan worden voorkomen.

In repressieve middelen en adequate straffen voor vrouwenhandelaars, zoals Minister Korthals voorstaat, ziet het NISSO “geen heil.' “Ik ben bang dat daarmee de kwestbare groep van minderjarige meisjes helemaal aan het zicht van de hulpverleners wordt onttrokken doordat zij meer en meer ondergronds zullen moeten gaan werken', aldus Vanwesenbeeck.