Koningin Elizabeth bedroefd

Ted Hughes was een literaire reus. Dat is de strekking van de reacties op de onverwachte dood van de Engelse poet laureate, de hofdichter. Koningin Elizabeth, een groot bewonderaarster, liet onmiddellijk weten erg bedroefd te zijn. Premier Blair noemde Hughes, die 68 jaar werd, `een torenhoge persoonlijkheid van de twintigste-eeuwse literatuur'.

Collega-dichters prezen de manier waarop hij zijn leven in grote gedichten heeft `afgerond', wetend dat hij spoedig zou sterven. Birthday Letters, waarin hij over de zelfmoord van zijn beroemde vrouw Sylvia Plath schreef, verkocht binnen een jaar meer dan honderdduizend exemplaren. Zijn campagne “om poezie een grotere rol te geven in de huidige a-spirituele samenleving' gaf in veler ogen het laureaatschap diepere inhoud.

Wie de volgende hofdichter wordt is technisch een zaak voor de koningin, van wier huishouding hij (of mogelijk zij) lid wordt. In de praktijk van de afgelopen eeuw bepaalt de regering echter met een bindende voordracht wie de functie krijgt.

John Dryden, in 1670 de eerste officiele hofdichter, moest odes schrijven in opdracht, waarvoor hij een jaarsalaris van 200 pond en `een vat van de beste madeira' kreeg. De moderne hofdichters werken niet op bestelling. Philip Larkin, die in 1984 voor de eer en het vat wijn bedankte, zag niettemin niets in `officieel' dichterschap. Hughes, destijds een omstreden `tweede keus', en zijn voorganger John Betjeman hebben wel gedichten gemaakt voor de koningin en haar moeder. Als Hughes' opvolger worden genoemd de Nobelprijswinnaar Seamus Heany, Carol Ann Duffy en Simon Armitage.