Een normale commissaris

Met ingang van vanavond is Stephan Derrick echt helemaal weg. Niet alleen omdat de zeventiger Horst Tappert geen zin meer had nog langer door te gaan als politiele kruier van de `filosofische' boodschappen aangaande goed en kwaad van scenarioschrijver Herbert Reinecker. Maar ook en vooral omdat zijn vanavond debuterende opvolger Peter Siska zo anders is.

Deze commissaris is namelijk jong, athletisch, rijdt als een coureur, neemt soms grote persoonlijke risico's, staat zeer zijn mannetje als actie nodig is en koopt zijn kleren zeker niet bij C & A. En hij zou, mocht zijn haar nog dunner worden, waarschijnlijk ook niet kiezen voor wat Die Zeit Derricks `eendenstaart-toupet' noemde.

Siska kijkt met ogen van een dertiger naar vrouwen, dus anders `normaler', dan Derrick of diens ook bijna geslachtsloze eeuwige assistent Harry Klein. Vanavond zal een aankomend criminele jongedame, qua leeftijd geschat op de rand van de leerplichtwet, hem in haar bed uitnodigen. Uiteraard om hem te compromitteren, dat heeft iedereen door. Natuurlijk weigert Siska die offerte, want hij is weliswaar onconventioneel maar wel correct en moet bovendien nog langer mee. Maar hij is een man van vlees en bloed, dat is zeker, en de emotionele relatie met het meisje heeft betekenis voor de goede afloop. Voor zoiets moest je bij Derrick/Harry niet wezen, in geen enkele van hun 281 afleveringen.

Nog een verschil: over het binnenleven van de nieuwe commissaris Siska (Peter Kremer) komt de kijker vanavond direct al veel meer te weten dan hij ooit van het duo Derrick/Harry wist. Hij is een in zijn priveleven zwaarbeproefde man die zich - Duitse symboliek - uit een stadje in het Roergebied (Mulheim) naar de Beierse metropool Munchen laat overplaatsen om daar als politieman en mens opnieuw te beginnen. Flinke kerel een beetje zelfs zo'n vertrouwenwekkende piloot uit die mooie reclames van de luchtvaart, maar met een gekwelde, zoekende blik en tamelijk zwijgzaam. Hij spreekt ook nog zacht, wat na al dat leed begrijpelijk is maar toch voor niet-Duitse kijkers een nadelig verschil met de luid en langzaam hoogduits sprekende Derrick oplevert.

Herbert Reinecker inmiddels een gevorderde tachtiger, is een zeer beweeglijke veelschrijver die allerlei genres met succes probeerde maar wiens boodschap niet erg veranderde sinds hij in 1938 (!) met Die grosse Wandlung naam maakte. De historische decors in Reineckers lange Duitse leven veranderden natuurlijk wel.

De titels van zijn werkstukken weerspiegelen een pragmatische natuur die steeds oog hield voor wat in het burgerlijke Duitsland als goed en kwaad gezien werd. Zijn carriere loopt van nazi-propagandawerk als Panzermanner an die Front! (begin jaren veertig), de verzetsfilm Canaris (1954) en een rij Winnetou-films naar series als Traumschiff en Der Kommissar, waarin Erich Ode als kleine burgerman-commissaris met platte pet de voorloper van Derrick en ook al chef van die arme Harry was. Derrick werkte daarna op een ander, aangepast niveau, namelijk in de dure wijken van Munchen tegen misdaden van `andere', slechte rijke mensen jegens `gewone', dus `goede' arme stakkers. Geen wonder dat alle stakkers van de wereld zich aangedaan verenigden en voor mooie kijkcijfers zorgden.

Wie zo wil kan in de debuterende commissaris Siska vanavond Reineckers signaal zien dat het Duitse decor kort voor de eeuwwisseling om een nieuwe aanpassing vraagt. Hij kan niet hebben geweten dat rood-groen in Bonn zou gaan regeren nadat Kohl - bewonderaar van Derrick - als eerste bondskanselier rechtstreeks door kiezers was weggestuurd. Niemand keek daarvan op, want Duitsland is een halve eeuw later `normaal' geworden. Zo normaal dat Derrick niet alleen genoeg had van Reinecker, maar Reinecker voor zijn boodschap aan de kijkende medemens zelf vermoedelijk ook een andere, `normale' commissaris nodig had.