Citaat?; Berichten uit de branche

`De sensatie van de Buchmesse...poetisch en beeldend...dwingt bewondering af'.Met deze citaten, toegeschreven aan Vrij Nederland-recensent Carel Peeters, brengt uitgeverij Vassallucci sinds vorige week Het huis van de zeven zusters van debutante Elle Eggels in advertenties aan de man. Een normale werkwijze, ware het niet dat Peeters in zijn bespreking geen spaan heel liet van het boek. `Als poging tot een boek is het aandoenlijk, maar de quasi-literaire stijl smoort de aandoening.'

De geciteerde passages zien er in hun oorspronkelijke context anders uit. Peeters schreef drie weken geleden dat de uitgeverij verwachtte dat het boek `een sensatie zal zijn op de Frankfurter Buchmesse'. Volgens hem schreef Eggels als een dilettante `die soms in de ik-vorm schrijft, dan weer een te veel wetende alleswetende verteller is, die poetisch en beeldend wil schrijven en dan zwaar begint te overdrijven.' En: `Alleen de hoeveelheid gekeutel dwingt bewondering af, het gaat maar door.'

Het gebruik van uit hun verband gehaalde positieve citaten uit negatieve kritieken komt in de theater- en filmwereld wel vaker voor, maar is nieuw in de literatuur. `Ik vind het malicieus', zegt Carel Peeters. `In die advertentie staat iets heel anders dan wat ik over het boek heb geschreven. Een dergelijke advertentie is duidelijk bedoeld om een reactie uit te lokken.' Vandaar dat Peeters niet van plan is iets tegen de uitgever te ondernemen. `Dan zou ik ze juist hun zin geven. Hier is over nagedacht.'

Weldoordacht of niet, bij de uitgeverij is men erg enthousiast over de eigen vondst. `Prachtige advertentie toch?' lacht een woordvoerder van Vassalluci. De bedenker van de advertentie, directeur Oscar van Gelderen, is deze week afwezig. Dinsdag haalde hij wel stevig uit naar Carel Peeters in een interview met Het Parool: `Peeters ziet schrijvers als wereldvreemde, pijprokende op zolder wegkwijnende heertjes die zich in alle eenzaamheid wijden aan literatuur met een grote L (...). Hij hanteert zijn eigen tekstuele meetlat. Nou, laat hij die meetlat maar in z'n reet steken.'

Wat zakelijker verwijt Van Gelderen de recensent dat hij voorbijgaat aan de toegevoegde waarde van de levensgeschiedenissen van auteurs als Elle Eggels en Lulu Wang.

Peeters reageert: `Literaire kritiek is in het algemeen een kwestie van eenvoudig lezen met gevoel en verstand. Als een boek onhandig geschreven is, dan ben ik niet gevoelig voor eventuele extra's. In andere kunstvormen is het normaal om harde oordelen te vellen. Er is nu een tendens om ook voor niet-literatuur het predikaat van literatuur met een grote L te verlangen, omdat het prestige verleent. Iedereen wil alles voor niets.'